Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

Zoekresultaten beperken

Itemtype
Decennium_group
Word count group

123 resultaten voor ""

sprookje uit 1973
  • It lean fan 'e wrâld In boer wie ûnderweis. Hy rûn op in bekend paad en wist, dat er aansen by in saad lâns kaam. Dy
  • bear ûnderyn en dy freget: 'Och boer, help my hjir asjeblyft út. Ik ha fan alles al besocht, mar ik kin der út mysels net
  • dieren die langskomen beamen dat ondank 's werlds loon is, zal de boer zich overgeven. Een voorbijkomend paard en een hond
  • Een boer ontmoet een beer die in een lege waterput zit. De beer kan er zelf niet uitkomen en smeekt de boer om hulp. De
  • boer
  • hond
  • Een boer ontmoet een beer die in een lege waterput zit. De beer kan er zelf niet uitkomen en smeekt de boer om hulp. De boer, die bang is verslonden te worden, weigert in eerste instantie, maar laat…

sprookje uit 1971
  • De fokse en de roek Sa wie der in boer, dy rekke in hiele protte hinnen kwyt, en dat die in fokse. De boer skafte in
  • Bij een boer worden veel kippen geroofd door de vos. De boer schaft een paar honden aan maar dat helpt niet. Hij graaft
  • boer
  • hond
  • Bij een boer worden veel kippen geroofd door de vos. De boer schaft een paar honden aan maar dat helpt niet. Hij graaft uiteindelijk een grote valkuil en wanneer de vos uit het kippenhok komt valt…

sage uit 1982
  • Op een boerderij wemelt het van de ratten. De boer en zijn zoon vangen de ratten met behulp van twee honden: een
  • beest klimt in de broekspijp van de boer. Ter hoogte van zijn knie drukt de boer de rat dood, want als het beest verder was
  • boer
  • hond
  • Op een boerderij wemelt het van de ratten. De boer en zijn zoon vangen de ratten met behulp van twee honden: een rattenvanger en een Herder. Er blijft nog een rat over, en die rat bevindt zich in het…

mop uit 1977
  • stien. De boer hie in hûn, en dy hûn wie al sa'n bêst beest. Der wie feitlik gjin better te finen. Allinne hie er noch gjin
  • , neamden se him 'Fan alles'. Dy boer en boerinne hienen in faam, en wrychtich, dat wie ek al in bêst fanke. En elkenien
  • Een boer en een boerin hebben een hond die "Van alles" heet. Tijdens de voorbereiding van een doopfeest heeft de boerin
  • drijvende hond in de soep vertelt wordt er geen soep meer gegeten en de boer moet naar een nieuwe hond opzoek.
  • boer
  • hond
  • Een boer en een boerin hebben een hond die "Van alles" heet. Tijdens de voorbereiding van een doopfeest heeft de boerin geen tijd meer om soep te koken. Zij geeft aan de meid opdracht om "van alles in…

mop uit 1973
  • knecht en dy moesten dêr bij de boer werke. Onderweg naar dy boer seit dy skilder teugen syn knecht: 'Jan, nou ete we fandaag
  • , oh jee, dêr begint-y al! Se gane an tafel sitten, de baas en de knecht naast elkaar, de boer en de frou an 'e aandere
  • schilder geeft dit teken maar een grote hond die onder de tafel is gekropen. 's Avonds krijgt de knecht echter vreselijke
  • stapt de knecht de verkeerde kamer in. Het eten legt hij in het bed van de boer en de boerin. In de goede kamer aangekomen
  • boer
  • hond
  • Een schilder en zijn knecht krijgen de opdracht om een boerderij te verven. De schilder schaamt zich echter voor het gulzige eten van zijn knecht onder de ogen van zijn opdrachtgever. Hij spreekt met…

sage uit 1966
  • Een gezelschap fietst op twee fietsen langs de weg. Twee mensen zien een enorme hond met ogen zo groot als schoteltjes
  • boer
  • hond
  • Een gezelschap fietst op twee fietsen langs de weg. Twee mensen zien een enorme hond met ogen zo groot als schoteltjes, maar de andere twee zien niets.

