Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

BLECOURTNB0146 - 3.10. Jan de-n Tuitelaar

Een sprookje (boek), 1893

Hoofdtekst

3.10. Jan de-n Tuitelaar
Daar was eens 'ne jongen en die jongen heette Jan. En die jongen die zette op 'ne goeien dag een ert in den grond. En die ert die groeide en die groeide zoo schrikkelijk hard en zoo hoog dat de stengel al heel gauw met den top aan de wolken kwam. En nog altijd groeide ze maar door. En toen ze ten lange laatste door de wolken heen in den hemel gegroeid was, toen zei de moeder van den jongen op 'nen zekeren keer, 'Jan', zei ze, 'ge hebt van uw leven nog geen schoenen gehad, me dunkt, ik zou eens tegen de ert naar den hemel klimmen en vragen aan Onzen Lieven Heer een paar nieuwe schoenen.' 'Dat is goed,' zei Jan en hij klom tegen de ert omhoog en toen hij heelemaal boven was, toen klopte hij tegen de deur van den hemel. Sinte Peter deed hem open en die vroeg 'wat moet ge hebben?' 'Mijn moeder heeft me gestuurd', zei Jan, 'ik moet een paar nieuwe schoenen hebben.' 'Zoo?' zei Sinte Peter, 'ik zal eens gaan vragen wat Onze Lieve Heer daar over denkt.' Onze Lieve Heer die scheen er goed over te denken want al heel gauw kwam Sinte Peter met een paar zilveren schoenen aandragen. Jan blij, dat kunt ge denken en zoo hard als hij kon klom hij weer naar beneden om zijn moeder de schoenen te laten zien. En de moeder die was ook niet weinig blij en als Jan met zijn zilveren schoenen over de straat ging dan stond ze aan de deur te kijken of alle menschen het toch wel zagen, dat Jan zoo mooi was.
Maar het nieuwe dat ging er voor Jan al gauw af en hij dacht al bIjkans niet meer aan zijn schoenen toen hij op zekeren dag nen heer te paard tegenkwam. De heer hield zijn paard in en vroeg aan Jan of hij zijn schoenen niet tegen het paard wilde verruilen. 'Jan wel', zei Jan en ze ruilden. En toen Jan met het paard thuis kwam en aan zijn moeder vroeg wat zij er van dacht _ toen zei zijn moeder,"t is mij goed, nu kunnen we zondags eens uIt rIjden gaan net als de dokter en zijn vrouw.'
Toen Jan een tijdje het paard gehad had toen kwam hij eens 'nen boer met een koe tegen. 'Wilt ge uw paard niet tegen mijn koe verruilen', zei de boer. 'Ja wel', zei Jan en ze ruilden. En toen Jan met de koe thuis kwam en aan zijn moeder vroeg wat ze er van dacht toe zei zijn moeder, "t is mij goed nu hebben wij voortaan ons eigen room in de koffie.'
Toen Jan nu een tijdje de koe gehad had toen kwam hij op 'nen zekeren dag 'nen koopman tegen met een schaap. 'Wilde uw koe niet tegen mijn schaap verruilen', zei de koopman. 'Ja wel', zei Jan en ze ruilden. En toen Jan met het schaap thuis kwam en aan zijn moeder vroeg wat ze er van dacht toen zei zijn moeder "t is mij goed, nu hebben we niet allen ons eigen room maar nog wol op den koop toe om ons eigen sokken te breiën.'
Op 'ne keer toen Jan op de wei zijn schaap aan het hoeden was kwam er 'ne schaapherder met 'nen grooten hond voorbij. 'Wilt ge uw schaap niet tegen mijnen hond verruilen?' vroeg de schaapherder. 'Jan wel', zei Jan en ze ruilden.
En toen Jan met den hond thuis kwam en aan zijn moeder vroeg wat ze er van dacht, toe zei zijn moeder, "t is mij goed, nu kunnen we de schelmen van de deur houden.'
Een tijdje later kwam er 'ne man met 'n kat voorbij. 'Wilt ge uwen hond niet tegen mijn kat verruilen?' vroeg de man. 'Ja wel', zei Jan en ze ruilden. En toen Jan met de kat bij zijn moeder kwam en vroeg wat ze er van dacht, toen zei zijn moeder, ’'t is mij goed nu zullen we de muizen kwijtraken.'
Toen Jan een tijdje de kat gehad had, kwam hij op 'nen goeien dag 'nen koopman in wetsteenen tegen. 'Ik geef drie wetsteenen voor uw kat', zei de koopman. 'Dat is goed', zei Jan en ze ruil- den. En toen Jan met zijn wetsteenen bij zijn moeder kwam en vroeg wat ze er van dacht, toen zei zijn moeder, "t is mij goed, nu kunnen wij onze messen wetten.'
Op 'nen keer, dat Jan met de drie wetsteenen in zijnen zak voorbij 'nen poel kwam, hoorde hij de kikvorschen kwaken 'Jan de-n-Tuitelaar heeft alles vertuiteld, Jan de-n-Tuitelaar heeft alles vertuiteld' en ze hielden maar niet op. Jan werd kwaad. 'Als gij niet stil zijt, gooi ik', zei Jan. Maar jawel: de kikvorschen kwaakten maar door:
Jan de-n-Tuitelaar heeft alles vertuiteld,
Jan de-n-Tuitelaar heeft alles vertuiteld.
'Daar', zei Jan, en hij gooide met een van zijn wetsteenen.
Eventjes hield het gekwaak op maar al heel gouw begon het liedje op nieuw. 'Klets', zei Jan en hij gooide nog eens. Maar 't gaf niks, de kikvorschen kwaakten al maar door.
'Wel sapperdemikkenboterham,' vloekte Jan en gooide met zijn laatsten wetsteen naar de kikkers. Nu had Jan niets meer en treurend ging hij naar huis. En toen hij bij moeder aan de deur was toen hoorde hij heel in de verte de kikvorschen nog almaar doorkwaken:
Jan de-n-Tuitelaar heeft alles vertuiteld,
Jan de-n-Tuitelaar heeft alles vertuiteld.

