Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SINVS013 - Boer Krekel die kon waarzeggen

Een mop (boek),

Hoofdtekst

BOER KREKEL DIE KON WAARZEGGEN
Er was eens een boer, die zich voor waarzegger uitgaf, maar hij wist evenmin iets van dat vak als jij of ik.
Nu was er een gouden ring van de koning gestolen en men kon maar niet ontdekken wie dat gedaan had. Daarom besloot men de waarzegger te ontbieden, om de diefstal tot klaarheid te brengen.
Toen hij hoorde dat hij aan het hof werd ontboden, was boer Krekel erg benauwd, maar hij durfde natuurlijk niet te weigeren en meldde zich aan het hof. De koning vertelde hem van de ring en zei hem dat hij na drie dagen moest weten waar de ring gebleven was, anders zou hij als bedrieger gestraft worden.
Daarna werd hij in een kamer gebracht, waar hij te eten en te drinken kreeg zoveel hij wilde.
In dat opzicht had hij het best, maar hij was toch alles behalve op zijn gemak en toen de knecht hem op de avond van de eerste dag zijn maaltijd bracht, zei hij met een zucht: "Dat is er een."
Natuurlijk bedoelde hij dat er al één dag om is, en ik weet nog niets. De knecht echter vatte het anders op, want hij was een van de dieven van de ring en hij zei geschrokken tegen zijn makkers: "Hij weet het al. Ik durf niet meer naar binnen."
De tweede dag kwam daarom een andere knecht om hem te bedienen en toen die binnenkwam, zei Krekel: "Dat is de tweede al."
Hij bedoelde natuurlijk weer: de tweede dag is al om, maar de knecht, die ook in het komplot was, paste die woorden op zichzelf toe en zei tegen zijn makkers: "Hij weet alles: mij heeft hij ook aangewezen. Het zal het beste zijn om alles te bekennen en te vragen of hij ons wil helpen."
De volgende dag kwam de derde knecht en toen Krekel weer zei: "Dat is de derde al," viel hij op zijn knieën en vroeg om genade voor hem en zijn makkers.
Daarna vertelde hij alles en vroeg toen aan onze waarzegger of die hen wilde helpen. Krekel vroeg toen of de koning dikwijls in de tuin bij de pauwen en kalkoenen kwam en ze voerde.
Ja, dat was zo.
"Goed," zei Krekel, "laat dan de kalkoense haan de ring opslokken, dan zal alles op zijn pootjes terechtkomen."
Dat gebeurde. Toen nu de koning op het eind van de derde dag bij de waarzegger kwam en vroeg of hij wist waar de ring was, zei Krekel:
"Zeker weet ik dat, sire. De ring is echter niet door mensen gestolen."
Toen liet hij de kalkoense haan halen en zei: "Dat is de boosdoener."
En werkelijk toen het dier geslacht werd, kwam de ring uit zijn maag te voorschijn.
De koning was allicht erg in zijn schik, maar hij vond het toch wel een beetje vreemd dat de ring, zonder dat hij er wat van gemerkt had, van zijn vinger was gegleden toen hij de kalkoenen voerde.
Hij was ook niet van gisteren en geloofde maar niet direct alles. Daarom besloot hij de waarzegger nog eens op de proef te stellen. Hij nam een dichte schaal en omdat hij toevallig net een krekel vond, deed hij die erin. Toen hij daarna de waarzegger ontmoette, zei hij: "Hier heb ik een schaal. Als je nu binnen drie uur kunt zeggen wat daar inzit, zal ik je schatrijk maken. Kun je het niet raden, dan is er niets aan te doen, want dan word je als bedrieger opgehangen."
Onze waarzegger keek eens naar de schaal, maar hij kon er natuurlijk niet doorheen zien, en omdat hij dacht dat hij het toch niet zou raden, verzuchtte hij:
"Krekel zit gevangen,
Krekeltje moet hangen!"
"Prachtig," zei de koning, "er zit een krekel in. Je bent vrij en ik geloof dat je een echte waarzegger bent."
Toen kreeg onze boer zoveel geld dat hij voortaan zonder zorgen leven kon. Toch vond hij het veiliger om het waarzeggen eraan te geven.
(Noord-Holland)

Onderwerp

AT 1641 - Doctor Know-All    AT 1641 - Doctor Know-All   

ATU 1641    ATU 1641   

Beschrijving

Boer Krekel geeft zich ten onrechte uit voor waarzegger. Hij wordt ontboden bij de koning die een ring kwijt is. De boer krijgt de opdracht binnen drie dagen de vindplaats van de ring te achterhalen, anders zal hij als bedrieger gestraft worden. Tegen het einde van de dag verzucht de boer tegen een knecht van de koning "dat is de eerste al", doelend op het einde van de eerste dag. De knecht die de ring heeft gestolen, denkt echter dat de boer ziet dat hij de dader is. Dit herhaalt zich met de overige knechten die in het complot zitten. De knechten verraden zichzelf. De boer sluit een deal met ze. Ze moeten een kalkoen de ring laten inslikken. Zo kan hij de hij vindplaats aan de koning vertellen en zullen de knechten vrijuit gaan. Nog twijfelt de koning aan de helderziende gaven van de boer. De koning verstopt daarom een krekel in een schaal en laat de boer vertellen wat er in de schaal ligt. De boer verzucht dat hij nu zal moeten hangen waarbij hij over zichzelf spreekt in de derde persoon. Bij het horen van de naam krekel is de konig verbijsterd en overtuigd van de gaven van de boer.

Bron

J.R.W. Sinninghe: Volkssprookjes uit Nederland en Vlaanderen. Den Haag 1978, p. 44-45

Motief

K1956 - Sham wise man.    K1956 - Sham wise man.   

N611.1 - Criminal accidentally detected: “that is the first”--sham wise man.    N611.1 - Criminal accidentally detected: “that is the first”--sham wise man.   

N688 - What is in the dish: “Poor Crab”.    N688 - What is in the dish: “Poor Crab”.   

Commentaar

Dit verhaal bij Sinninghe gaat terug op de bewerking van G.J. Boekenoogen die hij onder de titel `Van den boer die kon waarzeggen' publiceerde in Volkskunde 16 (1904), p.140-142. Dit is op z'n beurt weer een bewerking van de optekening door C. Bakker: hij hoorde het verhaal in 1902 van Dirk Schuurman.
Doctor Know-All

Naam Locatie in Tekst

Krekel    Krekel   

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20