Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

Zoekresultaten beperken

Itemtype
Subgenre
Decennium_group
Provincie(NL)/Gewest(BE)
Word count group

17 resultaten voor ""

sprookje uit 1972
  • Lânhearre en boer It is in boer, dy buorke net te goed. Hy liet de boel fertutearzgje. De stikels yn 'e greide bleauwen
  • '. Hawar, boer en boerinne seinen him ta, it soe oars, se soenen har bêst dwaan, mar de twadde kear dat de rintmaster kaam koe
  • Lânhearre en boer
  • Een boer bewerkt zijn land niet goed. Hij moet bij de landheer komen. Als hij drie onbeantwoordbare vragen goed
  • antwoordt: "U denkt dat ik de boer ben, maar ik ben de arbeider." Hier heeft de landheer niet van terug, en de boer mag op zijn
  • boer
  • landheer
  • Een boer bewerkt zijn land niet goed. Hij moet bij de landheer komen. Als hij drie onbeantwoordbare vragen goed beantwoordt, mag hij blijven. De boer ziet er tegenop om te gaan, dus gaat de arbeider…

sprookje uit 1972
  • De boer krijt alles ta syn lêst In mynhear hie him krekt in pear skuon meitsje litten en mei de nije skuon oan gong er
  • er, 'as de hûd op plakken tin is, der is gjin leartouwer dy't dat ferhelpe kin. Nee, it is de boer syn skuld'. Doe moast
  • De boer krijt alles ta syn lêst
  • kon doen het was de schuld van de landheer. De landheer zei dat het godslastering was wat de boer zei, en uiteindelijk
  • . De leerlooier zei ook dat hij er niks aan kon doen. Het was de schuld van de boer. De boer zei ook dat hij er niks aan
  • boer
  • landheer
  • Een meneer had nieuwe schoenen gekocht, maar de zool liet los zodat hij struikelde. Hij ging ermee naar het gerecht. De schoenmaker moest voorkomen, maar hij zei dat het zijn schuld niet was. Het leer…

sprookje uit 1971
  • Ien dei baas Der wie ris in boer, dy gong alle freden nei stêd, en dan kaam de lânhearre by de boerinne, want hy wie
  • grut mei har. Dat lêste dêr wie de boer net mei op 'e hichte, mar syn feint wol en dy hie dêr knap argewaasje fan. Doe rûn
  • komen: "Laat me eruit!" De landheer blijkt zich in de kast verstopt te hebben. Deze vergreep zich elke week, als de boer
  • Een knecht vraagt aan de boer voor wie hij werkt, of hij voor één dag de baas mag zijn. De boer stemt toe. Als de
  • boer
  • landheer
  • Een knecht vraagt aan de boer voor wie hij werkt, of hij voor één dag de baas mag zijn. De boer stemt toe. Als de bewuste dag is aangebroken, zegt de knecht tegen de boer dat hij niet, zoals elke…

mop uit 1966
  • Der wie in lânhearre, dy wenne yn 'e stêd. Hy wie us in kear by syn boer to jimmetiten. Sy krigen hazze. De boer hie dy
  • hazze sels sketten. De lânhearre gong to gast en sei tsjin 'e boer: "Jonge, sa'n hazke moesten jo my oars ek us bringe
  • Een boerenzoon moet van zijn vader een geschoten haas in een zak naar de landheer in de stad brengen. Onderweg krijgt
  • aankomst in de stad is de landheer boos en hij stuurt de jongen terug met de kat. Hij stopt weer bij het huisje en de jongens
  • boer
  • landheer
  • Een boerenzoon moet van zijn vader een geschoten haas in een zak naar de landheer in de stad brengen. Onderweg krijgt de jongen dorst en bij een huisje krijgt hij te drinken. Intussen verwisselen twee…

Trefwoorden: boer, haas, kat, landheer, verwisselen


mop uit 1945
  • winsk oan him ôfstean. De boer ûnthiet it him. Mei de twade skyldwacht, dy't in eintsje fierder stie, wie 't fan itselde
  • lekken in pakje. De boer sei: "Goed, jo sille jou part fan 'e winsk ha." Einlings en to'n lêsten forskynde ús boer foar de
  • boerderijen aan de boer af te staan in ruil voor de wens. In het paleis krijgt de landheer, net als de schildwachten, de gewenste
  • boer vindt het kruis. De landeigenaar krijgt er lucht van en vraagt de boer wat hij voor de wens wil hebben. De boer vraagt
  • boer
  • landheer
  • De keizer verliest tijdens de jacht een kruis, een duur erfstuk. Hij belooft dat de vinder een wens mag doen. Een arme boer vindt het kruis. De landeigenaar krijgt er lucht van en vraagt de boer wat…

