Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ROODKAPJE420 - ROODKAPJE

Een sprookje (boek), 1950

Hoofdtekst

ROODKAPJE.

Er was eens een klein meisje, dat met haar ouders aan de rand van een groot bos woonde. Ze droeg altijd een rood mutsje en daarom noemde iedereen haar Roodkapje. Op een mooie dag had Moeder heerlijke wafels gebakken. Je weet wel, van die goudgele brosse wafels, waar jullie allemaal veel van houden. "Weet je wat, Roodkapje, breng er eens een paar van naar Grootmoeder, die is al zo lang ziek." Moeder pakte de wafels in een schone doek en deed er ook nog een pot met jam bij. "Zal je goed uitkijken onderweg, en niet van het pad afgaan?" Roodkapje beloofde dat en ging met haar mandje op weg.

Maar onderweg zag ze toch zulke prachtige madelieven in het bos staan, dat ze even van het paadje afliep om ook nog een bosje bloemen voor Grootmoe te plukken. Ze zag telkens weer een mooiere bloem en zo kwam het, dat ze opeens midden in het bos stond en de weg naar Grootmoeders huisje niet meer wist. Daar kwam iemand aan .... maar, o wee! het was de boze wolf! Met een heel vriendelijk stemmetje vroeg het kleine meisje : "Meneer Wolf, weet U ook hoe ik bij het huisje van Grootmoe kan komen?” "Zeker wel, Roodkapje," bromde de wolf en wees met zijn staart hoe het meisje lopen moest. "Dank U wel!” riep Roodkapje en holde weer verder. Maar de lelijke wolf had begrepen, dat ze naar haar Grootmoeder toeging en hij vond, dat hij haar dan wel eens kon plagen. Natuurlijk liep zo'n wolf veel harder dan een meisje met een mand met wafels ......

Zo kwam het, dat de wolf veel eerder bij de oude Grootmoe was, dan Roodkapje. Hij klopte op de deur en Grootmoeder riep: "Ben jij daar kind, trek maar aan het touwtje, dan zal de deur van zelf wel open gaan." De wolf deed dat, sprong naar binnen en .... at de Grootmoeder op met huid en haar! Toen ging die lelijkerd in het bed liggen en wachtte op Roodkapje. Even later hoorde hij haar aankomen en zachtjes op de deur kloppen. Hij kroop diep onder de dekens en trok de slaapmuts stevig over zijn zwarte oren, dan riep hij met een piepstem: “Ben jij daar kind, trek maar aan het touwtje, dan gaat de deur van zelf open." Roodkapje zette haar mand op tafel, maar toen ze bij het bed ging zitten, vond ze toch wel dat Grootmoeder er vandaag vreemd uitzag ......

Ze keek eens voorzichtig onder de muts en vroeg: “Grootmoeder, wat hebt U een grote ogen!” "Ja, dat is om goed te kunnen zien." "Maar Grootmoeder, wat hebt U een grote mond ..... " Toen sprong de wolf met een grote sprong uit het bed en brulde: "Dat is om jou op te eten!” En hij deed het meteen. Maar juist toen dat gebeurd was, ging de deur open en wie denk je dat daar binnen kwam? De Vader van Roodkapje, die was jager. Hij keek eens naar de lelijke wolf, met zijn dikke buik en toen hij de lieve Grootmoeder niet zag, begreep hij meteen dat er hier iets niet in orde was. Hij nam daarom zijn geweer .... laadde ..... en schoot! Plof, daar lag de nare wolf dood op de grond. De Vader nam een groot mes en sneed met een flinke snee zijn bolle buik open ....

Daar stapte gelukkig Roodkapje weer tevoorschijn! Ze had het wel een beetje benauwd gehad, maar verder was er niets met haar gebeurd. "Wacht, Vader, help eens, dan trekken we Grootmoeder er ook nog uit!” riep ze en warempel, daar was Grootmoeder ook weer.

Ze waren allebei een beetje geschrokken, maar Grootmoeder werd al gauw weer in bed gelegd en ze kregen nu allebei een lekkere wafel uit de mand, want die had de wolf niet meer op kunnen eten. Roodkapje vertelde alles wat er gebeurd was en haar Vader merkte nu, dat hij maar precies op tijd was geweest. "Maar Roodkapje, je mag er voortaan toch wel aan denken, dat je niet meer van het paadje afloopt en precies doet wat Moeder zegt. Gelukkig is het deze keer allemaal nog goed afgelopen, maar een volgende keer zou het wel eens niet zo mooi kunnen gaan." Roodkapje beloofde dat natuurlijk vlug aan Vader en ze heeft dan ook nooit meer een wolf ontmoet.

Onderwerp

ATU 0333    ATU 0333   

TM 3402 - De kinderschrik    TM 3402 - De kinderschrik   

Beschrijving

Roodkapje ging met een mandje met wafels en een pot jam op weg naar haar zieke grootmoeder. In het bos kwam ze de wolf tegen. De wolf snelde vooruit naar grootmoeders huisje en at grootmoeder op. Toen Roodkapje aankwam, had de wolf zich vermomd als grootmoeder en at hij ook Roodkapje op. De vader van Roodkapje schoot de wolf dood en bevrijdde Roodkapje en grootmoeder uit de buik van de wolf.

Bron

Roodkapje. Nijmegen v. d. Zand [195-]

Motief

B211.2.4 - Speaking wolf.    B211.2.4 - Speaking wolf.   

K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.    K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   

J21.5 - ”Do not leave the highway“:    J21.5 - ”Do not leave the highway“:   

Naam Overig in Tekst

Roodkapje    Roodkapje