Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

TAMB236 - De een stoot de ander het Bot uyt de Neuse.

Een mop (kluchtboek), 1659

Hoofdtekst

De een stoot de ander het Bot uyt de Neuse.
Seecker Ionghman nae een jonge Dochter vryende, het welcke wat langhe duerde eer hy by haer in gunst konde geraecken, soo gebeurde het dat hy op een avont by haer quam, en hielt al sterck aen, quam op 't leste soo verr' dat hy by haer in huys geraeckte, (en alsoo sy te Antwerpen groote ghebouwen van huysen hebben, alwaer groote Kelders onder zijn, de welcke sy mede bewoonen) soo quam hy met haer in de Kelder, en met haer soetjes discoureerende van sijne liefde die hy haer toe droeg begon hy soo veel van haer te verwerven, dat hy te nacht precijs te een uure aen haer deure soude koomen kloppen, en de Maeght soude hem in laten, ende hem geleyden op de Kamer daer sy sliep, en als dan sijne vyerighe brandt te koelen, en sijne ruste te nemen in sijns Liefs armen. Het welcke een Fiel (soo men op sijn Antwerps seght) of een Vagebondt, die in het Kelder-gat lag, hoorde. Desen quant hem verstoutende, klopte aen de deure, soo dra als de klocke een uure geslagen hadde, de Meyt het kloppen hoorende, opende de deure, nam hem by de handt, ende gheleyde hem in donckeren [p. 233] (gelijck haer bevoolen was) op de Kamer by de voorsz Iuffrou: Hy by haer komende sweeg al stille, en trock hem uyt, ginck by haer onder ligghen, en koelde sijn brant met haer; sy noch niet wetende of het was haer Serviteur die sy bescheyden hadde: En alsoo hy dien nacht in Venus Boomgaert al vry veel gearbeyt hadde, begon hy in het eynde slaperigh te worden, en sliep tot den lichten morghen: Sy des morghens wacker wordende, sagh daer so een vreemt Bakhuys by haer liggen, verschrickte. Hy die sulcks hoorde, ontwaeckteterstondt, en seyde; Mijn alderliefste, indien ghy het doen woudt, ghy kondt my wel laten Schavotteren, maer wat is het, dan waert ghy selver oock geschendt. Doch sy een goet genoegen hadde, dat hy sijn boogh wel had konnen af-schieten, en bedenckende haer dat het doch niet goet konde komen, liet hem andere kleederen maken, trouwden hem voor haer Man. Maer d'ander klopte ondertusschen, doch en wierde niet in ghelaten, maer wierdt het bod uyt de Neuse ghestoten.

Beschrijving

Een jongeman spreekt met zijn meisje af dat hij 's nachts om een uur aan zal kloppen. De meid zal hem dan binnenlaten en naar haar slaapkamer brengen. Een zwerver hoort dit en hij klopt precies om een uur aan en kruipt bij het meisje in bed. De volgende dag ziet het meisje de zwerver bij haar in bed. Omdat ze niet te schande gebracht wil worden en het gebeurde niet kan veranderen, trouwt ze met hem.

Bron

Jan Pietersz. Meerhuysen, De geest van Jan Tamboer of Uytgeleeze stoffe voor de klucht-lievende ionckheydt, Amsterdam, 1659, drie delen

Commentaar

1659

Naam Overig in Tekst

Antwerps    Antwerps   

Naam Locatie in Tekst

Antwerpen    Antwerpen   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22