Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

Zoekresultaten beperken

Itemtype
Subgenre
Decennium_group
Word count group

49 resultaten voor ""

sprookje uit 1973
  • It lean fan 'e wrâld In boer wie ûnderweis. Hy rûn op in bekend paad en wist, dat er aansen by in saad lâns kaam. Dy
  • bear ûnderyn en dy freget: 'Och boer, help my hjir asjeblyft út. Ik ha fan alles al besocht, mar ik kin der út mysels net
  • dieren die langskomen beamen dat ondank 's werlds loon is, zal de boer zich overgeven. Een voorbijkomend paard en een hond
  • zitten. De boer is de vos zeer dankbaar. De boerin voelt echter niets voor het plan. Ze laat de knecht een val in het
  • boer
  • knecht
  • Een boer ontmoet een beer die in een lege waterput zit. De beer kan er zelf niet uitkomen en smeekt de boer om hulp. De boer, die bang is verslonden te worden, weigert in eerste instantie, maar laat…

sage uit 1937
  • weddenschap aangegaan, dat hij de Witte Wieve wel het braadspit durfde brengen. Hij reed te paard naar de burg en gooide het
  • zijn jonge paard hem dit veroorloofde. Reeds spoedig hoorde hij achter zich de galop van een paard met 't witte wiefke erop
  • . De knecht kan net een huis binnenvluchten. De bijl die het Witte Wief gooide komt terecht in de stiepel. Het Witte Wief
  • boer
  • knecht
  • Een boerenknecht gaat een weddenschap aan dat hij het spit zal brengen naar de Witte Wieve. Een van hen achtervolgt hem. De knecht kan net een huis binnenvluchten. De bijl die het Witte Wief gooide…

sage uit 1937
  • achtervolgd, doch hem niet kon inhalen, omdat ze in de haast maar een schoen had kunnen aantrekken. Toen de knecht het huis
  • Een boerenknecht brengt het spit naar de Witte Wieve. Een van hen achtervolgt hem. De knecht kan net een huis
  • boer
  • knecht
  • Een boerenknecht brengt het spit naar de Witte Wieve. Een van hen achtervolgt hem. De knecht kan net een huis binnenvluchten. De bijl die het Witte Wief gooide komt terecht in de stiepel. Het Witte…

sage uit 1937
  • De Witte Wieven bij Lochem Men herinnert zich den brooddronken boerenknecht, die hen wilde tarten, die ter paard
  • Een dronken boerenknecht wil de Witte Wieven pesten. Gezeten op een paard gooit hij een haarspit temidden van de Witte
  • boer
  • knecht
  • Een dronken boerenknecht wil de Witte Wieven pesten. Gezeten op een paard gooit hij een haarspit temidden van de Witte Wieven. Onmiddellijk daarna wordt hij door de vrouwen met de blikkerende haarspit…

mop uit 1971
  • Op eigen grûn By in boer wennen in feint en in faam. Dy twa waarden it roerend iens. Lyk as folle boeren woe ek dizze
  • net lije, dat de boaden fan 'e selde pleats meiïnoar frijden. Dêr rekken de boer en de feint slaande deilis oer. Doe sei
  • komen. Met een paard en een wagen vol modder keert de knecht vervolgens naar de boer terug. Als de boer probeert om de
  • Om een eind te maken aan het gevrij van het dienstpersoneel verbiedt een boer een knecht om nog op zijn grondgebied te
  • boer
  • knecht
  • Om een eind te maken aan het gevrij van het dienstpersoneel verbiedt een boer een knecht om nog op zijn grondgebied te komen. Met een paard en een wagen vol modder keert de knecht vervolgens naar de…

