Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

Zoek in de Collectie

   Geavanceerd Zoeken

27 resultaten voor ""

mop uit 1970
  • opzicht had hij het best, maar hij was toch alles behalve op zijn gemak en toen de knecht hem op de avond van de eerste dag
  • nog niets. De knecht echter vatte het anders op, want hij was een van de dieven van de ring en hij zei geschrokken tegen
  • worden. Tegen het einde van de dag verzucht de boer tegen een knecht van de koning "dat is de eerste al", doelend op het
  • einde van de eerste dag. De knecht die de ring heeft gestolen, denkt echter dat de boer ziet dat hij de dader is. Dit
  • knecht
  • Boer Krekel geeft zich ten onrechte uit voor waarzegger. Hij wordt ontboden bij de koning die een ring kwijt is. De boer krijgt de opdracht binnen drie dagen de vindplaats van de ring te achterhalen,…

mop uit 1901
  • de heer. "Assieblieft", natuurlijk. "Nou dan mot je maar naar de kelder gaan." Nou was de heer ofesproken mit zijn knecht
  • dat as de jongen in de kelder kwam, de knecht hem ouwerwis of zou ranselen. De jongen dus na' de kelder. Onderweg, in de
  • , moet hij dat gaan halen in de kelder. Daar zou hij door de knecht van de boer afgeranseld worden. Op weg naar de kelder
  • ziet de jongen een gebraden ham in de keuken liggen. Hij verzint een list waardoor de knecht in de kelder moet blijven
  • knecht
  • Een boer wil een jongen een lesje leren. De boer nodigt hem uit voor het eten. Als de jongen ook wijn bij het eten wil, moet hij dat gaan halen in de kelder. Daar zou hij door de knecht van de boer…

sprookje uit 1901
  • zijn knecht op af en nam pistole en een paar kaarse mee. Toe hij bij het kasteel was, zeidie teuge zijn knecht: "Gaan jij
  • knecht
  • Prins gaat op onderzoek in een kasteel waarvan gezegd wordt dat het er spookt. Om middernacht verschijnt een witte gedaante die hem wenkt mee te gaan. Beiden verzinken in de vloer, en in de kelder…

sprookje uit 1901
  • Zoo was er ook ers een boer, die had drie zoons en een knecht. Die vijf mensche ware allemaal kerels as boomen. Nou
  • hield de baas erg ervan dat alles stipt geregeld gong en zo wou ie dan ook dat de knecht op tijd thuis kwam. Maar die raakt
  • Knecht komt later thuis dan de regel is, waarop de boer hem niet meer binnen laat. Hij overnacht in de kapberg, waar
  • die wordt ingelicht stuurt ongemerkt soldaten naar de boerderij. De boer, zijn zoons en de knecht gaan op de bewuste avond
  • knecht
  • Knecht komt later thuis dan de regel is, waarop de boer hem niet meer binnen laat. Hij overnacht in de kapberg, waar later mannen komen die de boer willen beroven, maar besluiten later dat met…

sprookje uit 1901
  • knecht
  • Arm gezin kan leven van een vogel die dagelijks een gouden ei legt. Een man ontdekt dat op een ei staat dat wie het hart van de vogel opeet koning zal worden, en wie de rest opeet een hoge militair.…

mop uit 1901
  • heer of esproke met zijn knecht dat as de jonge in de kelder kwam, de knecht hem ouwerwis of zou ranselen. De jonge dus nee
  • , docht de jonge: die zou ik wel luste. Maar hai liep deur. Toe nie in de kelder kwam, zei de knecht: "Lust je een glaasje
  • wijnkelder toont de jongen de knecht die hem een pak slaag moet geven, hoe twee likeuren uit een vat kunnen worden getapt. Hij
  • laat de knecht op beide kanten zijn vinger op het gat houden. De jongen steelt een ham en gaat er vandoor.
  • knecht
  • Deftige heer wil wraak nemen op gedrag van een jongen, en nodigt hem uit. Bij het eten maakt de jongen de heer wijs dat de pekelharing op zijn bord hem vertelt dat de schelvis op het bord van de heer…

