Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

6 resultaten voor ""

sprookje uit 1972
  • De boer krijt alles ta syn lêst In mynhear hie him krekt in pear skuon meitsje litten en mei de nije skuon oan gong er
  • er, 'as de hûd op plakken tin is, der is gjin leartouwer dy't dat ferhelpe kin. Nee, it is de boer syn skuld'. Doe moast
  • De boer krijt alles ta syn lêst
  • Een meneer had nieuwe schoenen gekocht, maar de zool liet los zodat hij struikelde. Hij ging ermee naar het gerecht. De
  • . De leerlooier zei ook dat hij er niks aan kon doen. Het was de schuld van de boer. De boer zei ook dat hij er niks aan
  • boer
  • meneer
  • Een meneer had nieuwe schoenen gekocht, maar de zool liet los zodat hij struikelde. Hij ging ermee naar het gerecht. De schoenmaker moest voorkomen, maar hij zei dat het zijn schuld niet was. Het leer…

mop uit 1970
  • ", zeit de jong: "Vooruit". Hi'j mik ten dekkel los, en doar kömp meneer druut. En daor had hi'j zo'n endje holt gehalt en dat
  • honger laote li'je; hi'j had ter noait gin botteram van könne kriege. Toe kömpte bi'j d'n eersten boer. Dén zeit: "Waor kòmp
  • vel. Een boerin weigert hem onderdak, hij bespioneert haar uit een boom, ziet er een fijne meneer, die als de boer plots
  • thuiskomt, zich in een kist verstopt, terwijl de boerin de wijn en de kaas wegstopt. Jan zegt tegen de boer in zijn vel een
  • boer
  • meneer
  • Jan gaat voor zijn moeder, een weduwe, handel drijven, maar gooit het verdiende geld in het water naar happende vissen. Dan gaat moeder maar weer en Jan blijft thuis op de koeien en varkens passen,…

mop uit 1979
  • Der wie in boer, dy wenne op in pleats fan 'e roomske tsjerke. Dêr wie in greate tún by mei in great hôf en de pastoar
  • beschaafdheid en fatsoen leren." En de pastoar krige de koer mei prûmen en sei: "De groeten van de boer en hier zijn mijnheer de
  • aanbieden: 'De groeten van de boer en hier zijn meneer de pastoor zijn pruimen'. De knecht graait hierop in zijn zak en biedt de
  • Een boerenknecht overhandigt een pastoor een gedeelte van de pruimenoogst van de boer met de woorden 'Hier zijn de
  • boer
  • meneer
  • Een boerenknecht overhandigt een pastoor een gedeelte van de pruimenoogst van de boer met de woorden 'Hier zijn de pruimen voor de pastoor. Je kunt ze zo eten, ze zijn zo week als schijt'. De pastoor…

sage uit 1963
  • Achter Ljouwert moat in boer west ha, dy't net in sint mear hie. Syn pleats wie oanein, en as der in stoarm kom, koe
  • lykje wol mismoedich, sei dy. Dat bin ik ek andere de boer en doe fortelde hy hoe slim as hy der oan ta wie en dat er sa'n
  • Boer verkoopt ziel aan de duivel die boerderij voor hem bouwt en oplevert voordat een haan kraait. De duivel verliest
  • boer
  • meneer
  • Boer verkoopt ziel aan de duivel die boerderij voor hem bouwt en oplevert voordat een haan kraait. De duivel verliest doordat de boerin gaat kraaien en antwoord krijgt van een haan voordat de…

sage uit 2008
  • boer
  • meneer
  • Kinderen werden vroeger bang gemaakt met de Boelekeerl.

sprookje uit 1966
  • op in plak, dêr like de man nochal brimstich en koart to wêzen. Hwa is hjir baes? frege de feint. Dat bin ik, sei de boer
  • witte hokker. Doe socht de boer it swarte hynder út. Dat foun er prachtich. Mar doe kom de frou op 'e lappen. De boer sei
  • die een paard uitzoeken. Overal is de vrouw de baas, tot hij bij een boer komt die zegt dat hij de baas is. De boer zoekt
  • het zwarte paard uit, maar zijn vrouw vindt het blauwe mooier. Uiteindelijk geeft de boer toe, maar daarmee verspeelt hij
  • boer
  • meneer
  • Man wil bewijzen dat vrouwen altijd het laatste woord wil hebben. De knecht gaat op pad met een mand appels en drie paarden, een witte, een zwarte en een blauwe. Daar waar de vrouw de baas is geeft…