Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

Zoekresultaten beperken

Itemtype
Type bron
Subgenre
Decennium_group
Verzamelaar
Provincie(NL)/Gewest(BE)
Plaats van Handelen
Word count group

120 resultaten voor ""

sage uit 1966
  • hearde er dêr út 'e feart wei roppen: "De tijd is verschenen, de man is er niet!" Doe't er werom kom is er op itselde plak
  • Een oude man komt langs een vaart en hoort een stem die zegt dat het wel de tijd is, maar dat de man er niet is. Later
  • tijd
  • Een oude man komt langs een vaart en hoort een stem die zegt dat het wel de tijd is, maar dat de man er niet is. Later is daar iemand verdronken.

sage uit 1966
  • tijd
  • Als de klok op een doodse manier slaat, 'hangt er een dode aan de klepel'. Dan gaat er later iemand dood.

sage uit 1966
  • tijd
  • Romkje komt op een avond thuis en zegt dat ze een bolbliksem [bliksembal] boven het huis heeft gezien. Er gebeurt verder niets. Vijf jaar later slaat de donder in het huis.

sage uit 1955
  • Dy kant nei Strobos út stienen al us minsken by de feart. Dy hearden dêr in stim út 't wetter wei, dy't sei: "De tijd
  • In Strobos klinkt een stem uit het water die zegt dat de tijd is verschenen, maar de ma er nog niet is. Later rijdt een
  • tijd
  • In Strobos klinkt een stem uit het water die zegt dat de tijd is verschenen, maar de ma er nog niet is. Later rijdt een man met zijn kar het water in en verdrinkt.

sage uit 1966
  • tijd
  • Piter gaat na twaalven naar huis nadat hij bij zijn meisje is geweest. Onderweg meent hij zijn vader, moeder en zus te zien lopen, maar hij kan ze niet inhalen. Bij de deur van hun huis zijn ze opeens…

sage uit 1966
  • tijd
  • Als een stel planken in huis haalt voor het bouwen van een schuur, horen ze 's nachts het geluid van planken hout die op de schouders getild worden. Pas een week later gebeurt dit echt, maar de man en…

sage uit 1966
  • In Harkema gelooft men dat het tussen twaalf en één spookt en rond die tijd moet je dan ook niet naar buiten gaan.
  • tijd
  • In Harkema gelooft men dat het tussen twaalf en één spookt en rond die tijd moet je dan ook niet naar buiten gaan.

sage uit 1966
  • Hjir achter ús is in poel. 't Is in petgat en 't hat gjin namme. Dêr is ris in stim út heard woarn: De tijd is
  • Uit een poel, een veenput, is eens een stem gehoord die zei: 'De tijd is verschenen, de man is er niet", maar er was
  • tijd
  • Uit een poel, een veenput, is eens een stem gehoord die zei: 'De tijd is verschenen, de man is er niet", maar er was nooit iemand in verdronken. Wel verdronk er een tijdje later een meisje dichtbij de…

Trefwoorden: dood, meisje, poel, stem, tijd, veenput, verdrinken


sage uit 1966
  • sei: De tijd is verschenen, de man is er niet. Doe ha se dêr hinne west mei lantearnen en mei leiders, hwant se wienen
  • In een meertje naast het huis van de vertelster hebben ze op een avond eens een stem gehoord, die zei: De tijd is
  • verschenen, de man is er niet. Toen hebben ze met lantaarns gezocht of er iemand verdronken was. Korte tijd later is er bijna een
  • tijd
  • In een meertje naast het huis van de vertelster hebben ze op een avond eens een stem gehoord, die zei: De tijd is verschenen, de man is er niet. Toen hebben ze met lantaarns gezocht of er iemand…

Trefwoorden: dood, hier, poel, stem, tijd, verdrinken, water


sage uit 1966
  • Yn 'e Hamsherne is in poel. Dat wie de poel fan Sterke Hearke. Dêr út dy poel ha se us in stim heard: De tijd is
  • Uit de poel van Sterke Hearke in Hamsherne is wel eens een stem gehoord: 'De tijd is verschenen, maar de man is er niet
  • tijd
  • Uit de poel van Sterke Hearke in Hamsherne is wel eens een stem gehoord: 'De tijd is verschenen, maar de man is er niet.' Volgens de verteller is er echter nooit iemand in de poel verdronken.

Trefwoorden: dood, poel, stem, tijd, verdrinken


sage uit 1966
  • 'De tijd is verschenen, de man is er niet'. Dat matte se us op it Blaufallaet heard ha, mar mear wyt ik der ek net fan.
  • "De tijd is verschenen, de man is er niet". Dat moeten ze eens op het verlaat gehoord hebben volgens de verteller.
  • tijd
  • "De tijd is verschenen, de man is er niet". Dat moeten ze eens op het verlaat gehoord hebben volgens de verteller.

Trefwoorden: horen, man, stem, tijd


sage uit 1966
  • : "De tijd is er wel, maar de man is der niet." Doe is dy man fuort dêrnei yn 'e feart riden en fordronken.
  • Een man reed eens met paard en wagen langs een brede vaart. Er klonk een stem uit de vaart: "De tijd is er wel, maar de
  • tijd
  • Een man reed eens met paard en wagen langs een brede vaart. Er klonk een stem uit de vaart: "De tijd is er wel, maar de man is er niet." Even later reed de man in de vaart en is hij verdronken.

