Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ROODKAPJE213 - Kompas sprookjesboek

Een sprookje (boek), 1945

Hoofdtekst

Kompas sprookjesboek

1945




Roodkapje


Heel, heel lang geleden, in de tijd dat de dieren nog konden spreken, was er een klein meisje, dat Roodkapje genoemd werd. Die naam had zij te danken aan het rode kapje, dat Moeder voor haar gemaakt had en dat zij altijd droeg als ze boodschappen moest doen of naar haar Grootmoeder ging.


Op zekeren dag moest ze weer eens Grootmoeder toe, want die was ziek en Moeder wilde dat ze haar wat lekkere wafels, eieren en een flesje appelwijn bracht. Moeder deed alles in een mandje en voordat Roodkapje op weg ging zei ze nog: "Roodkapje, meisje, denk er om dat je niet door het bos gaat, want dan kom je misschien de boze wolf tegen. En voor dat lelijke beest moet je heel erg oppassenI" Roodkapje beloofde niet door het bos te zullen gaan en daar vertrok ze dan met het mandje aan haar arm naar Grootmoeder.


Langs de weg zag ze veel mooie bloemen staan en ze besloot daarvan een bos voor Grootmoeder te plukken. Dat deed ze, maar .... daarbij lette ze niet op of ze wel de goede weg liep en zo gebeurde het, dat ze opeens merkte, dat ze midden in, het bos terechtgekomen was. Maar dat was niet het ergste! Het ergste was, dat opeens de wolf tevoorschijn kwam, waarvoor Moeder haar nog zó gewaarschuwd had! De wolf ging naar Roodkapje toe en hij deed helemaal niet boos, maar vroeg met een lief stemmetje: “Zo, Roodkapje, waar ga jij naar toe?" “Ik ga naar Grootmoeder. Ze is ziek en Moeder heeft mij gezegd, dat ik haar dit mandje met wafelen en eieren moet brengen." "Zo, is Grootmoeder ziek? En waar woont je Grootmoeder, Roodkapje ?" Toen vertelde Roodkapje waar het huisje van Grootmoeder stond. “Dan wens ik je verder goede reis, hoor” zei de wolf zo vriendelijk hij maar kon en liep vlug heen.


Moeder had gelijk gehad dat de wolf een slecht dier was, ook al deed hij vriendelijk. Want de wolf liep zo vlug mogelijk naar het huisje van Roodkapje’s Grootmoeder en klopte aan de deur. "Wie is daar?", vroeg een zwakke stem. "Ik ben het Grootmoeder, Roodkapje!" "O, trek maar aan het touwtje, dan gaat de deur vanzelf open!" Dat deed de wolf en toen de deur openging rende hij naar binnen en vóórdat Grootmoeder begreep wat er gebeurde, had de wolf haar met een paar geweldige happen opgeslokt! De boze wolf was nog niet tevreden, want hij wist dat straks Roodkapje zou komen en daarom zette hij een muts en de bril van Grootmoeder op, ging op het bed liggen en wachtte op de dingen die komen zouden.


Het duurde niet lang of daar werd geklopt. "Wie is daar?", vroeg de wolf en hij probeerde de Stem van Grootmoeder na te doen. "Ik ben het Grootmoeder, Roodkapje!", klonk het van buiten. “O, trek maar aan het touwtje, dan gaat de deur vanzelf open!" Roodkapje deed dat en kwam de kamer binnen. Wat zag Grootmoeder er vreemd uit! Ze ging naar het bed toe en keek erg verbaasd. "Grootmoeder , zei ze, “Wat hebt U, grote oren!” "Dat is om je beter te kunnen horen", antwoordde de wolf. "En Grootmoeder, wat hebt U een grote ogen!" "Dat is om je beter te kunnen zien!" "Maar Grootmoeder, wat hebt U een grote neus!" "Dat is om beter te kunnen ruiken!" "En Grootmoeder .... wat hebt U een grote mond!” "Dat is om je beter te kunnen opeten!”, riep de wolf uit en meteen sprong hij uit het bed en hapte ook de kleine Roodkapje op! Toen ging hij boven op het bed liggen en viel in een diepe slaap.


Moeder begreep maar niet waar Roodkapje zo lang bleef en omdat ze ongerust was vroeg ze een jager eens naar het huisje van Grootmoeder te gaan. Dat deed de jager en toen hij, in het huisje gekomen, de wolf op het bed zag liggen, begreep hij wat er gebeurd was. Hij nam zijn mes, sneed de buik van de boze wolf open en daar kwamen Grootmoeder en de kleine Roodkapje, gelukkig nog springlevend, te voorschijn! Wat een blijdschap! De jager tilde Roodkapje op en keek haar ernstig aan. "Dat is nog goed afgelopen Roodkapje", zei hij, "maar je moet in het vervolg goed oppassen en doen wat Moeder zegt, hoor!" Dat beloofde Roodkapje en toen de jager haar weer neer gezet had, kroop ze vlug op Grootmoeders schoot.


En de wolf?… Wat gebeurde daarmee? De jager had een heleboel zware stenen in zijn buik gedaan en die toen weer dichtgenaaid. En toen dat gebeurd was joeg hij de wolf het bos in. Het ondeugende beest liep naar een diep bosmeer, want hij had erge dorst gekregen. En toen hij zich voorover bukte om te drinken, rolden de stenen in zijn buik allemaal naar voren zodat de wolf in het water viel en verdronk. Hij had zijn verdiende loon.


Dat Moeder blij was toen de jager Roodkapje weer gezond en wel thuis bracht kun je natuurlijk wel begrijpen ......

Onderwerp

ATU 0333    ATU 0333   

Beschrijving

Roodkapje ging naar de woning van haar grootmoeder. Toen ondekte zij een wolf, deze verslinderde haar in een hap. Toevallig kwam een jager aan en ondekte de wolf in een diepe slap. Hij sneed de buik van de wolf open en Roodkapje en haar grootmoeder kwamen er springlevend en gelukkig uit.

Motief

J21.5 - ”Do not leave the highway“:    J21.5 - ”Do not leave the highway“:   

B211.2.4 - Speaking wolf.    B211.2.4 - Speaking wolf.   

K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.    K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   

Naam Overig in Tekst

Roodkapje    Roodkapje