sage uit 1968
  • by de boer op 'e telle. Dêr soed er it terskje. Mar doe woarde er siik. Hy gong nei de boer ta en sei: "Ik kin net
  • hier bitelje." De boer sei: "Wy matte sèls dòch terskje. Dat komt wol foar inoar." Kees Ymes hiet de boer. Roel Megiel kom
  • een keer was hij ziek. Hij vroeg een boer de rogge voor hem te dorsen en er de landheer mee te betalen. De boer beloofde
  • dat. Maar de man ging dood en de boer vergat zijn belofte. Sindsdien, als de boer en zijn vrouw 's avonds gingen slapen
  • boer
  • landheer
  • Een man verbouwde wat rogge op een stukje land dat hij huurde van een landsheer. Met de rogge betaalde hij de huur. Op een keer was hij ziek. Hij vroeg een boer de rogge voor hem te dorsen en er de…

mop uit 1659
  • Van een Boer die Alssen-wijn dronck, meenende dat het Galle was. Een seecker Boer in Zallandt, beschuldigt zijnde aen
  • , ende den Boer die quam daer voor-by gaen, de Landt-heer hem siende, riep hem in, en seyde: Wat hoor ick van u? ghy hout my
  • Van een Boer die Alssen-wijn dronck, meenende dat het Galle was.
  • Een landheer beschuldigt een boer dat hij zijn eikebomen steelt om dammen en dijken te bouwen. De boer ontkent dit en
  • de landheer biedt hem een glas alsemwijn aan. Dit smaakt echter zo bitter dat de boer denkt dat hij gal drinkt en God hem
  • boer
  • landheer
  • Een landheer beschuldigt een boer dat hij zijn eikebomen steelt om dammen en dijken te bouwen. De boer ontkent dit en de landheer biedt hem een glas alsemwijn aan. Dit smaakt echter zo bitter dat de…

sprookje uit 1972
  • Der wie in boer, dy moest fan 'e plaets. De rintmaster hie dat bioardere. Dat wie de lânhearre goed, dy liet altyd
  • alles oan 'e rintmaster oer. Mar de boer seach rare sneu; dy woe graech op 'e plaets bliuwe. Dêrom stjûrde hy in brief nei
  • Een boer mocht op zijn boerderij blijven als hij vier vragen van de rentmeester kon beantwoorden. De knecht zei dat hij
  • wat de rentmeester nu dacht. Toen zei de knecht dat hij dacht de boer voor zich te hebben, maar dat hij de knecht was
  • boer
  • landheer
  • Een boer mocht op zijn boerderij blijven als hij vier vragen van de rentmeester kon beantwoorden. De knecht zei dat hij de antwoorden wel wist, en ging naar de rentmeester.Hij antwoordde de eerste…

mop uit 1969
  • Der wie in landhear, die sloech mei de boer syn frou om. Dat wist de feint. Op in kear sei er tsjin 'e boer: "Boer, nou
  • wol ik hjir wòl bliuwe, mar ûnder ien bitingst." "En dat is?" frege de boer. "Dat ik ienkear yn 't jier boer wêze mei en
  • Een landheer slaapt met de boerin zonder dat de boer dit weet. De knecht is hier echter wel van op de hoogte en zegt
  • aangeeft. De boer stemt toe. Als de boer een keer onverwachts uit de stad terugkomt, kruipt de landheer heel snel in de kast
  • boer
  • landheer
  • Een landheer slaapt met de boerin zonder dat de boer dit weet. De knecht is hier echter wel van op de hoogte en zegt een keer tegen de boer dat hij wil blijven als hij eens per een dag boer mag zijn…

sprookje uit 1969
  • Der wie us in boer, dy hie op syn hekke skilderje litten: Zonder zorgen. Syn landhear kom dêr lâns en lêsde dat. Dy
  • leare hwat soargen binne." Doe't de boer by him kom, sei er tsjin him: "Hastû noait soargen?" "Né", sei de boer. "Dan wurdt
  • Een landheer zag dat een van zijn boeren 'zonder zorgen' op zijn hek had geschilderd. Hij was jaloers op die boer die
  • eerste opdracht was dat de boer in het huis van de landheer moest komen, zonder over diens erf te lopen. De knecht nam een
  • boer
  • landheer
  • Een landheer zag dat een van zijn boeren 'zonder zorgen' op zijn hek had geschilderd. Hij was jaloers op die boer die maar geen zorgen had, en hij riep hem bij zich. Hij zei dat hij drie opdrachten…

sprookje uit 1896
  • wel eens slecht met je. afloopen.» - Dit vreesde de boer ook en hij vertelde de waarheid. Maar nu zeî de landheer: «Die
  • derwaarts, De landheer kwam hem in eigen persoon te woord staan en vernemende dat de boer weêr een tooverflesch had, liet hij
  • borden, schotels en bestek gevuld met eten. De boer en boerin worden rijk door de verkoop van het servies. De landheer wil
  • boer gaat met deze fles naar de landheer en laat diens huis vernielen. De landheer zegt hem te stoppen en geeft de boer
  • boer
  • landheer
  • Een boer en zijn vrouw zijn zo arm dat zij hun enige koe moeten verkopen. Op weg naar de markt ontmoet de boer een dwergachtig mannetje dat aanbiedt de koe van hem te kopen. Als betaling krijgt de man…

