Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

Zoekresultaten beperken

Itemtype
Decennium_group
Word count group

64 resultaten voor ""

sprookje uit 1966
  • Der wienen in boer en in feint. Dy sieten op in joun by elkoar mei in eintsje kears, dat brânde. De boer seach tige
  • binaud. "Hwat skeelt jo?" frege de feint. Doe fortelde de boer him, dat er syn siele forkocht hie oan 'e duvel. Dêr hied er
  • Een boer en een knecht zitten bij elkaar. Er brandt een kaars en de boer is bang. Hij heeft zijn ziel aan de duivel
  • kan naar de ziel van de boer fluiten.
  • boer
  • vuur
  • Een boer en een knecht zitten bij elkaar. Er brandt een kaars en de boer is bang. Hij heeft zijn ziel aan de duivel verkocht en die komt hem halen als de kaars opgebrand is. De knecht pakt daarop de…

sage uit 1953
  • boer
  • vuur
  • Witte wieven stoken soms een vuurtje in het hooi, maar dat hooi gaat niet branden.

sage uit 1966
  • 't Wie op in joune mei min en tsjuster waer. De boer siet by 't fjûr, doe kom der noch ien oan 'e doar. De boer gong
  • der hinne en doe stie dêr in frommes. Dat frege of se dêr dy nachts bliuwe koe. Dêr hie de boer gjin biswier tsjin. Sy
  • Op een donkere avond vraagt een vrouw aan een boer of ze kan blijven slapen en de boer nodigt haar uit bij zijn vuur
  • . Even later staat er een man voor de deur die ook hij vraagt of hij kan blijven slapen. Na even bij het vuur gezeten te
  • boer
  • vuur
  • Op een donkere avond vraagt een vrouw aan een boer of ze kan blijven slapen en de boer nodigt haar uit bij zijn vuur. Even later staat er een man voor de deur die ook hij vraagt of hij kan blijven…

mop uit 1966
  • fierder en op it lêst wienen se wol trije ûren fan hûs. Dêr wenne in boer, dêr hie Jan kunde oan. Jan sei tsjin Griet: "Dêr
  • matte wy fannacht mar bliuwe. De berntsjes matte har sa lang mar rêdde." It jounmiel stie ré en de boer en de boerinne
  • De arme Jan en Grietje en hun zes kinderen zaten op een avond met lege magen bij het vuur. De ouders gingen op zoek
  • naar eten, en bij een boer mochten ze meeëten. Jan zei tegen Grietje dat ze niet weer zoveel moest eten als de vorige keer
  • boer
  • vuur
  • De arme Jan en Grietje en hun zes kinderen zaten op een avond met lege magen bij het vuur. De ouders gingen op zoek naar eten, en bij een boer mochten ze meeëten. Jan zei tegen Grietje dat ze niet…

mop uit 1966
  • It teltsje fan de wûnderpot. Der wie ris in boer, dy hie in poep yn 't wurk, dy't foar him meande. De boerinne brocht
  • niet op het vuur gestaan, en de mof wilde deze wonderpot wel kopen van de boerin. Maar de volgende dag waren de bonen nog
  • boer
  • vuur
  • Tijdens de schaft bracht een boerin een pruttelende pot eten naar de mof, die op het land aan het werk was. De pot had niet op het vuur gestaan, en de mof wilde deze wonderpot wel kopen van de boerin.…

sage uit 1888
  • . In hunnen spoed dachten zij niet meer op hun appelspijs (in de volkstaal trot geheeten), welke voor de kermis op het vuur
  • daardoor hun gerecht dat op net op het vuur staat. Als het gerecht is aangebrand, doen ze boos hun beklag bij de heilige, die
  • boer
  • vuur
  • De heilige Amandus komt in een dorp tijdens de kermis preken. De boeren komen naar hem luisteren, maar vergeten daardoor hun gerecht dat op net op het vuur staat. Als het gerecht is aangebrand, doen…

