Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ESOPET21

Een sprookje (), 13e eeuw

Hoofdtekst

Een esel sprac tenen liebart
van mi selen sijn veruart
beesten vele ic saelti toghen
480 op ghenen berch vor dinen ogen
doe seide die liebart tsinen scerne
her esel dit sagic gherne
alsi op den berch waren
begonste desel soe ghebaren
485 dattie hasen harentare
ende die geeten vloen van vare
her esel sprac die liebart
ic ware oec van v veruaert
maer onse vrienscap es soe goet
490 ic hope dat ghi mi niet en doet
die luttel mach ende beroemt vele
hets recht dat men met hem spele
wachtens hem dies hem beroemen
men sieter niemen ere af comen

Beschrijving

Een ezel laat aan een leeuw zien hoe hij alle dieren kan wegjagen met zijn gebalk. De leeuw doet alsof hij ook bang is voor de ezel, maar lacht hem eigenlijk uit om zijn opschepperij.

Bron

handschrift UB Leiden Ltk. 191 (95r-103v)

Commentaar

13e eeuw
Voor een teksteditie zie Esopet. Ed. G. Stuiveling. Amsterdam 1965. Deel 2.
Zie ook: J.A. Schippers, Middelnederlandse fabels: studie van het genre, beschrijving van collecties, catalogus van afzonderlijke fabels. Nijmegen 1995. nr. 102. Balkende ezel en leeuw.
Brigitte Derendorf, `Anmerkungen zum mittelniederländischen Esopet'. In: R. Damme e.a. (red.), Franco-Saxonica. Münstersche Studien zur niederländischen und niederdeutschen Philologie. Jan Goossens zum 60. Geburtstag. Neumünster 1990. p. 285-308.

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21