Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VODA_012_19

Een sage (mondeling),

Hoofdtekst

Ik had een paarenstal- oh ja, en dat verhaal, maar dit is uit de, uit de Pelendam, hè? En dat heb ik dus eigenlijk uit de eerste hand, want dat is, want dat moet je- dat moet u dadelijk straks wegknippen hoor. Dat is em, ik heb een schoonzusje uit Sevenum, en bij die haar moeder thuis is dat gebeurt, hè? Dus dat was dan de familie Vullings, daar was dat gebeurd. Daar ging al het vee ging dood in de stal, en ze waren goede boeren, en ze waren goed voor de dieren, en iedere Kerst stierven die dieren maar. En eh ja, toen konden ze niet gebruiken, die waren aan een bepaalde ziekte gestorven, dan werden die een eind van het huis af, weet je wel, bij zo’n stuk ruw land, werden die dan begraven. En ieder keer opnieuw gingen ze dood. Toen hebben ze daar een pastoor bij gehaald, of een pater overste, dat weet ik niet precies, en die zei tegen die, eh, eh tegen die moeder van … nou … die moeder, die schoonmoeder eigenlijk dan eh, van m’n broer, zei die, eh: ‘ge moet de hele potstal’ –want vroeger hadden ze potstallen, weet je wel, die waren heel diep en daar kwam iedere keer maar mest bovenop, hè? ‘Moet die hele potstal hélemaal eens uitruimen, en dan eens kijken wat je vindt.’ Toen heeft ze dat gedaan, en toen lagen onder [bonk op hout tegelijk met het woord ‘onder’] op de bodem [bonk op hout tegelijk met de eerste lettergreep van het woord ‘bodem’] van die potstal [bonk op hout tegelijk met de eerste lettergreep van het woord ‘potstal’], daar lagen al de beenderen van die gestorven runderen, en eh die misschien honderd meter verder ergens begraven waren, die lagen der allemaal. Die werden der uit geschept en verbrand, met de pater derbij, de pater zegende de stal, en der gebeurde verder niets meer, al het … eh vee groeide en bloeide, kan ’k wel zeggen. En dat, dat is eigenlijk dus, ko- zou je bijna kunnen zeggen uit de eerste hand, hè, want dat was mijn schoonzusje, en daar, bij haar moeder thuis, was dat gebeurd. Zo was dat.

Beschrijving

Het vee sterft. De pastoor stelt dat de potstal leeggeruimd moet worden. Op de bodem worden beenderen van het gestorven vee gevonden, die op grote afstand waren begraven. De pastoor zegent de stal en het vee blijft in het vervolg gezond

Bron

Radio-uitzending Vonken onder de As (NOS)

Naam Overig in Tekst

Vullings    Vullings   

Naam Locatie in Tekst

Sevenum    Sevenum   

Plaats van Handelen

Sevenum {Limburg)    Sevenum {Limburg)