Onderwerp

AT 1960G - The Great Tree    AT 1960G - The Great Tree   

ATU 1960G    ATU 1960G   

Beschrijving

Jongen plant een erwt die tot in de hemel groeit. Hij klimt naar boven om aan Onze Lieve Heer een paar schoenen te vragen, en krijgt een paar zilveren schoenen. Na verloop van tijd ruilt hij de schoenen tegen een paard, het paard tegen een koe, de koe tegen een schaap, het schaap tegen een hond, de hond tegen een kat, de kat tegen drie wetstenen. Als hij hoorst dat kikkers kwaken 'Jan de-n Tuitelaar heeft alles vertuiteld' wordt hij kwaad, gooit de drie wetstenen naar de kikkers en heeft dan niets meer.

Bron

Willem de Blécourt, Volksverhalen uit Noord Brabant, Utrecht [etc.]: Het Spectrum, 1980. p. 105-107

Motief

D983.1 - Magic bean.    D983.1 - Magic bean.   

F54.2 - Plant grows to sky.    F54.2 - Plant grows to sky.   

A661.0.1.2 - Saint Peter as porter of heaven.    A661.0.1.2 - Saint Peter as porter of heaven.   

F823.4 - Silver shoes.    F823.4 - Silver shoes.   

J2081.1 - Foolish bargain: horse for cow, cow for hog, etc.    J2081.1 - Foolish bargain: horse for cow, cow for hog, etc.   

Commentaar

1893
Motieven: D983.1 Magic bean; F54.2 Plant grows to sky; A661.0.1.2 Saint Peter as porter of heaven; F823.4 Silver shoes; J2081.1 Foolish bargain: horse for cow, cow for hog, etc. (Zie 8.7))
inv. no. R10, gehoord te Oirschot. Sinninghe 1942: 43-44. Bewerking: De Haan 1966: 141-143 (no. 44), 1977: 175-178 (no. 50). S.M1960.g.1; M1415.1; AT 1960G The Great Tree + AT 1415 Lucky Hans.
3. Sprookjes en natuurgeloof. Verhalen vanuit Helmond verzameld
Verhalen, sprookjes, anekdoten en mededelingen over volksgeloof, verzameld en/of opgetekend door August Hendrik Sassen. Uit zijn handschriftenverzameling, berustend in de bibliotheek van het Provinciaal Genootschap voor Kunsten en Wetenschappen in Noord-Brabant te 's Hertogenbosch.
Sassen werd geboren te 's Hertogenbosch op 6 maart 1853. Hij was archivaris en notaris te Helmond, en overleed op 22 juni 1913 te 's Gravenhage (zie Juten & Juten 1913, A.F.O. van Sasse van Ysselt 1914). Hij was de stuwende kracht achter het volkskundig onderzoek in Noord-Brabant aan het einde van de vorige eeuw. Om dit te bevorderen stichtte hij onder meer twee tijdschriften: het Tijdschrift voor Noordbrabantsche Geschiedenis, Taal- en Letterkunde, en de Noordbrabantsche Almanak. Jaarboekje voor Noordbrabantsche geschiedenis, taal- en letterkunde.
Beide tijdschriften moesten evenwel na elkaar wegens financiële moeilijkheden stopgezet worden (zie ook de Inleiding). Door zijn werk, zijn vele activiteiten (hij was o.a. gemeenteraadslid van Helmond, regisseur van jeugdtoneelstukken, voorzitter van de vereniging tot drankbestrijding; en commandant van de plaatselijke schutterij), en zijn vroege dood is het hem niet gelukt de vele aan hem toegezonden en door hemzelf verzamelde gegevens over o.a. taalkunde, volksgebruiken, boerenalmanakken, kinderrijmen en spelen, en volksliederen zelf tot een of meerdere boeken te verwerken (zie voor verdere biografische gegevens Knippenberg 1952).
Een deel van zijn handschriftenverzameling bevindt zich te 's Hertogenbosch. Dit werd in 1943 en 1944 gerubriceerd en gecatalogiseerd. Het hier gepubliceerde deel daarvan werd eerder grotendeels, al dan niet in bewerkte vorm, bekend gemaakt door J.R.W. Sinninghe, zij het zonder opgave van inventarisnummer. Een aantal van de door Sinninghe aan Sassen toegeschreven verhalen is evenwel niet meer in 's Hertogenbosch te vinden, o.a. Sinninghe 1978: 16 (gloeiige te Duizel), 21 (dwaallichten), 36 (zelfmoordenaar in gedaante hond te Boxmeer), 45 (spookhaas te Mierlo), 81-83 (heksen in de gedaante van een kat), en 100 (weerwolf te Breda). Het wachten is op een volledige publicatie van het nog in 's Hertogenbosch aanwezige materiaal.
The Great Tree & AT 1415 Lucky Hans

Naam Overig in Tekst

Jan de-n Tuitelaar    Jan de-n Tuitelaar   

Jan    Jan   

Onzen Lieven Heer    Onzen Lieven Heer   

Onze Lieve Heer    Onze Lieve Heer   

Sinte Peter    Sinte Peter   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20