Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

19 resultaten voor ""

sprookje uit 1886
  • Een hymphamp-houvast Er was eens een arme knaap, die verhuurde zich als knecht bij een boer, voor een grauwe erwt in
  • het jaar. Toen het jaar om was en de boer aan zijne dienstboden hun loon uitbetaalde, vroeg hij den knaap, of deze ook
  • boer
  • Een knecht vraagt voor een jaar werk een erwt. Na een verloren weddenschap om een haan, moet hij zo huilen dat hij toch de haan krijgt. Na een verloren weddenschap om een gouden bok, moet hij wederom…

sprookje uit 1896
  • vervolgd. In de verte zag zij een boer die een wagen beladen met hooi reed. Zij haalde hem in en smeekte, haar onder het hooi
  • .» Zoo gezegd, zoo gedaan; het werk werd met den meesten spoed verricht en de boer reed bedaard verder. Maar weldra werd
  • naar een rovershuis. De meis weet te vluchten door uit een raam te springen. Ze treft een boer met een hooiwagen. Ze
  • verstopt zich onder een hek dat de boer bedekt met hooi. Als de rovers met hun sabels in het hooi steken om te kijken of zich
  • boer
  • Een dienstmeid is alleen thuis als er een rover binnensluipt die het huis leeg wil roven. De dienstmeid weet hem met een list buiten te sluiten. De rover roept de hulp in van zijn vrienden en probeert…

sprookje uit 1896
  • Onwijze Geert. Er was eens een boer die drie zonen had, de jongste heette Geert en was onwijs. Die menschen hadden een
  • Een boer heeft drie zonen, waarvan de jongste, Geert, onnozel is. Als op een dag blijkt dat er stro uit de schuur
  • boer
  • Een boer heeft drie zonen, waarvan de jongste, Geert, onnozel is. Als op een dag blijkt dat er stro uit de schuur gestolen wordt, wordt besloten dat er in de schuur gewaakt moet worden. De oudste twee…

sprookje uit 1896
  • De tooverflesch. Er was eens een arme boer, die met zijne vrouw en een getalletje nog jonge kinderen, eene kleine hoeve
  • worden. De boer begaf zich dan op een marktdag met de koe op reis naar de stad, onderweg mismoedig peinzende over zijn
  • Een boer en zijn vrouw zijn zo arm dat zij hun enige koe moeten verkopen. Op weg naar de markt ontmoet de boer een
  • borden, schotels en bestek gevuld met eten. De boer en boerin worden rijk door de verkoop van het servies. De landheer wil
  • boer
  • Een boer en zijn vrouw zijn zo arm dat zij hun enige koe moeten verkopen. Op weg naar de markt ontmoet de boer een dwergachtig mannetje dat aanbiedt de koe van hem te kopen. Als betaling krijgt de man…

sage uit 1896
  • gekleede vrouw de woning van den boer bezoeken. Zij maakte zich bekend als de nieuwe landvrouw - vrouw van den landheer. De
  • tehuis kwam, bevreemdde dit geval den boer wel wat, maar hij zeide dit niet en was ook zeer beleefd en vriendelijk. Toch trok
  • Een boer en zijn vrouw krijgen een nieuwe landheer. Korte tijd daarna komt er een vrouw aan de deur die zegt de vrouw
  • van de landheer te zijn. De boerin laat haar binnen. De boer heeft zijn bedenkingen: de vrouw is grofgebouwd en wat
  • boer
  • Een boer en zijn vrouw krijgen een nieuwe landheer. Korte tijd daarna komt er een vrouw aan de deur die zegt de vrouw van de landheer te zijn. De boerin laat haar binnen. De boer heeft zijn…

sage uit 1896
  • Doodslaap. Zeker boer had een zoon, die zeer lui en slaperig was. Des morgens was hij bijna niet uit het bed te krijgen
  • Een boer heeft een zoon die erg lui is. 's Ochtends is de jongen niet uit bed te krijgen. Woedend roept de boer hem toe
  • boer
  • Een boer heeft een zoon die erg lui is. 's Ochtends is de jongen niet uit bed te krijgen. Woedend roept de boer hem toe dat hij dan maar tot in de eeuwigheid moet blijven slapen. De jongen trekt de…