mop uit 1966
  • Der wie in boer, dy hie in feint, dy hie in jier by him tsjinne. Doe't it wer nei maeije roan, sei de boer tsjin him
  • . Foldocht it dy hjir net?" "Tige boer, dat hoeft wier net oars." "Hwat is der dan?" "Nou boer, dat sil ik jo sizze. Ik wol hjir
  • Een boer vraagt een knecht die al een jaar bij hem in dienst is nog een jaar te blijven. Hij wil dat doen op voorwaarde
  • kast. De boer is bang, maar de knecht weet dat er een rijke boer uit de omgeving in de kast zit. Die heeft een affaire met
  • boer
  • knecht
  • Een boer vraagt een knecht die al een jaar bij hem in dienst is nog een jaar te blijven. Hij wil dat doen op voorwaarde dat hij geen loon krijgt, maar wel één dag in dat jaar de baas mag zijn. Hij…

sprookje uit 1970
  • DE SLIMME DIEF Er was eens een boer, die drie zoons en twee dochters had. Jan de oudste was een deugniet: hij wilde
  • mooiste paard van de koning uit de stal stelen. Dat was niet gemakkelijk, want de koning zette twee veldwachters voor de
  • paard van de koning en de ring van de koningin te stelen. Het lukt de jongen om het paard mee te nemen door de bewakers
  • beloning wordt de jongen de trouwste knecht van de koning.
  • boer
  • knecht
  • Een boerenzoon steelt een ploegijzer. Hij wordt door de koning opgepakt. De moeder van de jongen vraagt om vergiffenis. De koning zal hem vrijlaten, mits hij twee moeilijke opdrachten weet te…

sprookje uit 1889
  • de ooren van eenen armen schêpersknecht, eenen Duitschman, die de zwarte kunst kende. Hij zegde aan zijnen boer: "Mag ik
  • daar eens naartoe trekken, boer? Ik zal dat wijf wel doen lachen!" De schêper sprong op eene oude merrie, die zijn meester
  • jongeling die haar aan het lachen kan krijgen. Een arme knecht, die thuis is in de zwarte kunst, gaat op weg om een poging te
  • wagen. In een herberg bekijkt de dochter van de herbergier het zadel van zijn paard. Als de man: "hou vast!" roept, kan ze
  • boer
  • knecht
  • Een koning heeft een dochter die nog nooit gelachen heeft. Hij belooft zijn dochter en de helft van zijn rijk aan de jongeling die haar aan het lachen kan krijgen. Een arme knecht, die thuis is in de…

sage uit 1968
  • Grinslân, dy hie by in faem kom, dat wie in nachtmerje. De boer hie in âld hynder, dat hie faek lêst fan in nachtmerje. Doe
  • meestal door het sleutelgat een huis binnen. Men kan een nachtmerrie vangen. Het paard van een boer in Groningen had vaak
  • last van een nachtmerrie. Op een keer strooiden ze meel op de rug van het paard. Een nachtmerrie mag niets meenemen. Die
  • boer
  • knecht
  • Nachtmerries zijn vrouwen. Van zeven opeenvolgende dochters is de oudste of de jongste een nachtmerrie. Ze komen meestal door het sleutelgat een huis binnen. Men kan een nachtmerrie vangen. Het paard…

sage uit 1967
  • Us heit tsjinne by de boer. Dat wie Hindrik Berga to Koudenburg by de Haule. De boer hie twa hynders, in swart en in
  • brún. It swarte hynder waerd siik. Foar dat sike hynder moast heit nei it Swartfean ta. Dêr wenne Hinse Jehannes de Boer
  • Een boer had twee paarden, een bruine en een zwarte. Het zwarte paard werd ziek, en de knecht moest met wat uit de
  • manen van het zieke dier naar Hinse Jehannes de Boer, een veearts en duivelbanner. De knecht besloot ook wat van het gezonde
  • boer
  • knecht
  • Een boer had twee paarden, een bruine en een zwarte. Het zwarte paard werd ziek, en de knecht moest met wat uit de manen van het zieke dier naar Hinse Jehannes de Boer, een veearts en duivelbanner. De…