sage uit 1896
  • gekleede vrouw de woning van den boer bezoeken. Zij maakte zich bekend als de nieuwe landvrouw - vrouw van den landheer. De
  • De heinproef.* Er was eens een huurboer, die had een nieuwen landheer gekregen. Kort daarna kwam eene deftig en fraai
  • Een boer en zijn vrouw krijgen een nieuwe landheer. Korte tijd daarna komt er een vrouw aan de deur die zegt de vrouw
  • van de landheer te zijn. De boerin laat haar binnen. De boer heeft zijn bedenkingen: de vrouw is grofgebouwd en wat
  • boer
  • landheer
  • Een boer en zijn vrouw krijgen een nieuwe landheer. Korte tijd daarna komt er een vrouw aan de deur die zegt de vrouw van de landheer te zijn. De boerin laat haar binnen. De boer heeft zijn…

sage uit 1980
  • , "dan zal ik je achthonderd gulden lenen." De volgende dag betaalde de boer de pachtsom. Op weg naar huis werd de landheer
  • opbrengen." "Als dat alles is," zei Platte Tijs. "Wanneer komt de landheer?" "Morgen." "Hoe laat?" "Vier uur." "Goed," zei Tijs
  • opereerde. In de ballade "Een nieuw lied van de Agtkante Boer" wordt verteld dat hij in Rotterdam, waar hij bij zijn liefje
  • . Zie ook: Jurjen van der Kooi: `Schinderhannes en de achtkante boer', in: Driemaandelijkse bladen 33 (1981) 3, p.81-99 en
  • Een boef leent geld aan een boer die de pacht niet kan betalen aan de landheer. De landheer wordt de volgende dag
  • Achtkante Boer
  • boer
  • landheer
  • Een boef leent geld aan een boer die de pacht niet kan betalen aan de landheer. De landheer wordt de volgende dag beroofd door de boef. Hij wil een andere dief beroven, maar die gaat er toch zelf met…

mop uit 1980
  • landheer onder zijn staart. Toen ze hem wilden loslaten, zei de ene boer: "Wacht! De haas kan het adres niet lezen. Hij heeft
  • Slechte voortekenen Een boer uit Dokkum ging op weg naar Leeuwarden om de pacht te betalen. Hij was juist vertrokken
  • Twee boeren besluiten een haas met de pachtsom naar de landheer te laten gaan. Ze hebben te veel slechte voortekenen
  • gekregen om de reis zelf te ondernemen. Ze geven de haas een briefje mee voor de landheer en binden een beurs met de pachtsom
  • boer
  • landheer
  • Twee boeren besluiten een haas met de pachtsom naar de landheer te laten gaan. Ze hebben te veel slechte voortekenen gekregen om de reis zelf te ondernemen. Ze geven de haas een briefje mee voor de…

mop uit 1913
  • antwoord. Bij de vraag drie- of vijfjarig, kreeg de boer ook zijn zin, maar toen de landheer vroeg of het een zwarte of een
  • Broeker boer het volgende. Een rentmeester vertelde aan een landeigenaar, dat zijn boeren ontevreden waren en allerlei
  • Landheer meent dat niet de boeren ontevreden zijn en veranderingen willen, maar dat hun vrouwen klagen. Bij de proef om
  • te kijken of er één boer is waarvan de vrouw niet de doorslag geeft bij het nemen van een besluit, blijkt dat de vrouw de
  • boer
  • landheer
  • boer uit Broek
  • Landheer meent dat niet de boeren ontevreden zijn en veranderingen willen, maar dat hun vrouwen klagen. Bij de proef om te kijken of er één boer is waarvan de vrouw niet de doorslag geeft bij het…

mop uit 1896
  • spaanders er na vlogen. En wie stak er nu het hoofd uit? Niemand anders dan de landheer van den boer, die deemoedig smeekte hem
  • Een dag baas. Zekere boer had een knecht, die reeds eenige jaren bij hem had gewoond en hem zeer trouw diende. De
  • Een boer vraagt zijn knecht, op wie hij zeer gesteld is, of deze nog een jaar bij hem in dienst wil blijven. Deze wil
  • zijn en de boer alles moet doen wat hij zegt. Hij zegt de boer de kast uit de voorkamer op de hooiwagen te laden. Samen
  • boer
  • landheer
  • Een boer vraagt zijn knecht, op wie hij zeer gesteld is, of deze nog een jaar bij hem in dienst wil blijven. Deze wil dat, op voorwaarde dat hij een dag in het jaar baas mag zijn. Op een dag zegt hij…

mop uit 1651
  • Een boer hadde sijn lantheer te gast genoodigt, dien hij sooals hij uyt sijn koetse trat, sijn klederen onderley. De
  • Een boer had zijn landheer uitgenodigd. Toen hij uit zijn koets stapte, legde de boer zijn kleren op de grond neer. De
  • heer vroeg wat dat te betekenen had, en de boer antwoordde: 'Och heer, u bent het niet waard de aarde te betreden.'
  • boer
  • landheer
  • Een boer had zijn landheer uitgenodigd. Toen hij uit zijn koets stapte, legde de boer zijn kleren op de grond neer. De heer vroeg wat dat te betekenen had, en de boer antwoordde: 'Och heer, u bent het…