sage uit 1896
  • Hoe eene heks hare slachtoffers wist te pijnigen leert het volgende: Een boer, die kort geleden op eene andere plaats
  • zag het er kostelijk uit, - maar dit veranderde spoedig. De boer had een vasten arbeider; deze kwam iederen morgen tegen
  • Een boer en zijn vrouw hebben een zoontje, Fokke. Elke dag als knecht Abe aan het werk gaat, begint het kindje niet
  • lang daarna onrustig te worden en te huilen, urenlang. De boer en boerin zijn bang dat er sprake is van tovenarij en
  • boer
  • Een boer en zijn vrouw hebben een zoontje, Fokke. Elke dag als knecht Abe aan het werk gaat, begint het kindje niet lang daarna onrustig te worden en te huilen, urenlang. De boer en boerin zijn bang…

sage uit 1896
  • dorp woonde, meldde zich eens een boer aan met de vraag: «Woont hier de duivelbanner?» - «Neen,» was 't antwoord, «maar ik
  • de andere huizen; daar woont de duivelbanner.» De boer ging derwaarts en kwam - bij den dominé!
  • Duivelbanners houden mensen wel eens voor de gek. Op een dag klopt een boer bij een duivelbanner aan met de vraag of
  • duivelbanner woont. De boer komt uit bij de dominee.
  • boer
  • Duivelbanners houden mensen wel eens voor de gek. Op een dag klopt een boer bij een duivelbanner aan met de vraag of hier de duivelbanner woont. De duivelbanner zegt hem dat in het dorp, in het…

mop uit 1896
  • Een dag baas. Zekere boer had een knecht, die reeds eenige jaren bij hem had gewoond en hem zeer trouw diende. De
  • knecht hield veel van den boer en de boer had met den knecht op; zij waren vrienden. Eens zeî de boer tot den knecht: «De
  • Een boer vraagt zijn knecht, op wie hij zeer gesteld is, of deze nog een jaar bij hem in dienst wil blijven. Deze wil
  • zijn en de boer alles moet doen wat hij zegt. Hij zegt de boer de kast uit de voorkamer op de hooiwagen te laden. Samen
  • boer
  • Een boer vraagt zijn knecht, op wie hij zeer gesteld is, of deze nog een jaar bij hem in dienst wil blijven. Deze wil dat, op voorwaarde dat hij een dag in het jaar baas mag zijn. Op een dag zegt hij…

mop uit 1896
  • Leer om leer. Een arme jongen diende bij een boer voor onderknecht. Gedurende den zomer kon de boer hem best gebruiken
  • ; in den wintertijd echter was er weinig voor hem te doen. Maar omdat zijne ouders zeer arm waren, hield de boer hem des
  • Een arme jongen werkt bij een boer. 's Zomers is er werk genoeg, maar 's winters niet. Toch mag hij ook dan bij de boer
  • in de kost, omdat zijn ouders arm zijn, maar de boer wrijft de jongen dit steeds in. Als de jongen op een dag tijdens het
  • boer
  • Een arme jongen werkt bij een boer. 's Zomers is er werk genoeg, maar 's winters niet. Toch mag hij ook dan bij de boer in de kost, omdat zijn ouders arm zijn, maar de boer wrijft de jongen dit steeds…

sage uit 1896
  • Een boer zat in geldnood. Nu kwam de duivel bij hem en stelde voor, hem een korenmaat opgehoopt vol geld te brengen
  • ; dit moest de boer binnen zeven jaren terug betalen, maar hij kon dan volstaan met een rechtafgestreken volle maat. Voldeed
  • Een arme boer gaat een contract aan met de duivel. De duivel zal hem een korenmaat vol geld geven. Als de boer hem
  • boer
  • Een arme boer gaat een contract aan met de duivel. De duivel zal hem een korenmaat vol geld geven. Als de boer hem binnen zeven jaar een afgestreken korenmaat terugbetaalt, zal hij vrij zijn, lukt dit…

sage uit 1896
  • Negen uur naar bed. Zekere boer met een talrijk gezin was gewoon in den wintertijd des avonds na het eten met zijn volk
  • kaart te spelen. Dit duurde soms tot laat in den nacht, want allen waren hartstochtelijke spelers. Maar een boer, die orde
  • Een boer en zijn gezin spelen in de wintertijd tot laat in de avond kaart. Dit is om twee redenen verkeerd: een
  • een flink pak slaag uitgedeeld. Als later in hetzelfde huis een boer woont die 's avonds veel in de Bijbel leest, wordt
  • boer
  • Een boer en zijn gezin spelen in de wintertijd tot laat in de avond kaart. Dit is om twee redenen verkeerd: een boerengezin moet om negen uur naar bed gaan, omdat ze de volgende morgen weer vroeg op…

