Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

TAMB225 - Aerdige Klucht van een Schilder die sijn Macker vergulde.

Een mop (kluchtboek), 1659

Hoofdtekst

Aerdige Klucht van een Schilder die sijn Macker vergulde.
Een seecker Schilder tot Enghuysen des avonts by de Strate gaende, hebbende noch een gesel by hem die hem gelijck was, als men seght, ghelijck soeckt ghelijck, als de Duyvel seyde, gelijck vindt ghelijck, doen sagh hy een Koolbrander. Dese twee resolveerden om een praetjen te gaen, quamen voor een goet Mans deure, klopten daer aen, meenende dat de Dochter uyt komen soude, het welcke haer Vader niet wilde lijden; Sy daer over quaedt worden, resolveerden dat men haer een Bruydt voor de deure brenghen soude, te weten, een tonneken met stront, om haer voor de deure te brengen, t welck geschieden soude; De Schilder droegh het eerst een wijle, sette het doe op sijn Mackers hooft, die daer mede heen gingh: Hy ondertusschen een Wijn-verlaters Stock-mes by hem hebbende, hieuw de onderste hoepen van dat Tonneken, so dat de bodem in schoot, en liet sijn Macker daer met de kop inschieten, en liet hem daer alsoo met staen en ginck sijns weeghs. Sijn Macker niet wetende hoe het ghekomen was, riep om hulpe, tot dat [p. 223] de Ratel-wacht quam, die hem soo vergult vonden staen, en hem hielpen.

Beschrijving

Twee vrienden halen een grap uit. Als ze een volle kakton in handen krijgen, zet de ene hem op zijn hoofd. De ander maakt de banden los, zodat de bodem eruit zakt, en gaat er vandoor. De vriend wordt door de ontlasting 'verguld' en wordt geholpen door de ratelwacht.

Bron

Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen

Commentaar

1659

Naam Locatie in Tekst

Enkhuizen    Enkhuizen   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22