sage uit 1996
  • hat dêr us op in joun om healwei alven by helder ljochtmoannewaer in stim út 'e poel heard. Der waerd sein: "De tijd is
  • maanlicht, een stem uit de poel gehoord. De stem zei: "De tijd is er wel, maar de man is er niet." Twee jaar later is er een man
  • verdronken. Hij waagde zich op dun ijs en zakte erdoorheen. Toen hij eruit wilde, brokkelde het ijs heel de tijd af. Hij kon er
  • tijd
  • Achter Surhuizum lag in het midden van het land een grote poel. Op een avond, om half elf, heeft iemand er, bij helder maanlicht, een stem uit de poel gehoord. De stem zei: "De tijd is er wel, maar de…

sage uit 1966
  • weikommen: De tijd is verschenen, de man is er niet. Gauachtich dêrnei kaem der in man oanriden dy't yn dat wek ried.
  • Een man is aan het schaatsen en hoort een stem uit een wak zeggen 'de tijd is verschenen, maar de man is er niet
  • tijd
  • Een man is aan het schaatsen en hoort een stem uit een wak zeggen 'de tijd is verschenen, maar de man is er niet'. Spoedig daarna rijdt een andere man recht het wak in.

sage uit 1966
  • se ynienen in stim út it wetter: "De tijd is der al, de man is der niet." Trije kear achter elkoar hearden se dat en it
  • zeggen: "De tijd is er al, de man is er niet." Toen kwam er een dikke boer in een sjees met twee paarden ervoor aanvliegen
  • tijd
  • Op een zaterdagavond stond Thomas Bruining wat te praten. Opeens hoorden ze een heldere stem uit het water drie keer zeggen: "De tijd is er al, de man is er niet." Toen kwam er een dikke boer in een…

sage uit 1966
  • had hij tijd om achteruit te lezen om de soldaatjes weer in de haardkuil te krijgen. De roeken waren er op slag. Zij
  • tijd
  • Minse Griper kon soldaatjes uit de haardkuil laten komen door voor te lezen uit een toverboek. Dan liet hij die soldaatjes marcheren. Als hij hetzelfde weer achteruit las, gingen de soldaatjes weer de…

sage uit 1968
  • Een man die via een plank een vaart oversteekt, hoort een stem uit het water 'De tijd is er, maar de man is er niet
  • tijd
  • Een man die via een plank een vaart oversteekt, hoort een stem uit het water 'De tijd is er, maar de man is er niet' zeggen. Het is een voorteken: de man valt van de plank en verdrinkt.

sage uit 1968
  • de man is er niet. Doe't er dat heard hie, foel er fan 'e boat en is er fordronken. Ik vroeg: moet het niet zijn: de tijd
  • . (Meestal luidt het eerste deel van de spreuk 'Hier is de tijd''.)
  • tijd
  • Een schipper hoort een stem uit het water 'De plaats is er, maar de man is er niet' zeggen. Een scheerbaas wil dit ook wel eens horen en stapt direct in een boot. Als hij de stem hetzelfde hoort…

sage uit 1968
  • Der wie in man dy farde yn in roeiboatsje de Ie oer nei de Burgumermar. Underweis op 'e Ie hearde hy in lûd: De tijd is
  • manspersoan by him yn 't boatsje. Op itselde plak as de foarige kear hearden se nou beide it lûd: De tijd is verschenen, de man is
  • Mannen in een bootje horen tot twee keer toe een stem uit het water 'De tijd is verschenen, de man is er niet' zeggen
  • . De derde keer zegt de stem 'De tijd is verschenen, de man is er al'. Van angst valt een van de mannen overboord en
  • tijd
  • Mannen in een bootje horen tot twee keer toe een stem uit het water 'De tijd is verschenen, de man is er niet' zeggen. De derde keer zegt de stem 'De tijd is verschenen, de man is er al'. Van angst…

sage uit 1968
  • 't Wie yn 'e winter. Guon wienen op 't iis op 'e Burgumer Mar. Doe hearden se in stem: De tijd is verschenen, de man is
  • Sommigen hoorden op het ijs eens een stem zeggen: "De tijd is verschenen, de man is er niet." Een tijdje later is er
  • tijd
  • Sommigen hoorden op het ijs eens een stem zeggen: "De tijd is verschenen, de man is er niet." Een tijdje later is er een schaatsrijder in een wak verdronken.

mop uit 1968
  • tijd
  • Fileman lag met twee maten in het gras te luieren, toen de koning langskwam. Deze had net bekend laten maken, dat de meest luie man van de wereld met zijn dochter mocht trouwen. De drie vrienden…

sage uit 1968
  • in man op it iis. Hy wie allinne. Doe hearde er samar ynienen in lûd: De tijd is er, de man is er niet. Hy woarde kjel en
  • Een man op het ijs hoorde eens een stem zeggen: "De tijd is er, de man is er niet." Hij zag dat een schaatsende man
  • tijd
  • Een man op het ijs hoorde eens een stem zeggen: "De tijd is er, de man is er niet." Hij zag dat een schaatsende man viel en op slag dood was.

sage uit 1954
  • Yn Surhuzum hat in âld skipper us heard: De tijd is verschenen, de man is er niet. Dy stem kom út it wetter wei. In
  • Een schipper hoorde eens een stem uit het water zeggen: "De tijd is verschenen, de man is er niet." Even later viel er
  • tijd
  • Een schipper hoorde eens een stem uit het water zeggen: "De tijd is verschenen, de man is er niet." Even later viel er iemand overboord en verdronk.

sage uit 1968
  • Een vrouw hoorde op haar schip eens een stem uit het water zeggen dat de tijd er wel was, maar de man niet. Even later
  • tijd
  • Een vrouw hoorde op haar schip eens een stem uit het water zeggen dat de tijd er wel was, maar de man niet. Even later raakte haar man overboord en is verdronken.

mop uit 1968
  • tijd
  • Een man met een bochel had zijn nieuwe horloge op zijn borst hangen. Een man met een glazen oog vroeg hem hoe laat het was. De bultenaar antwoordde dat hij nog heel vroeg scheen te zijn, want mijnheer…