sage uit 1966
  • By in boer wie in hiel lulke hiemhoun. Jehannes Tsyske kom dêr en sei tsjin 'e boer: "Hwat kin ik fortsjinje? Dan nim
  • Een boer had een hele valse erfhond. Jehannes Tsyske kocht, na onderhandeld te hebben, de hond van de boer. De hond
  • , voor wie iedereen bang was, rende als een jonge hond achter Jehannes aan naar zijn huis toe.
  • boer
  • hond
  • Een boer had een hele valse erfhond. Jehannes Tsyske kocht, na onderhandeld te hebben, de hond van de boer. De hond, voor wie iedereen bang was, rende als een jonge hond achter Jehannes aan naar zijn…

mop uit 1966
  • fierder en op it lêst wienen se wol trije ûren fan hûs. Dêr wenne in boer, dêr hie Jan kunde oan. Jan sei tsjin Griet: "Dêr
  • matte wy fannacht mar bliuwe. De berntsjes matte har sa lang mar rêdde." It jounmiel stie ré en de boer en de boerinne
  • naar eten, en bij een boer mochten ze meeëten. Jan zei tegen Grietje dat ze niet weer zoveel moest eten als de vorige keer
  • . Als ze teveel at, zou hij haar wel op de tenen trappen. Doordat de hond, die onder de tafel zat, telkens op haar tenen
  • boer
  • hond
  • De arme Jan en Grietje en hun zes kinderen zaten op een avond met lege magen bij het vuur. De ouders gingen op zoek naar eten, en bij een boer mochten ze meeëten. Jan zei tegen Grietje dat ze niet…

sage uit 1967
  • boer
  • hond
  • Als de boeren geen goede boter konden maken, was de karn betoverd. Ze lieten dan een duivelbanner komen die hier en daar piste, en dan kwam alles weer goed.

sprookje uit 1966
  • Der wie us in húshâlding, dy bistie út in boer, in boerinne en in jonkje. De lju wennen tige iensum. Op in joun kommen
  • der ûnforhoeds rovers ta 't hûs yn. Dy bounen de boer en de boerinne fêst. It jonkje lieten se gewurde. Doe hellen dy
  • Boer, boerin en zoon worden overvallen door rovers die de ouders vastbinden. De rovers gaan eten, en vinden het goed
  • boer
  • hond
  • Boer, boerin en zoon worden overvallen door rovers die de ouders vastbinden. De rovers gaan eten, en vinden het goed dat de zoon Hendrik en Flintrik, Fries voor mosterd, gaat halen. Als blijkt dat het…

sage uit 1966
  • De nije lytsfeint. Der wie in jonge, dy kaem by de boer as lytsfeint. Oan 'e tafel iet er safolle, dat de greatfeint
  • it tsjuster wie, kaem er mei de sleef by 't forkearde bêd. Dêr leinen de boer en de boerinne togearre. De boerinne lei
  • vroeg hij waarom de ander al zo snel schopte. Deze zei dat het wel een hond geweest zal zijn, maar dat er in de kelder nog
  • boer
  • hond
  • Een boerenknecht zei tegen de nieuwe jongste knecht dat hij niet zoveel moest eten. Hij zou hem voortaaan wel een schop onder de tafel geven, als teken om zijn lepel neer te leggen. Al heel snel…

sprookje uit 1970
  • Een arme boer heeft een domme vrouw. Zij vat de woorden van haar man steeds verkeerd op. In plaats van de koe te laten
  • stukken vlees neer. En in plaats van het geld te bewaren voor moeilijke tijden, geeft ze het weg aan een bedelaar. De boer is
  • boer
  • hond
  • Een arme boer heeft een domme vrouw. Zij vat de woorden van haar man steeds verkeerd op. In plaats van de koe te laten grazen naast het huis, hijst ze het dier op het dak, waar wat gras groeit. In…

sprookje uit 1970
  • witte!" Door dat geroep werd de boer wakker en sloeg alarm en de gauwdieven, die begrepen dat hun kans verkeken was, gingen
  • er vandoor. Klein Duimpje verschool zich onder het voer, dat voor de koe bestemd was. Toen de boer in de kelder kwam, zag
  • . De boer geeft het vlees weg aan een bedelaar. Die geeft het aan een hond die het het vlees opeet. De hond hoort een
  • dat hij hen helpt bij het inbreken. Ze stelen kaas. Het mannetje vraagt luid welke kaas ze willen hebben. De boer komt
  • boer
  • hond
  • Een echtpaar krijgt een heel klein mannetje. Ze verhuizen en raken het mannetje kwijt. Drie dieven vinden hem en willen dat hij hen helpt bij het inbreken. Ze stelen kaas. Het mannetje vraagt luid…