sage uit 1966
  • skriuwe en goed mei it folk omgean. Hy hat feint west op 'e Lytse Geast. Op in kear wied er by de boer yn 't lân. Doe tocht er
  • 'e rêch, dat it like krekt as hied er in buchel. Op Ljouwerter merk forkocht er it hynder fan syn boer. It jild dat er
  • Japik Ingberts verkoopt als bultenaar een gestolen paard (koe)
  • dat paard had gekocht. Deze zei van een man die op zijn knecht leek, alleen dan met een bochel. De boer kocht zijn eigen
  • . Verkleed als een bochelaar verkocht Japik eens het paard van de boer op de markt in Leeuwarden. Daarna liep hij snel terug naar
  • boer
  • knecht
  • Japik Ingberts was veel goochemer dan zijn tijdgenoten. Hij kon lezen en schrijven en goed met het volk omgaan. Verkleed als een bochelaar verkocht Japik eens het paard van de boer op de markt in…

sage uit 1966
  • boer
  • knecht
  • Op een keer kregen de paarden de kar met mest niet uit de mestvaalt getrokken. Sterke Hearke legde toen eerst wat kruiplanken neer, en trok de wagen toen zo naar de verharde weg.

sage uit 1966
  • Ergens yn 'e Wâlden wenne in âld-feint. Dy wie arbeider by de boer. Hy wie mei de helm geboaren en moest alles sjen. De
  • boer dêr't er by wenne, hie twa soannen. Ien dêrfan woardde great mei de faem. Dy faem moest fan him bifalle. Sy mienden 't
  • paard. De begrafenisstoet is dezelfde die de boer al had gezien. De boer slaat de knecht dood. Het inmiddels flink gegroeide
  • dochtertje van de knecht zegt tegen de boer dat hij zal boeten voor de moord op de knecht. De boer snijdt zich aan een plant en
  • boer
  • knecht
  • Een boerenknecht is met de helm geboren en heeft vaak voorgezichten. Hij woont in een klein huisje op het land van de boer. De boer heeft twee zonen en een van hen heeft een meisje zwanger gemaakt. De…

sprookje uit 1951
  • Der wie in boer, dat wie hwat in fremd man. Hy krige in nije feint. Op in moarn sei de boer tsjin 'e feint: "Nou haw ik
  • op in plak, dêr stie de boer to hanwaskjen. Sy soenen ite. De feint frege oan 'e boer: "Hwa is hjir baes, jo of de frou
  • stoere boer verzekert de knecht echter dat hij de baas is en de knecht laat hem een paard uitzoeken. De boer kiest het
  • Een vreemde boer geeft wel een heel opmerkelijke opdracht aan zijn nieuwe knecht. De knecht moet met een door twee
  • boer
  • knecht
  • Een vreemde boer geeft wel een heel opmerkelijke opdracht aan zijn nieuwe knecht. De knecht moet met een door twee paarden getrokken wagen vol apenoten de huizen langstrekken. Bij ieder huis moet hij…

sage uit 1969
  • Der wie in boer dy hie in stik greidlân, dat lei gâns in ein fan hûs en sa hied er ek in stik bou, dat fierôf lei. It
  • greidlân hied er in kuilbult op sitten. Op in kear stjûrde dy boer de feint dêrhinne om in foer kuil to heljen en as er dat op
  • bezetene op de boerderij af, en de knecht en de jongen vielen van de wagen. De meester van de jongen zag hoe de boer met zijn
  • Een knecht en een boerenzoon zaten eens op de wagen, toen de paarden hevig schrokken van een auto. Ze renden als een
  • boer
  • knecht
  • Een knecht en een boerenzoon zaten eens op de wagen, toen de paarden hevig schrokken van een auto. Ze renden als een bezetene op de boerderij af, en de knecht en de jongen vielen van de wagen. De…