sage uit 1980
  • Getrouwd met een heks Een boer kreeg een zoon. Het kind was bij de geboorte goed gezond, maar na een paar dagen scheen
  • , die nog maar kort in dienst was, Abe. Na verloop van tijd zei de boer tegen zijn vrouw: "Het is toch vreemd, dat Fokke
  • De zoon van de boer huilt aan een stuk door wanneer de knecht op de boerderij is. De boer spreekt hierover met de
  • de zoon van de boer is. Hij moet boeten omdat de boerin te veel geld laat betalen voor de boter. De knecht laat haar
  • boer
  • vuur
  • De zoon van de boer huilt aan een stuk door wanneer de knecht op de boerderij is. De boer spreekt hierover met de knecht, maar die zegt onschuldig te zijn. De knecht komt thuis en ziet zijn vrouw…

mop uit 1970
  • zak en ging op weg. Hij was juist buiten achter het huis of hij zag daar een boer die tarwe zaaide. Die boer, die hoorde
  • vuur flink te laten branden, maar het wou niet lukken. Toen stak Jan zijn hoofd door de deur en zei: "Ik wou dat het
  • , herhaalt hij hem steeds. De jongen herhaalt de woorden ook bij een boer die zijn land inzaait. De boer denkt dat de jongen
  • spreekt van de hoeveelheid graan dat zijn land zal opbrengen. De boer zegt hem dat hij beter het getal duizend kan noemen. De
  • boer
  • vuur
  • Een jongen moet van zijn moeder een bepaalde hoeveelheid (achtendeel) meel halen. Om de boodschap niet te vergeten, herhaalt hij hem steeds. De jongen herhaalt de woorden ook bij een boer die zijn…

sage uit 1889
  • aerde open, en in eene zee van vuur en vlammen, kwam de overleden boer te voorschijn. De hond jankte niet langer. Maar des
  • openscheurt en de boer in een zee van vuur tevoorschijn komt. De hond jankt niet langer maar de volgende dag vindt men het dier
  • boer
  • vuur
  • Een man heeft een zwarte hond die heel trouw is. Als de man overlijdt, breekt de hond elke nacht los en gaat op het graf van de man liggen janken tot de morgen. Men bindt de hond met een ijzeren…

sage uit 1970
  • 95. Bi'j een boer hier ien de buurt daor spoeken 't altied. De beeste zatte vas ien de stal. Zi'j harre töwwe aangehad
  • . En 't pead had zich dén nach dood gelopen ien de wei. Den boer is toe nao de paoters ien Huusse gegaon. Die ginge met um
  • Een aantal dieren van een boer worden 's morgens dood gevonden. De boer haalt de hulp van paters erbij. Zij constateren
  • dat de hekserij vanuit een bepaald huis komt. Ze zullen na veertien dagen terug komen omde boer te helpen. Nadat de paters
  • boer
  • vuur
  • Een aantal dieren van een boer worden 's morgens dood gevonden. De boer haalt de hulp van paters erbij. Zij constateren dat de hekserij vanuit een bepaald huis komt. Ze zullen na veertien dagen terug…

mop uit 1970
  • met Jan, dan za'k ow wel vas wat laote zien". Toe kwamme ze in de keuke. Daor brint een groot vuur. Toe zeg e tege Jan
  • : "Wat is dat veur een spiktakel wa'j daor ziet?" "Och", zeit Jan, "dat 's een vuur". "Nee", zeit e, "dat nuum ik de gloria
  • op de boerderij hebben ze allemaal andere namen voor vuur, raam, bed, kat, hond etc. (nep latijn) De knecht is bang dat
  • boer
  • vuur
  • Een zoon uit een groot gezin, die niet als zijn vader zich voor niets uit de naad wil werken, wil leraar worden, maar zakt telkens voor het examen. Als hij de hoop opgeeft, komt een heer, die een…

sage uit 1964
  • 305. Op een kier zagge ze de heks boaven ien een knotwilg zitte, die nève de wei stong. Een jaor later hieuw den boer
  • de wilg um en miek um aan brandholt. Mor at e dat holt op 't vuur lei dan begon 't te siestere net of te slange ien zatte
  • Als een boer het hout van een knotwilg, waar eens de heks opzat, brandt, sist het net of er slangen inzitten; daarom
  • boer
  • vuur
  • Als een boer het hout van een knotwilg, waar eens de heks opzat, brandt, sist het net of er slangen inzitten; daarom geeft hij het aan zijn buurman.

