Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SOLDAA02 - Tweede vertelling

Een sprookje (boek), 1804

HondDood.jpg
Soldaats1.jpg
Soldaats2.jpg

Hoofdtekst

Tweede vertelling
Daar waren eenmaal een hond en een musch en die gingen met malkander uit te vreijen en toen ze een wijltijd gelopen hadden kregen zij ook honger. Toen dachten zij dat als de musch in de schoorsteen vloog en maakte de strik van het spek los en dat de hond dan over de achterdeur heen spronk en vong het spek onder de schoorsteen en toen ging dat aan en toen de hond daarbij het vuur kwam zat de vrouw daar te spinnen en er stond een brijpot bij het vuur te koken en toen de vrouw de hond zag smeet zij de hond en gooide een stuk uit de brijpot maar de hond wilde niet weg eer het spek er aan vallen kwam en toen kwam het spek er aan en de hond nam het in de bek en spronk er met over de deur heen, en toen gingen zij met malkander in het wagenspoor liggen en aten en de hond at hem zoo dik dat hij niet weer uit het wagenspoor komen kon maar de musch zeide dat hij kon altijd wat weer krijgen en toen kwam de boer er aanjagen met een wagen en toen riep de musch jaag mijn makker niet over maar de boer dacht niet aan de musch en joeg de hond over dat de darmen hem uit het lijf liepen en de hond was dood, en toen werd de musch zoo kwaad op de boer dat hij ging op zijn beste paard zitten op de kop en pikte hem het eene oog uit en toen wilde de boer naar de musch houwen en hieuw zijn paard dood. toen was de boer verlegen en hij was zoo kwaad op de musch en ging naar huis en toen vloog hem de musch al agter na en ging ook met hem in huis en toen de boer in huis was zeide hij tegen de musch ik wol dat ik die had.
Toen zeide de musch zet daar maar een strik op de kast daar zal ik invliegen en toen de musch er in en de boer kreeg hem en zeide nu weet ik niet wat ik van kwaadheid die doen zal toen zeide de musch eet mij maar levendig op en de boer at hem op en toen kreeg de boer kakkennood en toen zeide hij tegen zijn wijf dat zij zoude oppassen of de musch er ook uit kwam en toen zeide het wijf daar komt hij aan en het wijf had de bijl metgenomen zal ik maar toehouwen toen zeide de boer ja en het wijf hieuw toe, en de musch bukte zich wat naar achteren en toen hieuw het wijf de boer een plak van het gat of en de musch vloog weg en zeide nu hebt gij doch een stuk tot de brijpot uit en uw beste paard dood en een plak van het gat af.

Onderwerp

AT 0248 - The Dog and the Sparrow    AT 0248 - The Dog and the Sparrow   

ATU 0248    ATU 0248   

Beschrijving

Een hond en een mus gaan erop uit. Om aan eten te komen spreken ze af dat de mus het spek in de schoorsteen losmaakt en dat de hond het onder de schoorsteen opvangt. Dit plan lukt en ze gaan in een wagenspoor liggen en eten zich zo rond dat de hond niet meer uit het wagenspoor kan komen. Een boer rijdt met zijn wagen over hem heen zodat hij dood is. Uit wraak pikt de mus een oog van het paard eruit. Als de boer de mus wil doden, slaat hij per ongeluk zijn paard dood. Thuis vangt de boer de mus in een strik, op aanraden van de mus zelf, en eet hem op. Daarna moet hij echter gelijk poepen en hij geeft zijn vrouw de opdracht de mus dood te slaan met een bijl als hij eruit komt. De vrouw slaat echter per ongeluk een stuk bil van de man eraf.

Bron

E.J. Huizenga - Onnekes: Het boek van Trijntje Soldaats. Groningen, 1928, p. 6 e.v.

Motief

N261 - Train of troubles from sparrow‘s vengeance.    N261 - Train of troubles from sparrow‘s vengeance.   

Commentaar

1804
The Dog and the Sparrow

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20