Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0305 - 5.4. Wrekende heks gooit man in de sloot

Een sage (boek), 1955

Hoofdtekst

5.4. Wrekende heks gooit man in de sloot
Een oom van me, die waren mee ne man of drij, vier bij mekaren en die kwamen 's nachts van 't dorp af. Ze kommen een ouw vrouwke tegen en die aai d'r rok omhangen. Ze zeggen: 'Wie zou da zijn?' 'Ik zal is gaan kijken!', zegt er ene. Hij ga naar da wijfke en hij trekt van veur heure rok open. 'Zo', zegt ze, 'Ge moest al lang op 't bed liggen, die van jouwen ouwer, die slapen al lang'. 'En die van jouwen ouwer slapen ook al lang', zegt ie, 'As ge zo oud zij! Wat doede gij zo laat nog op 't straat?'
En die kerel gaat deur. En ineens slaagt ie van d' ander af: den ene sloot in, den anderen uit.
En 's morgens komt ie thuis en hoeng ie vol mee get, allemaal uit de sloot.

Onderwerp

SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste    SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   

Beschrijving

Man die vrouw beledigd moet door sloten lopen.

Bron

Willem de Blécourt. Volksverhalen uit Noord Brabant. Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 165

Motief

G269 - Evil deeds of witches--miscellaneous.    G269 - Evil deeds of witches--miscellaneous.   

G272.3 - Knife in bed as protection against witches.    G272.3 - Knife in bed as protection against witches.   

Commentaar

1955
Motief: G269 Evil deeds of witches: miscellaneous; vgl. G272.3 Ghost frightens people off bridge into stream
5
De verteller als tovenaar. Verhalen uit Ossendrecht en Woensdrecht
Verhalen verzameld door Marcel van den Berg bij zijn veldwerk voor zijn licentiaatsverhandeling in de Germaanse filologie aan de Katholieke Universiteit van Leuven. Vanaf 1950 vindt er vanuit Leuven een grootscheeps onderzoek naar volksoverleveringen (sagen) plaats, tot voor kort geleid door wijlen professor K.C. Peeters, thans door professor S. Top (zie o.a. Peeters 1959, Top 1979). Van den Berg was een van de eerste studenten dIe in dit onderzoek participeerde (1955). Bij wijze van proef breidde hij zijn onderzoeksgebied, de polders ten noorden van Antwerpen, uit naar Nederlands grondgebied. Hoewel de verhaalmotieven uit Ossendrecht en Woensdrecht (evenals de rest van Noord-Brabant) niet noemenswaard afwijken van wat er ten zuiden
van de grens wordt verteld, merkt hij desalniettemin op: 'Toch menen we ondervonden te hebben dat deze dorpen (Ossendrecht en Woensdrecht, WdB) zo maar niet in ons gebied mogen geïntegreerd worden; de sfeer, het landschap en de mens is er anders en veel contact is er niet tussen de dorpen onder en boven de grens' (1960: 26). Over de wijze van noteren schrijft hij: 'Wanneer ze begonnen te vertellen haalden we diskreet een klein notaboekje boven en registreerden zo trouw mogelijk: we noteerden de hoofdwoorden, de typische volkse gezegden. Thuis gekomen typten we iedere sage onmiddellijk op een steekkaart; de herinnering was nog levendig genoeg om de hiaten aan te vullen.
Nooit hebben we protest gekregen dat we nota namen' (1960: 29). 'Alle grote verzamelaars leggen nadruk op de getrouwheid bij het optekenen. De volkskundige heeft dus niet het recht ook maar enigszins aan de volkse uitdrukking te tornen. Maar de grote moeilijkheid is, dat men meestal niet vlug genoeg kan schrijven om alles op te tekenen. Wij maakten natuurlijk gebruIk van een aantal afkortingen. Gewoonlijk lieten wij onze zegsman achteraf nog eens opnieuw vertellen om hetgeen wij opgetekend hadden aan een kontrole te onderwerpen en indien nodig, hier en daar woorden aan te vullen' (geciteerd in Heupers 1979: 13). Zie verder: Van den Berg 1965, en het door hem uit zijn licentiaatsverhandeling samengestelde deel Volksverhalen uit Antwerpen in deze serie.
Andere Hexenkünste

Plaats van Handelen

Ossendrecht (Noord-Brabant)    Ossendrecht (Noord-Brabant)   

Kloekenummer in tekst

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20