Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

SINVS075 - Het onbekende wild

Een sprookje (boek),

Hoofdtekst

HET ONBEKENDE WILD
Er was eens een jager, die in dienst was van een rijk heer. In lange tijd had hij echter niets gevangen en zijn heer wilde hem daarom ontslaan. Wanhopig liep hij eens door het veld, maar hij kon alweer niets onder schot krijgen. Opeens stond er een deftig geklede heer naast hem, die hem vroeg waarom hij zo beteuterd keek. De jager vertelde dat hij niets kon schieten en dat hij bang was daarom vandaag of morgen ontslagen te worden. De vreemde heer toonde echter geen medelijden, maar lachte luid.
"Waarom lach je en houd je mij voor de gek?" vroeg de jager. "Doe dat nog eens en ik jaag je een kogel door je lijf."
Toen lachte de vreemde heer nog meer en zei: "Een kogel van jou?! Het moet wel een bijzondere jager zijn die mij op een afstand van drie passen raken kan, en jij bent immers maar een zondagsjager."
"Dat zeg je niet voor de tweede keer," riep de jager woedend en hij legde aan en schoot.
De vreemde heer lachte nog steeds en zei, terwijl hij hem de kogel teruggaf: "Daar heb je de kogel terug, je ziet het zelf: die kogel deugt niet."
De jager schrok, dat kun je begrijpen, want van zo dichtbij is een kogel altijd raak, maar de vreemde heer zei: "Laat mij maar eens schieten. Zie je daar in de verte die mus op de toren van de kerk zitten? Die zal ik voor jou naar beneden schieten."
"Doe dat als je kunt. lk kan die mus nauwelijks zien met mijn verrekijker."
Op datzelfde ogenblik knalde het schot en de mus viel dood neer.
"Zo zou je ook kunnen schieten," vervolgde de heer "en alles kunnen raken, wat je maar wilt.
Je behoeft het wild niet eens te zien, zo ver reikt dan je kogel. Je moet alleen maar je handtekening zetten en met mij een akkoord maken voor zeven jaar. Ik verlang alleen maar, na de afgesproken tijd van zeven jaar, je ziel."
"Goed," zei de jager, "ik ga met je voorstel akkoord, op één voorwaarde: dat je mij altijd kan zeggen wat het is dat ik ga schieten."
"Dat is in orde" antwoordde de vreemde heer — het was de duivel en niemand anders — en de jager tekende op een papier zijn naam met zijn bloed.
Zeven jaar lang schoot de jager dat het een wonder was en hij kreeg van zijn heer, die bijzonder tevreden over hem was, een hoger loon dan een jager ooit kreeg.
Toen echter de zeven jaren bijna om waren en hem nog maar een paar dagen restte, was de jager erg verdrietig, want hij vreesde terecht dat de duivel hem zou komen halen. Zijn vrouw bemerkte dat hem iets bijzonder dwars zat en ze vroeg wat het was. Na lang aarzelen bekende hij dat hij met de duivel een verdrag had gesloten onder voorwaarde dat de duivel altijd zou kunnen zeggen wat het was dat hij ging schieten, ook als het wild nog heel ver weg was.
"Als het anders niet is, dan kan ik je gemakkelijk uit de nood helpen," lachte zijn vrouw. "Ga maar gerust jagen, maar schiet niet voor je gevraagd hebt wat het is dat je wilt raken."Dat beloofde de jager en toen de dag er was dat de duivel zou verschijnen, trok zijn vrouw al haar kleren uit, bestreek haar hele lijf met stroop en rolde zich toen om en om in een opengesneden veren bed, zodat ze meer op een vogel dan op een mens leek. Toen ging ze het veld in en sprong daar in het rond.
Het duurde niet lang of de jager kwam in de verte met de duivel aanlopen. Ze zagen die vreemde vogel rondhuppelen en de duivel riep tegen de jager: "Schiet, schiet dan!"
"Wat moet ik schieten?" vroeg de jager. "Dat is voor mij onbekend wild."
De duivel keek zich de ogen uit, maar hij wist niet welk wild dat was. Eindelijk zei hij beschaamd en teleurgesteld: "Waarachtig, ik weet het niet."
"Ha, ha, ha," lachte de jager, "dan is ons verdrag verbroken" en de duivel was niet zo goed of hij moest hem het papier teruggeven, voor hij brullend van woede verdween. De vrouw van de jager lachte nog luider dat zij niemand minder dan de duivel had bedrogen. En zij leefden voortaan ongestoord, want elk schot van de jager was raak en zijn heer was bijzonder met hem ingenomen.
(Zuid-Holland)

Onderwerp

AT 1091 - Who Can Bring an Unheard-of Riding-Horse    AT 1091 - Who Can Bring an Unheard-of Riding-Horse   

ATU 1091    ATU 1091   

Beschrijving

Een jager is in dienst van een rijk heer. Hij is geen goede jager. De duivel, vermomd als heer, zorgt ervoor dat de jager zeven jaar lang goed kan schieten in ruil voor zijn ziel. Voorwaarde is wel dat de duivel altijd moet kunnen zeggen wat het is dat de jager zal schieten. De jager krijgt een goed loon. Als de jaren verstreken zijn, komt de duivel de jager halen. Ondertussen heeft de vrouw van de jager, aan wie de jager het verhaal heeft verteld, zich ingesmeerd met stroop en zich in veren gerold. Ze huppelt door het veld. De jager wil aanleggen om op het 'dier' te schieten, maar de duivel kan niet zeggen welk dier het is. Het verdrag met de duivel is verbroken.

Bron

J.R.W. Sinninghe: Volkssprookjes uit Nederland en Vlaanderen. Den Haag 1978, p. 213-214

Motief

B542.1.1 - Eagle carries man to safety.    B542.1.1 - Eagle carries man to safety.   

Commentaar

Who Can Bring an Unheard-of Riding-Horse

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:20