Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

GELDOF005 - Een Zeeuws heksenproces

Een sage (boek), 1979

Hoofdtekst

Verlydt van Cathelynken onbert bij Brugge wede, wijlen Boudin Bernaart in zijn levene Draadtwerkere, Prochiaet in Westcappelle, gedaen bij heuren vrijen wel wetende wille den 9 en jann: en anderwerf den 17e daar aane dit jaar 1541.

De voorn: Cathalina onbaart bekend en verklaart hoe dat zij voortijds een tijd van Jaren geleeden bij den gerechte van 't proessche tot Brugge gecorrigeert heeft geweest omdat zij haar vervordert, en onderwonden hadde den luden raad en daad te gevene jedens zeericheijden, ziekten en quellingen met een Riemken ofte Lintjens te meten en trekken van der hant oef totten ellebogen met eenige woorden te verhalen daar zij een spelle in stak dewelke als die corde daar zij die gestecen hadde, haar kennisse gaff wat zij seggen zoude, ofte den luden wijs macken ofte verstaangeeven; oik van dat zij haar onderwant den luden te wijsen en wijs te maken van verloren ofte gestoole goederen, al bij ongeoorloofde en supersticieuze manieren jegen den eere van God almechtig, contrarie zijne geboden en oik bam der heyligen kerken en contrarie den kersten geloove, bij welke correctie haar zeer scherpelijk verboden was van meer te doene en dat hem een iegelijc wachten zoude aan haar zulks raad te begeeren, ofte neemen op gelijke, ende al was 't zoe dat zij haar daar af behoorde gwagt ende verdragen te hebbene nemermeer 's gelijke te doene; is daar vervallen van quade in erger en daar toe nog haar gemeene gemaakt met haeren lichame in ongebruikte metten boosen geest, en anderwerf bij den luden van sieckten, zeericheeden en haar dwalinge en supersticieuze werken te plegen van gelijke riemeken, coordeken ofte lintken als eer geplegen.

Waarom zij anderwerf geapprehendeert bij den schoutet van Brugge, en den Geregt bij grooter gratie gecorrigeert es gewesen, als geset op een schatvot aan een stake gebonden, een panne viers voor haar voeten, mutsaart en stroo omtrent haar, en een vlassen paruijk op haar hooft,dien men also vebrande uijt dien zij geen haar op 't hooft en hadde ende al hadde zij alsoe den staac en 't vier verdient was nogtans ter grooter bede van eenigen vrijgelaten mits gebannen uijter steede en lande van Vlaanderen den tijd van vijftig Jaaren op 't vier met sulker scharper injunctie ende verbode, dat zij haar leven lang van gelijke zaken maar te doene op te selve poene van verbrant te zijne, al breeder blijkende bij der acte van den dato 26 augs. 1538 lestleeden. Bekend en belijdt de voorn. Katelijne en heeftet te meer als vooren beleden alhier in Vlissingen en Walcheren van gelijke verboden op te voorsz. pene gedaan te hebben aan veele persoonen met een Riemken, en Spelle, dat trekkende ende woorden spreekende gelijk zij eer tot Brugge hadde, ende dat nog meer es leerde den luden die geholpen zijn wilden dat zij altijd contrarie de waarheyd moesten spreken als wanneer zij gegeeten hadde dan zoude zij zeggen 'fij eetzen, ik en hebben niet gegeeten' en als zij niet gegeeten en hadden dan moesten zij zeggen 'fij eeten ik hebben gegeeten', en dat belaste zij hen diergelijke leugene te zeggen, ende zij word gewaare wanneer de luden haar geloove daar op setten, want dan zoe kregen zij dickwil bate, maar als zij geen helpe en crege verstont zij daar bij dat zij haer niet en geloofde.

Bekend oik dat als 't quaat boos weder was van zwaren regenwind en storme zij zoe lang het duerde, gink altijd over en weder over barvoets en blootshoofs buten heuren husen, en ginge dus wandelen onder den blooten hemel hoe quaden weder dat was, maar als men haar vraagde waarom zij dat dede, en wat bediende, en wilde anders niet seggen dat zij altoos bad en spoeg seggende: 'Fij boose viant', biddende van als om gracie.

Gesien de ware delicten bij den vorn. Katelijne hier voortijts en Anno 1538 verleden en al nog bekend, ende quade, superstitieuze acten en leeringen en dwalingen jegen God en onsen heijligen Geloove sindert alhier geplogen jegen d'herbonden op te poenen voorsz.
Zoo word zij om alle deese misdaden wille gecondemneert dat gij heer Bailliu van s Heeren wegen heur zult doen bringen buten deeser stede ter plaatse daar men gewoonlec es Justitie te doende, en haar daar bij den scarpregter doen stellen op een scavot aan een stacke, en met viere doen verbranden, daar niet af te scheeden, zij en es gekomene van levende lijve ter doot, aldus gedaen en geexecuteert 20 jann: 1541 Stile Holl

Onderwerp

SINSAG 580    SINSAG 580   

Beschrijving

Verslag van een Zeeuws heksenproces waarbij de verdachte Cathelynken schuldig wordt bevonden en wordt verbrand. Al eerder is zij gecorrigeerd door de autoriteiten voor het misleiden van de mensen die haar kwamen raadplegen.

Bron

Willem Geldof (samensteller), Volksverhalen uit Zeeland en de Zuid-Hollandse eilanden. Dr. Tjaard en W.R. de Haan (red.). Utrecht/Antwerpen: Het Spectrum 1979. p. 26-27.

Commentaar

1979
Valt onder de titel 4. Een Zeeuws heksenproces
ANDERE HEXENKUNSTE

Naam Overig in Tekst

Cathelynken    Cathelynken   

Boudin Bernaart    Boudin Bernaart   

Cathalina    Cathalina   

Katelijne    Katelijne   

Bailliu    Bailliu   

Naam Locatie in Tekst

Brugge    Brugge   

Westcappelle    Westcappelle   

Vlissingen    Vlissingen   

Walcheren    Walcheren   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20