Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

VVUNL318 - De duivelskaerel van Brunssum

Een sage (almanak), januari 1926

Hoofdtekst

De duivelskaerel van Brunssum

Op de staatsmijn Hendrik te Brunssum werkte, in de eerste jaren dat deze mijn in exploitatie was gekomen, een arbeider, stutter van professie en, naar men zegt, een Duits-Pool van nationaliteit. Hij zette per dienst drie bouwen (stutten), waardoor hij per dienst een loon kon verdienen van 20 gulden wijl dit werk in akkoord werd gegeven; andere stutters, vaak samenwerkend, konden met flink werken slechts per man een dergelijke bouw zetten. Hij had slechts een jongen bij zich, die wel het hout voor de bouwen moest aanslepen, doch die hij steeds deed verwijderen als hij de bouwen zette.
Natuurlijk dwong dit de verwondering af van zijn opzichter en men verlaagde het akkoord tot een belachelijk klein bedrag. Maar hij zette toen per dienst tien bouwen, en verdiende meer dan voorheen.
Dat was te kras! En de opzichter zou met een zijner schietmeesters dat zaakje eens beloeren; zij verscholen zich vóór de aanvang van de nachtdienst, in welke de 'duvelskaerel' werkte, tussen twee staande stempels in de gang, zó dat men hen bij het passeren noch anderszins niet kon zien. Doch als de stutter in kwestie, die niet kon weten dat men hem wilde bespieden, de mijnlamp op zijn kist had gezet, stapte hij onmiddellijk op de twee verscholenen toe, en zeide hun: 'Komt er maar uit, want ge doet die moeite voor niets: zolang ge hier blijft, werk ik niet.'
Een andere maal hield men hem lang van zijn werk, maar toch had hij bij het einde van de dienst de tien stutten gezet. Een tweede maal verlaagde men het akkoord; hij zette toen twintig bouwen, en de jongen kon soms niet genoeg hout bijgesleept krijgen.
Of deze mijnwerker er nog werkt? – Hij is (natuurlijk nú) weg; en het heet omdat zijn papieren niet in orde waren. Maar er zijn mijnwerkers die beter weten.

Wij hebben bij twee mijnopzichters van de staatsmijn Hendrik hiernaar geïnformeerd, de ene was een Hollander (d.i. voor een Limburger elke persoon die van hoger dan Venray en Venlo komt) en de andere een Limburger. En dit typeert zo psychologisch goed: de Limburger antwoordde me: 'Ja, daar moet wel zo iets hier zijn gebeurd. Ik heb vaker van de duvelskaerel gehoord, maar per se weten doe ik het niet,' terwijl de Hollander me zeide: 'Ach wat! geloof dat gebazel niet.'

Beschrijving

Een Pools-Duitse mijnwerker, die geweldig snel kon werken, liet zich niet bespieden en wordt de duivelskerel genoemd.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Nederlands Limburg, Utr./Antw.1981, 164 N°9.1

Motief

G303.9.3.3 - Devils help people at work, but are feared nevertheless.    G303.9.3.3 - Devils help people at work, but are feared nevertheless.   

F348.8 - Tabu: mortal for whom fairy works must not watch him at work.    F348.8 - Tabu: mortal for whom fairy works must not watch him at work.   

Commentaar

januari 1926
meegedeeld door J.B. te Brunssum en JU.H.J. te Terwinselen
zie: Lemmens, 1936, 53f.
Gerard Lemmens, "Limburgsche Mijnwerkers-sagen", in: De Nedermaas jg. 3 N°6 (januari 1926), 70

Naam Overig in Tekst

Hendrik    Hendrik   

Duits-Pool    Duits-Pool   

Hollander    Hollander   

Limburger    Limburger   

Naam Locatie in Tekst

Brunssum    Brunssum   

Venray    Venray   

Venlo    Venlo   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:22