mop uit 1977
  • It wie yn 'e tiid dat de Spanjoalen yn ús lân tahâldden. Der wenne earne in boer, dy wie allinne thús mei de feint. De
  • Spanjoalen wienen oan it doarp ta, se rieden op hynders. De boer wie deabinaud, hwant dy mannen roofden alles hwat se mar krije
  • In de Spaanse tijd was een boer erg bang om beroofd te worden door Spanjaarden te paard. Als er een Spaanse ruiter
  • achter de onderdeur zitten met een stokje. Als de ruiter nadert, prikt de knecht het paard door het hartje van de deur in
  • boer
  • knecht
  • Boer, Sjouke de
  • In de Spaanse tijd was een boer erg bang om beroofd te worden door Spanjaarden te paard. Als er een Spaanse ruiter nadert, rekent een buiksprekende knecht op een slimme wijze met de overvaller af: hij…

sage uit 1979
  • Oege wie arbeider by in boer. Dy boer hie twa sike hynders, dêrom stjûrde er Oege nei greate Wopke fan Kûkherne, de
  • mei en roun doe it hiele ein. "Dy duvelse keardel hat my dêr falle litten", sei er tsjin 'e boer. Hwant hy wist wol dat
  • Omdat een boer twee zieke paarden heeft, stuurt hij zijn arbeider naar Wopke de duivelbanner. De boer geeft zijn knecht
  • hooi mee van de twee zieke paarden, maar ook wat hooi van een gezond paard. Wopke laat zich niet voor de gek houden en ziet
  • boer
  • knecht
  • Omdat een boer twee zieke paarden heeft, stuurt hij zijn arbeider naar Wopke de duivelbanner. De boer geeft zijn knecht hooi mee van de twee zieke paarden, maar ook wat hooi van een gezond paard.…

mop uit 1979
  • Der wie ris in boer op 'e merk. Hy praette mei in koopman, dy woe biweare, dat oeral de man baes wie. De boer woe dat
  • sei: "Dû hast gelyk." Mar de feint dy sei: "Jo krije in geit." Hy kaem mei de beide hyns werom. De boer hie de weddenskip
  • verzekert de knecht echter dat hij de baas is en de knecht laat hem een paard uitzoeken. De boer laat zijn keus vallen op het
  • bewijzen. Thuis stuurt de boer direct zijn knecht weg met een wagen met twee prachtige paarden ervoor en twintig geiten. De
  • boer
  • knecht
  • Een boer die zeker is dat de vrouwen overal de baas zijn gaat een weddenschap aan met een koopman die er een tegengestelde mening op nahoudt. De boer stelt zijn twee beste paarden in het vooruitzicht…

sprookje uit 1970
  • fortsjinjen. Doe kom er by in boer torjochte. Dy frege er om wurk. Doe sei dy boer: "Ja jonge, dat sit sje-sa, ik kin dy oars
  • oppasse en tige foarsichtich wêze." De jonge tocht even nei. Doe sei er tsjin 'e boer: "Ik leau dat ik it doch mar oannim. Mar
  • Een jongen durft het aan schaapherder te worden bij een boer, hoewel alle vorige knechten zijn omgekomen toen ze de
  • toestemming omdat hij op de schapen moet passen. De herder verkleedt zich, zet een masker op en zoekt een prachtig paard uit
  • boer
  • knecht
  • Een jongen durft het aan schaapherder te worden bij een boer, hoewel alle vorige knechten zijn omgekomen toen ze de schapen in het klaver van drie vreselijke reuzen lieten weiden. Het lukt de jongen…

sage uit 1970
  • Ik en myn wiif wienen us to jounpraten by in boer yn Haulerwyk. Doe fortelde dy boer ús, der wennen by in boer in
  • op 'e stâl en hy kroep yn 't bêd. Hy lei suver krekt of dêr wie de boer. "Melkerstiid, mannen!" Sy der ôf, de klean oan
  • De oudste knecht van een boer die samen met de jongste knecht een bedstee deelt wordt iedere nacht om twaalf uur door
  • paard verschijnt ook aan de jongste knecht en hij leidt het dier tot de smid. De jongste knecht laat de smid de voorpoten
  • boer
  • knecht
  • De oudste knecht van een boer die samen met de jongste knecht een bedstee deelt wordt iedere nacht om twaalf uur door een wit paard van zijn bed gelicht. Hij moet op het paard rijden - of hij nou wil…