mop uit 1901
  • Deer was ers een knecht die lange jare bij een dokter edaan had en zoodoende de kunst al zoo een bietje of ekéke had
  • . Het begon hem dus de keel uit te hange om langer voor knecht te speule en daarom zei die op een goeje dag zijn dienst op
  • Knecht neemt ontslag bij de dokter waar hij werkt en begint in een ander land voor zichzelf. Voor de remedies gebruikt
  • knecht
  • Knecht neemt ontslag bij de dokter waar hij werkt en begint in een ander land voor zichzelf. Voor de remedies gebruikt hij het rad van avontuur, en geneest veel patiënten. Ook een patiënt van zijn…

sprookje uit 1901
  • om een roggebroodje. De andere dag stuurde de heer een knecht nee zijn hois, dat ie deer en deer op voorname gracht most
  • knecht
  • Door ziekte en daarna geen werk kunnen vinden vervalt een gezin tot armoede. Op een avond eist hij van een rijke heer geld waar hij brood van koopt. De volgende dag laat de rijke heer hem thuis alles…

sprookje uit 1901
  • op rais gaan. Maar wat doet ie? Hai gong zen eigen verhure as knecht weer ie docht dat maissies in hois ware. In de
  • . Of ie in de straat woonde? Ja. Of ie in hois was? Ja. Dus kon het niet aars as de nuwe knecht weze. Dat hoorde hai, maar
  • Zoon van rijke vader wil wel trouwen, maar alleen met iemand die echt van hem houdt. Hij verhuurt zich als knecht, en
  • vraagt of ze wel zal trouwen. Die knikt bevestigend, en na doorvragen blijkt dat de vrijer in huis woont, en de knecht moet
  • knecht
  • Zoon van rijke vader wil wel trouwen, maar alleen met iemand die echt van hem houdt. Hij verhuurt zich als knecht, en komt in zijn derde dienst terecht in een gezin met drie meisjes. Hij wordt…

sprookje uit 1901
  • zette zoo een handschoenezaakkie op. Nou had ie een oneerlijke knecht. Zijn zake gonge goed, in hij kreeg onderdehand een
  • keek dus ers goed toe, en ja, toe zag ie dat zijn knecht het geld uit de winkellaa stool. Hij gaf hem een geduchte
  • Knecht blijft zijn baas bestelen en allerlei andere schade toebrengen. Uiteindelijk besluit die via Engeland te
  • knecht die ook naar Engeland is gekomen, voor de rechter en spreekt uit dat de rechter een grotere boosdoener is dan hij door
  • knecht
  • Knecht blijft zijn baas bestelen en allerlei andere schade toebrengen. Uiteindelijk besluit die via Engeland te emigreren. Daar wordt een gestolen gouden horloge in zijn koffer gevonden. Hij wordt…

sprookje uit 1902
  • zich voor een vreemde uitgeeft en alleen maar berichten over haar broer komt brengen. Een zwarte knecht komt er bij in 't
  • knecht
  • Rijke broers schamen zich voor arme broer. Bij zijn terugkeer is hij rijk, maar houdt zich arm. Zijn arme zuster ontvangt hem, als uitkomt dat hij rijk is wordt ze goed bedeeld.

mop uit 1902
  • niet uit het land vandaan te komme." "Wel ja," zei de knecht, "das goed." Dus zollie an het middagmale. Toe het op was, zei
  • de knecht: "Nou moste we meteen het half zessie ook maar op ete, dan konde we heelemaal weg blijve." "Da's goed," zei de
  • scheelt werktijd. Na het middagmaal stelt een knecht voor dan ook het avondbrood te gebruiken. De boer stemt er mee in, waarna
  • een knecht zegt dat ze ook de avondbrij moeten nemen. Dat gaat door, waarna de boer zegt dat ze naar het land moeten. De
  • knecht
  • Boer die zijn knechten geen rust gunt stelt voor om 's morgens na het brood maar meteen het middagmaal te nemen, dat scheelt werktijd. Na het middagmaal stelt een knecht voor dan ook het avondbrood te…

mop uit 1902
  • Er was ers een boer die wou altijd gelijk hebben. Op een goeje dag had ie zijn knecht een stuk koolraap op zijn brood
  • gegeve. "Wat nou?" zeit de knecht: "Een koolraap?!" "'t Is nietes," zeit de boer, "'t is kaas." "'t Is koolraap." "'t Is kaas
  • Boer die gelijk wil hebben geeft zijn knecht koolraap op brood, maar zegt dat het kaas is. De knecht houdt vol dat het
  • koolraap is, waarop de boer dreigt met ontslag. De knecht zwijgt verder, maar in de hooitijd zegt hij tegen de boer dat er een
  • knecht
  • Boer die gelijk wil hebben geeft zijn knecht koolraap op brood, maar zegt dat het kaas is. De knecht houdt vol dat het koolraap is, waarop de boer dreigt met ontslag. De knecht zwijgt verder, maar in…

