Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

TINNEV290

Een sage (boek),

Hoofdtekst

276.
De heer Reuling (1893-1964) woonde in de buurtschap Dijk tegenover het terrein waarop tot ongeveer 1500 het kasteel Didam stond en tot 1606 de "Meurse Toren" (de donjon van het kasteel). De stendermolen, die bij het kasteel hoorde, waaide in de 16de eeuw om. Het perceel, waarop die molen stond, heet nog de Molenkamp. De heer Reuling vertelde dat op die plaats "een möl ien de grond verzonken is".
Na het slopen (in 1606) van de bouwvallige Meurse toren verscheen in meerdere historische werken een verhaal, waarvoor H. Groenen (secretaris van de graaf van den Bergh) de gegevens had verstrekt. Bij het slopen vond men onder een gewelf in de toren "een dood lichaem in volkoemen wesen, bloot op het stroy; 't welk echter, wanneer de metzelaers daer bij quamen, voorts van een viel en verdween. Rondom het lichaem zagh men verscheyde aerde potiens, gebeente van gevoghelte en andere dieren". "Dit zoude zijn het lichaem van Drusus" (volgens de historicus Van Slichtehorst).
Zou er verband bestaan tussen dit verhaal en de vertelling, die C. van Zimmeren (1881-1957) mij deed? De heer Van Zimmeren is in Gastel (N.B.) geboren, maar vestigde zich reeds omstreeks 1900 als onderwijzer in Didam. Daar huwde hij met mejuffrouw M. Nova, die tegenover de kerktoren woonde en wier ouders en grootouders meer dan een halve eeuw de klokken van de toren luidden.
De heer Van Zimmeren vertelde:
Lang geleden stonden er in Didam veel kastelen, die door roofridders werden bewoond. Op een keer was zo'n ridder verliefd geworden op de dochter van een naburige ridder. Het meisje wilde echter niets van hem weten. Daarom schaakte hij haar en liet haar opsluiten in een kelder onder de Diemse toren. Daarna liet hij de kelder dichtmetselen. Eeuwen later werkte een metselaar in het torenportaal. Toen hij een ladder op de vloer plaatste, klonk het daaronder hol. Hij ging op onderzoek uit en ontdekte de kelder, waarin het lijk van de freule lag alsof het nog volkomen gaaf was. Maar toen hij het aanraakte, viel het in stof uiteen.

Beschrijving

Bij het slopen in 1606 van de Meurse toren vond men onder een gewelf een gaaf lijk, naakt op het stro, dat bij aanraking echter uiteenviel. Dit lijkt sterk op het verhaal van de heer van Zimmeren over een door een ridder geroofde en ingemetselde vrouw.

Bron

Vertellers uit de Liemers samengesteld door A. Tinneveld, Wassenaar 1976, p.237

Naam Overig in Tekst

Reuling    Reuling   

Meurse Toren    Meurse Toren   

Molenkamp    Molenkamp   

Groenen    Groenen   

Bergh    Bergh   

Drusus    Drusus   

Zimmeren    Zimmeren   

Nova    Nova   

Diems    Diems   

Naam Locatie in Tekst

Dijk    Dijk   

Didam    Didam   

Slichtenhorst    Slichtenhorst   

Gastel    Gastel   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20