Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CJ043311

Een sage (mondeling), woensdag 10 juli 1968

Hoofdtekst

Hindrik was een raar man. Hy ging eens naar Dútsland met een kammeraet. So maar op 'e dolleroes. "Sinten ha wy niet", sei er. "Wy kregen daar geen werk. Doe moesten wij weerom. Wij hadden ook honger.
We wouen graag een bytjen eten hebben. Doe zei 'k tegen mien kammeraet: 'Wyste wat? Ik sal sien dat ik wat stuut en bôlle krijg'."
Doe hij noar de bakker toe. Komt bij de bakker.
"Hè jou ook een poar stuuten en een paar bôllen feur mij?"
Doe sei de bakker: "Joawel."
Hij krijgt stuten en bôlle van de bakker en dy doet hij stevig aan weerszijden binnen in de jas.
En doe deed hij feur de broek los en sei:
"Zeg bakker, woar is jou kakhuus?
En anders skiet ik in 't bakhuus."
En hy hat de broeken al los en neergestroopt.
"Der uut! Der uut!" sei de bakker.
En Hindrik raakte der uut met de stuten en de bollen.


Beschrijving

Een man had eens honger en geen geld. Bij een bakker bestelde hij brood, en dit deed hij in zijn zak. Toen hij moest betalen, liet hij zijn broek zakken en hij zei: "Zeg bakker, waar is je kakhuis? En anders schijt ik in het bakhuis." De bakker gooide hem boos de winkel uit.

Bron

Corpus Jaarsma, verslag 433, verhaal 11

Commentaar

10 juli 1968

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21