sage uit 1901
  • . "Van zukke rarigheid hou ik niet," zei de boer. "Mijn goed," zei de knecht. In de are dag lag alles weer op een hoop. Die
  • knecht kon kolle, weet je, maar de boer joeg hem weg. (D. Schuurman)
  • knecht de mest weer terug op de mesthoop.
  • knecht
  • Boerenknecht krijgt standje van de boer als hij na twee dagen nog niet het land heeft gemest. Hij stelt dat het goed zal komen, en de volgende dag is alle mest verwerkt. Als de boer zegt dat hij niet…

mop uit 1902
  • kon niet gebeure, wat ik je nou zel vertelle. Hij had een knecht en een meid en die namme hem dikwijls waar, maar dat
  • ben dood, dat hij viel op de weg neer. De ezel kwam dus alleen thuis. Da's vreemd, dochte ze, dat meid, knecht, vrouw
  • knecht
  • Een domme boer met een bijl rijdt op een ezel door het bos. Bij het hakken op een boom zegt een voorbijganger dat de boom zal omvallen. De boer gelooft dat niet, maar als dat wel gebeurt denkt hij dat…

mop uit 1902
  • Zoo was er nog er es een boer en die was ook erg dom, maar die had een knecht die nog al erg verstandig was. Die knecht
  • eerste weer terug. Om kort te gaan: hij schoot niks op. "Dat gaat zoo niet, vriend," zei de knecht: "Haal een zaag." "En wat
  • verhaal staande houdt zoals hij het verteld heeft: "dito van den knecht die domme menschen zoekt."
  • Slimme knecht belooft de domme boer terug te komen als hij drie mensen ontmoet die nog stommer zijn dan zijn baas. Hij
  • knecht
  • Slimme knecht belooft de domme boer terug te komen als hij drie mensen ontmoet die nog stommer zijn dan zijn baas. Hij komt ze inderdaad tegen en keert terug.

sprookje uit 1903
  • vreemd land in een gevelsteen gebeiteld konden wezen. "Dan zel ik meneer roepe," zei de lakei of knecht - nou dat doet er ook
  • knecht
  • Kapitein koopt de hele handel op van een jonge joodse venter. Jaren later strandt zijn schip bij een vreemd land, waar ze aan land gaan. In de stad ontdekt hij op een voornaam huis een gevelsteen met…

mop uit 1901
  • heer ofesproken mit zijn knecht dat as de jongen in de kelder kwam, de knecht hem ouwerwis of zou ranselen. De jongen dus
  • krijgen. "Hé", docht de jongen, "die zou ik wel lusten." Mar hij liep deur. Toe-n-ie in de kelder kwam, zei de knecht: "Lust
  • niet ook liever een schelvis heeft, waarna hij zelf ook een schelvis krijgt.De heer heeft met zijn knecht afgesproken de
  • de knecht zien hoe hij twee likeuren uit een vat kan tappen door een tweede gat in het vat te maken. De knecht stopt
  • knecht
  • Een jongen loopt met wat biggen over straat. De kinderen van een rijke heer willen de biggen aaien, maar de jongen blijft ze opdrijven. De rijke heer wil de jongen terugpakken en nodigt hem uit voor…

sprookje uit 1901
  • Van een rooverbende Er was eens een boer, die had drie zoons en een knecht. Die vijf mannen waren allemaal kerels als
  • boomen. De baas hield er van dat alles stipt geregeld ging en zoo wou hij dan ook dat de knecht op tijd thuis was. Maar die
  • Een boer heeft drie zoons en een knecht. De boer wil dat iedereen op tijd thuis is. Als de knecht na twaalf uur thuis
  • de knecht, maar hij wordt weer vergeven als hij van de rovers vertelt. De burgemeester wordt gewaarschuwd. Op de bewuste
  • knecht
  • Een boer heeft drie zoons en een knecht. De boer wil dat iedereen op tijd thuis is. Als de knecht na twaalf uur thuis komt, vindt hij de deur gesloten. Hij wordt vergeven, maar enige tijd later komt…

