Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

7 resultaten voor ""

mop uit 1970
  • koning, "er zit een krekel in. Je bent vrij en ik geloof dat je een echte waarzegger bent." Toen kreeg onze boer zoveel geld
  • dat vak als jij of ik. Nu was er een gouden ring van de koning gestolen en men kon maar niet ontdekken wie dat gedaan had
  • Boer Krekel geeft zich ten onrechte uit voor waarzegger. Hij wordt ontboden bij de koning die een ring kwijt is. De
  • worden. Tegen het einde van de dag verzucht de boer tegen een knecht van de koning "dat is de eerste al", doelend op het
  • geld
  • goud
  • Boer Krekel geeft zich ten onrechte uit voor waarzegger. Hij wordt ontboden bij de koning die een ring kwijt is. De boer krijgt de opdracht binnen drie dagen de vindplaats van de ring te achterhalen,…

sprookje uit 1970
  • brood mee. Op een keer vond hij onder zo'n boomstronk een hele grote pot goud. Maar toen zijn vrouw Griet hem 's middags
  • zijn eten kwam brengen, durfde hij haar niet te zeggen dat het goud was, dat hij in de ijzeren pot gevonden had, want ze
  • koning. Omdat in het vat een goudstuk achterblijft, weet de koning dat de jongen veel geld heeft. Hij beschuldigt hem van
  • Een man vindt een pot met geld. Hij wil het niet aan zijn vrouw vertellen uit angst dat zij het door vertelt en ze het
  • geld
  • goud
  • Een man vindt een pot met geld. Hij wil het niet aan zijn vrouw vertellen uit angst dat zij het door vertelt en ze het geld dan moeten afstaan. Hij zegt haar daarom dat het een pot ijzer is. De vrouw…

sprookje uit 1909
  • , ik vraoge of de könnink al op de beene is of zit e der nog in?" "Wat wou je dan met den koning ?" "Zîn dochter is zeek
  • blind zijn zullen weer kunnen zien. Bovendien hoort hij dat de dochter van de koning ziek is. De raven vertellen ook hoe zij
  • te genezen is. De man strijkt met de dauw langs zijn ogen en kan weer zien. Dan gaat hij naar het hof van de koning en
  • geld
  • goud
  • Drie marskramers houden een weddenschap. Eén van hen zegt dat hij op een eerlijke manier verder kan komen dan op een oneerlijke manier. Hij verwedt er zelfs zijn ogen voor. De andere twee mannen…

sprookje uit 1901
  • voor het zeggen heb, geef mij dan een zak met goud"; en nauwelijks had hij dat gezegd, of het mannetje kwam met een zak met
  • goud aan. "Dat is aardig," riep de ander, "dat is een kostelijk fluitje," en van blijdschap zwaaide hij met zijn hoedje
  • een mannetje hun wensen. Beide vragen een zak met goud. De ene broer koopt een boerderij, de ander gaat met het fluitje
  • naar de stad. Als de koning en zijn dochter in een koets voorbijrijden, wenst de jongen tot tweemaal toe een mooiere koets
  • geld
  • goud
  • Twee zonen erven een toverfluitje en een toverhoedje. Als ze op het fluitje blazen of met het hoedje zwaaien, vervult een mannetje hun wensen. Beide vragen een zak met goud. De ene broer koopt een…

mop uit 1969
  • oan 't wurk gong. Doe't er de tún op in lyts hoekje nei, omhakke hie, foun er in klompe goud. Hy roan der mei nei de
  • koaning ta en sei: "Sire, ik haw in hiel dik stik goud foun; hjir is 't ." Doe sei de koaning tsjin him: "Omdat jo sa earlik
  • tuin bijna klaar was, vond hij er een klomp met goud. Hij snelde naar de koning en liet zien wat hij gevonden had. Omdat
  • hij zo eerlijk was, mocht hij het goud van de koning houden. Terug in Friesland wilde de man het verkopen aan de
  • geld
  • goud
  • Een Friese man werd door de Engelse koning uitgenodigd om diens tuin te komen verzorgen. De man ging ernaartoe. Toen de tuin bijna klaar was, vond hij er een klomp met goud. Hij snelde naar de koning…

sprookje uit 1896
  • heerschap: «Dan weet ik iets anders voor je. De koning van ons land is zeer om geld verlegen. Hij heeft laten bekend maken: wie
  • paleis en kwamen in de zaal waar de koning op zijn troon zat. - «Koning,» zeî Stoffel, «ik weet raad om u aan geld te helpen
  • betaald heeft, voorspelt zij hem de toekomst: hij zal trouwen met de dochter van de koning. In het bos treft Stoffel de
  • eigenaardige eigenschap heeft, het poept munten. De koning zit in grote geldnood zit en heeft de hand van zijn dochter beloofd aan
  • geld
  • goud
  • Een wever en zijn vrouw hebben twee zonen: de oudste is pienter en altijd uit op eigen gewin. De jongste, Stoffel, is goedaardig, maar ook sullig en dromerig. De zoons gaan kort na elkaar op avontuur.…

sprookje uit 1901
  • het zeggen heb, geef me dan een zak met goud;" en nauwelijks had hij dat gezegd of het mannetje kwam met een zak met goud
  • maar een zak goud," zei hij en terstond werd aan zijn verlangen voldaan. Het ontdekken van die bijzondere eigenschap van
  • een mannetje hun wensen. Beide vragen een zak met goud. De ene broer koopt een boerderij, de ander gaat met het fluitje
  • naar de stad. Als de koning en zijn dochter in een koets voorbijrijden, wenst de jongen tot tweemaal toe een mooiere koets
  • geld
  • goud
  • Twee zonen erven een toverfluitje en een toverhoedje. Als ze op het fluitje blazen of met het hoedje zwaaien, vervult een mannetje hun wensen. Beide vragen een zak met goud. De ene broer koopt een…