sage uit 1889
  • aerde open, en in eene zee van vuur en vlammen, kwam de overleden boer te voorschijn. De hond jankte niet langer. Maar des
  • De hond van 's Graven-Wezel Te 's Graven-Wezel woonde in vroeger tijd een man, die eenen grooten zwarten hond bezat
  • De hond van 's Graven-Wezel
  • openscheurt en de boer in een zee van vuur tevoorschijn komt. De hond jankt niet langer maar de volgende dag vindt men het dier
  • Een man heeft een zwarte hond die heel trouw is. Als de man overlijdt, breekt de hond elke nacht los en gaat op het
  • boer
  • hond
  • Een man heeft een zwarte hond die heel trouw is. Als de man overlijdt, breekt de hond elke nacht los en gaat op het graf van de man liggen janken tot de morgen. Men bindt de hond met een ijzeren…

sprookje uit 1800
  • ; moar Keuteldoemke raip nog rais weer: "Houn'nt mouje hem'n, gruine of witte?" Deur 't geroup worde boer wakker en mouk
  • gruinte, dat doar lag en veur koi'n bestemd was. Dou boer ien melk'nkoamer kwam, vernam hai dus gain onroad en trok weer of en
  • ventje te zingen. Uiteindelijk wordt besloten de zingende koe te slachten. Als de boer een stuk van de koe op wil eten hoort
  • boer
  • hond
  • Een echtpaar wil heel graag een kind. Zelfs al zou het kind maar zo groot zijn als een duim, ze zouden er blij mee zijn. Hun wens wordt letterlijk verhoord. Het kleine mannetje valt op een dag van de…

sage uit 1970
  • ging nao den boer en vehure zich daor. Iedere kier atte geète mos worre dan blökke den hond en schandale den boer; van
  • genoeg hét kan den hond net zo lang blökke atte wil. Daor hét ik scheit aan". Den boer begon te dondere en te schandale. Mao
  • Een jongen gaat bij een zeer gierige boer werken op voorwaarde, dat hij ophoudt met eten als de hond Selderij blaft
  • gescheld van de boer. Op een keer moet Jan de meid helpen met soep koken, moet selderij in de pot stoppen, slacht Selderij. De
  • boer
  • hond
  • Een jongen gaat bij een zeer gierige boer werken op voorwaarde, dat hij ophoudt met eten als de hond Selderij blaft. Zodoende krijgt hij niet veel te eten en op een keer worden hem de oren afgesneden.…

sage uit 1968
  • Der wie in boer, dy wenne op in plaets. Hy hie in sleat foar hûs, dêr lei in fonderke oer. Dy boer hie twa dikke Sint
  • wienen en de boer dêr net mear wenne, wienen der minsken dy seagen nòch altyd dy beide hounen dêr lizzen.
  • Bij een boer lagen altijd twee Sint-Bernardhonden op het erf aan weerszijden van het bruggetje. Toen de boer er al lang
  • boer
  • hond
  • Bij een boer lagen altijd twee Sint-Bernardhonden op het erf aan weerszijden van het bruggetje. Toen de boer er al lang niet meer woonde en de dieren al lang dood waren, zagen de mensen nog steeds die…

mop uit 1968
  • Der wienen in man en in frou, dy wienen to praten by de boer. De man wie ien, dy koe noait sêd. Hy sloech alles der
  • Een man at altijd verschrikkelijk veel, hij wist nooit van ophouden. Toen hij en zijn vrouw een keer bij de boer zouden
  • zo snel ophield met eten. Pas toen kwam hij erachter dat niet zijn vrouw maar de hond hem onder de tafel aangeraakt had.
  • boer
  • hond
  • Een man at altijd verschrikkelijk veel, hij wist nooit van ophouden. Toen hij en zijn vrouw een keer bij de boer zouden gaan eten, spraken ze af dat zijn vrouw hem een schop onder de tafel zou geven…

sage uit 1970
  • , mor 't is zo. En den tweeden middag daor blök den hond weer. "Jao mor", zei de jong, ,dat nem ik niet". Toe zeit den boer
  • een middag toe blök tén hond weer. Toe zeit den boer: "Jong, now moj weer gaon warke". "Jao", harre gezeid, "das goed
  • Een man met drie zonen doet de oudste in dienst bij een boer, die als voorwaarde stelt: stoppen met eten als de hond
  • Selderijs geblaf, blijft gewoon dooreten en vraagt de boer of hij boos wordt; deze besef, dat de jongen anders is dan de anderen
  • boer
  • hond
  • Een man met drie zonen doet de oudste in dienst bij een boer, die als voorwaarde stelt: stoppen met eten als de hond Selderij blaft; en wie boos wordt, een stukje van het oor. De oudste baalt weldra,…