sage uit 1896
  • liet varen, Luk. 8:32. Zekere boer, die aan de derdendaagsche koorts leed, raadpleegde een duivelbanner en deze zeî: «Ik
  • eens wat kwaads gunt?» — De boer zeî: «Ja, dat kon wel zijn, maar dit gaat toch wel wat te ver. De derdendaagsche koorts is
  • aangewezen worden waar de ziekte naartoe kon gaan. Een boer die aan de derdendaagse koorts (malaria) leed, vroeg hulp aan een
  • duivelbanner. Deze zei de ziekte wel uit te kunnen drijven, maar dan moest deze op een ander overgebracht worden. De boer vond het
  • boer
  • Duivelskunstenaars zijn mensen die dingen kunnen doen, die voor velen onbegrijpelijk zijn. Vaak zijn het mannen. Gedacht werd dat goochelaars, koorddansers en andere kermisartiesten hun trucs alleen…

sage uit 1896
  • Een duitsch koopman of venter in nappen, houten lepels, muizenvallen, enz. vertelde mij eens, hoe hij het bij een boer
  • boer schold hem voor toovenaar en beval hem haastig te vertrekken om nooit terug te komen.
  • Een Duitse koopman heeft het eens goed verpest bij een boer: toen hij op het erf van de boer kwam, kwam de hond op hem
  • volgende keer dat de koopman bij de boer op het erf kwam, werd hij door de hond met rust gelaten, maar de boer schold hem uit
  • boer
  • Een Duitse koopman heeft het eens goed verpest bij een boer: toen hij op het erf van de boer kwam, kwam de hond op hem af. De koopman hield de hond zijn pijp voor, die hij aan het roken was. De hond…

sage uit 1896
  • , dit maakt geen groot verschil, het is toch de duivel. Een boer, die zulk een karnpad in zijn land heeft, dient altijd op
  • gevolg hiervan kan de zuivelbereiding van de boer mislukken. Men zegt ook wel eens dat heksen 's nachts in een kring
  • boer
  • Heksenkringen, cirkelvormige kale plekken in een veld, worden tot het werk van de duivel gerekend. In Friesland wordt zo'n kring een tsjernpaed (=karnpad) genoemd vanwege de gelijkenis in vorm van het…

sage uit 1896
  • welbekenden boer afkomen. Het merkwaardige hierbij was, dat de lijkwagen was bespannen met een zwart en met een wit paard. Dit nu
  • van den boer een wit paard bezat. Hij zelf wel, maar het is een even vaste regel, wanneer in een boerengezin iemand sterft
  • benangel. Een van deze mensen met het tweede gezicht zag eens de begrafenis van een boer in een visioen. Tegen alle gebruiken
  • in werd de lijkwagen getrokken door een wit paard. De boer stierf en zijn begrafenisstoet zag er precies zo uit als in
  • boer
  • Een lijkstoet noemt men in het zuiden van Friesland een begangel. Sommige mensen kunnen visioenen krijgen over een benangel. Een van deze mensen met het tweede gezicht zag eens de begrafenis van een…

sage uit 1896
  • boer
  • Sape heeft het tweede gezicht omdat hij met de helm geboren is. Hij ziet de dood van een man en zijn begrafenis voordat de man daadwerkelijk is overleden. Tegen alle gebruiken in moet er een wit paard…

sage uit 1896
  • In 1865 is het gebeurd dat een boer in de nabijheid van Poppingawier het verschijnsel eener begrafenis te zien kreeg
  • liet hij die deur uit den muur nemen en de opening dichtmetselen. Eenigen tijd daarna vertrok deze boer metterwoon naar
  • In 1865 in de buurt van Poppingawier gebeurde het dat een boer een visioen van een begrafenis te zien kreeg. Over de
  • precies zoals de boer had gezien.
  • boer
  • In 1865 in de buurt van Poppingawier gebeurde het dat een boer een visioen van een begrafenis te zien kreeg. Over de doodskist lag een wit laken, dat aangaf dat er een vrouw in haar kraambed was…

sage uit 1896
  • boer en de vrouw. Zij vreesde dat de knecht een beroerte had gekregen. Maar deze kwam spoedig tot zichzelf, en toen de boer
  • dadelijk mijn verdiende loon te ontvangen, want ik kan hier niet langer blijven.>> - De boer kon dit verzoek billijken; hij
  • boer
  • Een knecht kan niet slapen vanwege een voorgevoel. Elke nacht ziet hij drie mannen die een dode aankleden. Op een nacht besluit hij hier meer over te willen weten en snijdt een lok haar van de dode…