Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CJ034524

Een sage (mondeling), vrijdag 01 maart 1968

Hoofdtekst

Der wie in faem, dy sei: Ik wol joun in frijer ha, as wie 't de duvel. Doe kom der de jouns ien by de doar. De frou sei: Dit liket net bêst, hy hat in knolpoat. 't Is de duvel. Doe wie de faem bang.
De faem hat doe diggelguod foar syn fuotten kapot smiten en doe is er wer fuort gong.

Onderwerp

AT 1187* - Unfinished Work    AT 1187* - Unfinished Work   

ATU 1187*    ATU 1187*   

Beschrijving

Een gefrustreerd meisje roept wanhopig zelfs de duivel wel als vrijer te willen hebben. Prompt verschijnt er een mannetje met een paardenpoot bij de deur. Het mannetje – de duivel – staat al klaar om het meisje mee te nemen. Het meisje gooit aardewerk aan diggelen. De duivel druipt af omdat hij niet wil wachten tot alles opgeruimd is.

Bron

Collectie Jaarsma, verslag 345, verhaal 24 (archief MI)

Commentaar

1 maart 1968
Unfinished Work

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21