mop uit 1970
  • dier?" Toe zeit Jan: "Da's een hond". "Nee", harre gezeid, "da's meneer Snaterman". Ja, dat had Jan gewette. En toe hemme
  • . Toe was te zon tak nao onder gevalle bi'j de kat op de rug. En de kat die vat vuur en vlug tege de hond op. De hond sprink
  • op de boerderij hebben ze allemaal andere namen voor vuur, raam, bed, kat, hond etc. (nep latijn) De knecht is bang dat
  • hij het niet kan onthouden. Als de volgende dag de kat en de hond vlam vatten en de schuur in brand zetten, gebruikt de
  • boer
  • hond
  • Een zoon uit een groot gezin, die niet als zijn vader zich voor niets uit de naad wil werken, wil leraar worden, maar zakt telkens voor het examen. Als hij de hoop opgeeft, komt een heer, die een…

mop uit 1968
  • Der wie in boer, dy hie in dikke houn. Op in kear sei de arbeider: "Boer, ik kin dy houn it praten wol leare. Mar dat
  • kostet jo hûndert goune." "Hjir is hûndert goune," sei de boer, "dat ha 'k der wol foar oer." In maand letter frege de boer
  • Een arbeider zei tegen een boer dat hij voor honderd gulden zijn hond zou kunnen leren praten. Dat leek de boer wel wat
  • vroeg de boer opnieuw of de hond al goed kon praten. De arbeider zei dat de hond kon praten als een advocaat, en dat hij hem
  • boer
  • hond
  • Een arbeider zei tegen een boer dat hij voor honderd gulden zijn hond zou kunnen leren praten. Dat leek de boer wel wat en hij gaf meteen het geld. Na een maand vroeg hij de arbeider of de hond al kon…

mop uit 1968
  • Man en wiif wienen by de boer to iten. Doe sei dat wiif tsjin har man: "Tink der om, hear, mast safolle net ite. Hwant
  • Een man en een vrouw gingen eens eten bij een boer. De man at nogal veel, en wist vaak niet van ophouden. Daarom
  • zij hem getrapt had, maar de hond. Ze maakte nog wat eten voor hem klaar, maar toen ze weer bij de bedstee kwam, was de
  • boer
  • hond
  • Een man en een vrouw gingen eens eten bij een boer. De man at nogal veel, en wist vaak niet van ophouden. Daarom spraken ze af dat de vrouw de man onder de tafel zou schoppen als hij moest ophouden…

sage uit 1967
  • Doe't myn mem noch faem wie, tsjinne se by de boer. Winterdeis gong se to riden op 't iis. Dan gebeurde it wolris dat
  • lêst wie se oan 't hiem fan 'e boer ta. Hja moest om in hekke hinne. Hja tocht: "Hoe moat dit nou? Moat ik der nou earst
  • boer
  • hond
  • Een jonge vrouw werd op een avond eens achtervolgd door een plaagbeest. Toen ze terug op de boerderij was, wist ze niet hoe zij het grote, zwarte beest achter het hek kon houden. Maar toen was hij…

sprookje uit 1953
  • Der wie us in ezel. Dy wie al hiel âld. "Wy sille him forkeapje foar de dea", sei de boer. De ezel hearde dat. Hy file
  • oan?" "Moarn krijt de boer praters. Dan sille se sop ite. En dêr wolle se my ta slachtsje." "Wolle se dy ek al deameitsje
  • Omdat een oude ezel volgens de boer van geen enkel nut meer is, moet hij verkocht worden. De treurige ezel hoort dit en
  • neemt de benen. Onderweg stuit hij op verschillende dieren die eenzelfde lot beschoren is: een hond die dood moet omdat hij
  • boer
  • hond
  • Omdat een oude ezel volgens de boer van geen enkel nut meer is, moet hij verkocht worden. De treurige ezel hoort dit en neemt de benen. Onderweg stuit hij op verschillende dieren die eenzelfde lot…

mop uit 2001
  • Een boer loopt met z'n kudde schapen op een landweggetje in Schotland. Komt er een jonge vent in z'n jeep de hoek om
  • antwoord allang op weet en je hebt geen idee waar je over praat, want je hebt net mijn hond achterin je auto gezet.' (De
  • Schapen raden, hond terug
  • weet, en je weet niet waar je het over hebt, want je hebt mijn hond in je auto gezet.
  • boer
  • hond
  • Een jonge man vraagt een herder: als ik raad hoeveel schapen je hebt, mag ik er dan een? Middels de moderne techniek rekent hij het precies uit, en hij mag een schaap meenemen. De herder vraagt of hij…