sage uit 1968
  • boer
  • vuur
  • Ymke de Jong deed eens een spel kaarten in een bierglas. Als hij de naam van een kaart noemde, dan sprong die kaart uit het glas. Op het laatst zaten alleen de vier boeren nog in het glas. Hij zei dat…

sage uit 1967
  • graech de nacht trochbringe. De boer sei, dat moast dan mar oangean, fanwege it minne waer. Hja sette it pak achter tsjin 't
  • de boer hwat fordacht yn 'e earen. Hy fortroude it net. Hy sei tsjin 'e faem: "Helje dû ris hwat apels op en smyt ús elk
  • . Toen ze even later bij het vuur zaten, vond de boer dat de vrouw toch wel een erg zware stem had. Hij gaf de meid de
  • Op een stormachtige avond stond er bij een boer een vrouw met een groot pak voor de deur, die graag wilde overnachten
  • boer
  • vuur
  • Op een stormachtige avond stond er bij een boer een vrouw met een groot pak voor de deur, die graag wilde overnachten. Toen ze even later bij het vuur zaten, vond de boer dat de vrouw toch wel een erg…

sprookje uit 2000
  • Een boer die heel arm was, heel eerlijk maar arm, die ploegt elke dag zo... Er kwam plotseling een vogel uit de hemel
  • te staan, die boer. En hij werd een soort uh... of de maan of een planeet... En daar was veel goud beneden, hè? Stenen
  • Een arme boer mag van een vogel een wens doen. Hij wenst zich naar een planeet waar goud te vinden is. De boer mag
  • binnen de gestelde tijd goud meenemen. De boer neemt drie bescheiden klompjes goud mee en wordt op aarde rijk. Een
  • boer
  • vuur
  • Een arme boer mag van een vogel een wens doen. Hij wenst zich naar een planeet waar goud te vinden is. De boer mag binnen de gestelde tijd goud meenemen. De boer neemt drie bescheiden klompjes goud…

sprookje uit 2000
  • vos had een gat gegraven naar de schuur van de boer, zodat ze toch nog konden eten.
  • boer
  • vuur
  • Drie boeren proberen een vos te vangen die steeds eten steelt. De vos heeft echter eten nodig om zijn gezin te voeden. De drie boeren gaan naar het hol van de vos. Ze roken het hol uit, maar de vos en…

mop uit 1659
  • Van een onnoosele Boer. Een seker Moerjaen, zijnde een Trompetter, en tot Zwolle ligghende in't Guarnisoen, wierdt eens
  • op een tijdt gecommandeert om na 't sticht van Munster te gaen, daer komende wierdt by een boer gebraght die hem logeerde
  • Van een onnoosele Boer.
  • Een boer ziet iemand een pijp roken en denkt dat het de duivel is. Wanneer hem gevraagd wordt of hij ook een trekje wil
  • , weigert hij want hij kan geen vuur eten.
  • boer
  • vuur
  • Een boer ziet iemand een pijp roken en denkt dat het de duivel is. Wanneer hem gevraagd wordt of hij ook een trekje wil, weigert hij want hij kan geen vuur eten.

sage uit 1923
  • het gerucht dat de Katholieken in alle landen als één man zouden opstaan en de Protestanten te vuur en te zwaard zouden
  • boer
  • vuur
  • Enkele spotnamen voor de bewoners van Goes. Verder een 4 regelig rijmpje over het gedenkwaardige jaar 1734 waarin voorspeld was dat de wereld zou vergaan. De Goesenaren sloten de stad en namen vele…

sprookje uit 1970
  • De boer die kocht een varken en het varken wou niet gaan. Toen ging hij naar de hond. "Hond, wil jij het varken bijten
  • niet varken bijten en varken wil niet gaan." "Neen", zei de stok. Toen ging hij naar het vuur. "Vuur, wil jij stok branden
  • wil niet lopen'. Als ook de stok 'nee' antwoordt, vraagt de boer het vuur de stok te verbranden. De boer bezoekt hierna
  • achtereenvolgens het water om het vuur te blussen, de os om het water op te drinken en de man om de os te slachten. De boer somt steeds
  • boer
  • vuur
  • Een boer koopt een varken. Als het varken weigert te lopen, vraagt de boer zijn hond of die het varken wil bijten. Als de hond weigert, vraagt de boer de stok of die de hond wil slaan, 'want de hond…