sage uit 1968
  • Der wie in boer, dy hie in feint op 'e klaei. Dy wie oan 't ûngetiidzjen. Dy feint stie nergens foar. De boer tocht
  • : "Ik sil him ris bang meitsje." Doe gong de boer op in joun yn 'e daem sitten mei in wyt lekken om. De feint moest dêr lâns
  • knecht meende dat het niet deugde, en sloeg de boer met de jachtlijn van het paard dood.
  • Een boer wilde zijn overmoedige knecht eens bang maken. Hij wachtte hem op de dam op met een wit laken om zich heen. De
  • boer
  • knecht
  • Een boer wilde zijn overmoedige knecht eens bang maken. Hij wachtte hem op de dam op met een wit laken om zich heen. De knecht meende dat het niet deugde, en sloeg de boer met de jachtlijn van het…

mop uit 1974
  • Der wie in feint, dy hie oan 't bitedollen west. Hy hie de biten op in wein laden en dêr ried er mei nei de boer ta
  • Knecht merkt dat een paard de wagen met bieten moeilijk kan trekken. Hij vult een zak met bieten, neemt die op de rug
  • , staat er mee op de wagen en zegt dat het paard dit niet hoeft te trekken.
  • boer
  • knecht
  • Knecht merkt dat een paard de wagen met bieten moeilijk kan trekken. Hij vult een zak met bieten, neemt die op de rug, staat er mee op de wagen en zegt dat het paard dit niet hoeft te trekken.

mop uit 1979
  • Der wie in boer, dy woe oantoane dat oeral yn 'e hûs de frou baes wie. Hy stjûrde syn feint der op út mei twa moaije
  • yn 'e hûs. De apenuten koarten hurd yn. Mar doe kaem er op in plak, dêr stie de boer op it hiem. "Hwa is hjir baes
  • Een boer die aan wil tonen dat de vrouwen overal de baas zijn, stuurt zijn knecht bij de huizen langs met een wit en
  • een zwart paard en een zak vol apenoten. Als ergens een man de baas is, mag hij een paard uitzoeken; als ergens een vrouw
  • boer
  • knecht
  • Een boer die aan wil tonen dat de vrouwen overal de baas zijn, stuurt zijn knecht bij de huizen langs met een wit en een zwart paard en een zak vol apenoten. Als ergens een man de baas is, mag hij een…

sage uit 1971
  • , die paardepoot daar?" Die andere boer zei: Toen mijn ouders overleden waren, bleef ik alleen over. Toen moest ik een paard
  • Daar was een ouwe ongetroude boer. Toen kwam er eens een bij hem op vesite, ook een boer. Toen kwamen ze in de schuur
  • Een oude, ongetrouwde boer had in de schuur een paardenpoot in de hanenbalken hangen. Toen iemand eens vroeg waarom die
  • paardenpoot daar hing, verteld hij dat hij eens een ziek paard had gekocht. Zijn ouders waren net overleden, en hij was een
  • boer
  • knecht
  • Een oude, ongetrouwde boer had in de schuur een paardenpoot in de hanenbalken hangen. Toen iemand eens vroeg waarom die paardenpoot daar hing, verteld hij dat hij eens een ziek paard had gekocht. Zijn…

mop uit 1973
  • Alde Sweitse de Wit fortelde, der wie in boer, dy hie in feint. Dy feint moest alle jounen it hynder nei 't lân ta
  • bringe. Dan wie 't faek al skimerich en soms ek wolris tsjuster. "Bist net bang?" frege de boer de feint wolris. "Né," sei de
  • sloot lopen. De boer was verbaasd dat hij niet bang was. Op een keer zag de knecht een witte gedaante zitten die niet opzij
  • wilde. Uiteindelijk sloeg de knecht de gedaante op het hoofd met het bit van het paard. Het spook viel in het water en
  • boer
  • knecht
  • Een boerenknecht moest altijd in het donker het paard naar het land brengen. Daarbij moest hij over een plank over een sloot lopen. De boer was verbaasd dat hij niet bang was. Op een keer zag de…