Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ESOPET07

Een sprookje (), 13e eeuw

Hoofdtekst

Het was .i. dief die huwen soude
doer sinen wille ende doer sine houde
quamen siere ghesellen vele
150 te siere brulocht te sinen spele
dit sach .i. vroet man ende seide
dit spel mach wel vergaen te leide
hoert na mi wel lieue ghebure
ic sal v segghen .i. auenture
155 die sonne wilde tenen tiden beghinnen
huwen ende kinder winnen
hare ghebure seider ieghen
hoe souden wi dat ghedoghen mede
al es die sonne nv allene
160 si verbornt ons ghemene
of si dan kinder heeft
so ne ontgaet haer man die leeft
dus segghic v van desen dief
al es v nv die brulocht lief
165 die kinder selen haren vader slachten
alsoe vele te meer moeten wi ons wachten
van dinghen es blide menech man
daer hi luttel winnet an

Beschrijving

Een dief treedt in het huwelijk en al zijn vrienden komen mee feestvieren. Een wijze man ziet dit feest aan en waarschuwt voor de gevolgen. Hij maakt een vergelijking met de zon, die ook wilde trouwen, maar door zijn kinderen, werd de aarde verbrand. Ook uit het huwelijk van de dief zullen kinderen komen die op hun vader lijken.

Bron

handschrift UB Leiden Ltk. 191 (95r-103v)

Commentaar

13e eeuw
Voor een teksteditie zie Esopet. Ed. G. Stuiveling. Amsterdam 1965. Deel 2.
Zie ook: J.A. Schippers, Middelnederlandse fabels: studie van het genre, beschrijving van collecties, catalogus van afzonderlijke fabels. Nijmegen 1995. nr. 75. Dief die wil trouwen.
Brigitte Derendorf, `Anmerkungen zum mittelniederländischen Esopet'. In: R. Damme e.a. (red.), Franco-Saxonica. Münstersche Studien zur niederländischen und niederdeutschen Philologie. Jan Goossens zum 60. Geburtstag. Neumünster 1990. p. 285-308.

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21