mop uit 1651
  • van een groven boer, die er eer als hij geseten hadde, wat bebolwerckt. R. 'Kameraedt, gij kunt oock als het al geseyt is
  • . ' Wat dese krimpk... meug je tegen geen koude en wil je quansuys mede een rechtschaepen kaerel wesen.' R. 'Boer, niet veel
  • Een kapitein en een boer wedden wie zijn hand eerst bij het vuur kan houden, en daarna om het langst in het water kan
  • sloeg hij de boer vol in het gezicht. Daarna liet het boerengezelschap de kapitein met rust.
  • boer
  • vuur
  • Een kapitein en een boer wedden wie zijn hand eerst bij het vuur kan houden, en daarna om het langst in het water kan houden. De kapitein wint, want die heeft een houden hand. Uiteindelijk kwam het…

sprookje uit 1978
  • Ergens op 'e rûmte, dêr wenne in boer. 't Wie winter, doe kommen der in stik of hwat froulju by him. Dy woenen har
  • graech hwat waermje omdat it bûten sa kâld wie. 't Wienen allegear sigeuners. De boer lit se allegear op 'e bank sitte by 't
  • stelletje zich behaaglijk bij het vuur genesteld heeft, valt het de boer op dat de vrouwen zo grof van leden zijn en
  • Een boer laat een stel zigeunervrouwen in zijn huis toe die zich graag wat willen warmen bij de kachel. Als het
  • boer
  • vuur
  • Een boer laat een stel zigeunervrouwen in zijn huis toe die zich graag wat willen warmen bij de kachel. Als het stelletje zich behaaglijk bij het vuur genesteld heeft, valt het de boer op dat de…

mop uit 1979
  • De boer en 'e frou gongen to praten en sa bleauwen de feint en de faem togearre op 'e pleats achter. "Nou sille wy it
  • gebeurd wie, as de boer en de frou wer thús wienen. Dêrom smiet de faem in skelk oer de kouwe fan 'e papegaei hinne. En doe
  • Een boerenknecht en -meid besluiten het er eens goed van te nemen als de boer en de boerin van huis zijn. Omdat een
  • papegaai ziet echter toch dat de meid aan het pannenkoeken bakken slaat. Als de meid zich bukt om de pan van het vuur te halen
  • boer
  • vuur
  • Een boerenknecht en -meid besluiten het er eens goed van te nemen als de boer en de boerin van huis zijn. Omdat een papegaai altijd verklikt wat het personeel uitspookt, besluit de meid een schort…

sprookje uit 1893
  • Rangschikt u het volgende onder de sprookjes? Een boer vertelt zijn zoontje, dat hij peeën (suikerbieten) zaad gerooid
  • de boer naar de knuppel. "Knuppel, wil jij geen honden slaan, hond wil geen varken bijten, varken wil geen peeën eten
  • Een boer z'n peeën (suikerbieten) willen niet naar huis en de man gaat naar het varken, dan de hond, knuppel, vuur
  • boer
  • vuur
  • Een boer z'n peeën (suikerbieten) willen niet naar huis en de man gaat naar het varken, dan de hond, knuppel, vuur, water, os en slager.

mop uit 1651
  • , wierdt van een groven boer, die er eer als hij geseten hadde, wat bebolwerckt. R. 'Kameraedt, ghij kunt oock, als het al
  • .' R. 'Wat dese krimpk... meug je tegen geen houde en wil je quansuys mede een rechtschaepen man wesen.' R. 'Boer, niet
  • Een kapitein en een boer wedden wie zijn hand eerst bij het vuur kan houden, en daarna om het langst in het water kan
  • sloeg hij de boer vol in het gezicht. Daarna liet het boerengezelschap de kapitein met rust.
  • boer
  • vuur
  • Een kapitein en een boer wedden wie zijn hand eerst bij het vuur kan houden, en daarna om het langst in het water kan houden. De kapitein wint, want die heeft een houden hand. Uiteindelijk kwam het…

sage uit 1889
  • gegeten,' herhaalde het kleine ventje. Zijt gij al oud?' vroeg de boer andermaal. De Kabouter had juist vuur geslagen in zijn
  • een knaapje voortdrentelen dat, naar 't hem toescheen, niet ouder dan eenige maanden zijn kon. 'Wel,' dacht de boer bij
  • boer
  • vuur
  • Man die kabouter ontmoet en hem tabak geeft merkt 's avonds dat zijn tabaksdoos niet leeg raakt. De volgende ochtend is de doos echter leeg.