sage uit 1901
  • begon den knecht te verdrieten, want hij werd er van verdacht, al kon de boer het niet bewijzen. Maar de knecht was
  • in de hoogte geheschen. De knecht hoorde het leven wel, maar hij deed net of hij niets merkte. Zoo hing de dief dus den
  • Op een boerderij wordt kaas gestolen en de knecht wordt ten onrechte verdacht. De knecht zet een strik. De dief loopt
  • in de val en de knecht laat hem de hele nacht aan zijn arm in de strik bungelen. De volgende ochtend snijdt hij de dief
  • knecht
  • Op een boerderij wordt kaas gestolen en de knecht wordt ten onrechte verdacht. De knecht zet een strik. De dief loopt in de val en de knecht laat hem de hele nacht aan zijn arm in de strik bungelen.…

sprookje uit 1901
  • bestolen." Hij keek toen goed toe en ja, toen zag hij dat zijn knecht het geld uit de winkellade stal. Hij gaf hem een geduchte
  • schrobbeering. De knecht werd kwaad en stal nog erger. Natuurlijk werd de man toen weggejaagd, maar hij ging heen met de bedreiging
  • Alhoewel de zaken van een handschoenmaker goed lopen, komt hij toch steeds geld te kort. Dan merkt hij dat zijn knecht
  • hem besteelt. Hij geeft de knecht een uitbrander, waarna deze nog erger begint te stelen. Dan ontslaat de handschoenmaker
  • knecht
  • Alhoewel de zaken van een handschoenmaker goed lopen, komt hij toch steeds geld te kort. Dan merkt hij dat zijn knecht hem besteelt. Hij geeft de knecht een uitbrander, waarna deze nog erger begint te…

sprookje uit 1901
  • den knecht hielden hem dikwijls genoeg voor den gek, maar dat merkte hij niet en hij had ook nooit gemerkt dat hij dommer
  • . Zoo kwam de ezel dan alleen thuis. "Dat's vreemd," dachten ze; dus vrouw, meid, knecht, allemaal gaan ze op zoek. En
  • knecht
  • Een domme boer rijdt op een ezel naar het bos. Hij gaat op een boom staan inhakken met een bijl. Een heer komt langs en waarschuwt dat de boom straks omvalt. De boer is zo dom dat hij het niet…

sprookje uit 1901
  • kelder gaan en er den knecht om vragen." Nu had de heer met zijn knecht afgesproken, dat als de jongen in den kelder kwam de
  • knecht hem ouderwetsch zou afranselen, maar de jongen had daar iets van gehoord. Om in den kelder te komen moest je door de
  • : hij mag het zelf in de kelder gaan halen. De knecht in de kelder heeft van de heer instructie gekregen om de jongen een
  • pak slaag te geven. De jongen vraagt de knecht of hij twee glazen tegelijk kan tappen. Met de boor maakt de jongen twee
  • knecht
  • Een jonge boerenzoon houdt de nieuwsgierige kinderen van een heer voortdurend bij de jonge biggen vandaan. De heer ergert zich aan de brutaliteit van de jongen. Vriendelijk nodigt de heer de jongen…

sprookje uit 1901
  • knecht, "wat is er van uw verlangen?" Toen vertelde de boer, dat hij de baas was en dat hij van plan was den burgemeester mee
  • te nemen. De knecht begreep er natuurlijk niets van en dacht dat hij met een gek te doen had. Maar de boer hield vol en
  • knecht
  • Een domme boer stuurt zijn os naar de universiteit om te studeren. Een student laat de boer ervoor betalen. Elke keer als de boer op bezoek komt, vertelt de student over de goede studieresultaten van…

sage uit 1901
  • het land. "Van zulke rarigheid hou ik niet," zei de boer. "Mij goed," zei de knecht; en den anderen dag lag alles weer op
  • een hoop. Die knecht kon kollen, weet je; maar de boer joeg hem weg. 1. den mest over het land verspreiden.
  • knecht een kol is, slaagt hij erin in één dag alles te bemesten. De boer zegt dat hij niet van zulke kunsten houdt. De
  • volgende dag ligt alle mest weer op een hoop. Hierop wordt de knecht ontslagen.
  • knecht
  • Een luie boerenknecht krijgt van de boer te horen dat hij moet opschieten met het bemesten van het land. Aangezien de knecht een kol is, slaagt hij erin in één dag alles te bemesten. De boer zegt…