Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KROSENBRINK00512

Een sage (mondeling), zaterdag 12 mei 1962

Hoofdtekst

Op ne mölle bi’j Silvolde kwam ne ni’jen möldersknech. Den olden knech veurspellen al wal, dat e daor neet lange zol blieven. Ut zal mi’j is ni’jen of i’j ut daor lange volholdt. Maor den knech was neet bange. Den earsten den besten nach, ton e drok an ut malen was, kwam der ne katte bi’j um. Den knech nam ne mealzak en flearn der de katte met umme den kop. De katte begon opins te praoten en zea: At straks ut olde griezeken maor is kump, dee zal ow wal. Den knech maken zich hellug en nam zien mes, heeuw der met van zich af en sloog de katte ne poot af. De katte schreeuwen en vloog weg. Den poot stok de knech in ziene tasse. Den andern morgen ton e op ut möldershoes kwam, lag de grotmoder in bedde. Tone vroog, wat of eur fealen, zea’n ze dat ze zich slim in de hand esneane had. Ne vinger der knats af. Ton gaf den knech den poot an de mölder, ant ut was de grotmoder ewes, dee ‘snachens bi’j um op de mölle was ekom’ne.

Beschrijving

Bij de molen bij Silvolde kwam eens een molenaarsknecht. De oude knecht voorspelde dat hij niet lang zou blijven. Toen de knecht de eerste nacht aan het malen was, kwam er een kat bij hem staan, die hij sloeg met een meelzak. De kat begon opeens te praten, dus de knecht nam zijn mes en hakte de poot van de kat eraf. De kat vluchtte en de knecht stopte de poot in zijn tas. De volgende morgen vond hij in het molenaarshuis de grootmoeder in bed. Ze had haar vinger eraf gesneden. De knecht gaf de poot aan de molenaar, want het was de grootmoeder die 's nachts als kat bij hem was gekomen.

Bron

Corpus Krosenbrink, verslag 5, verhaal 12 (archief Meertens Instituut)

Commentaar

Verhaal van vrouw Geurkink

Naam Locatie in Tekst

Silvolde    Silvolde   

Plaats van Handelen

Silvolde    Silvolde