Hoofdtekst
Er komt een vent bij de dokter en zegt:
"Dokter, heb je arsenicum?"
Zegt die dokter: "Heb jij arsenicum nodig?"
"Ja dokter," zegt-ie, "ik moet van die vrouw af."
"Ja jongen, ik begrijp het, maar dat kan je niet met arsenicum doen, daar krijg je de grootste ellende mee. Weet je wat? Je gaat iedere dag zes keer met 'r naar bed. Is ze binnen drie maanden dood."
Twee maanden later komt die dokter die man tegen in een rolstoel.
"En?" vraagt de dokter.
"Ja hoor, dokter, elke dag zes keer. Ze staat nou te tennissen, maar ze weet niet dat ze over een maand dood gaat."
(Harry Touw, periode ca. 1965-1975)
"Dokter, heb je arsenicum?"
Zegt die dokter: "Heb jij arsenicum nodig?"
"Ja dokter," zegt-ie, "ik moet van die vrouw af."
"Ja jongen, ik begrijp het, maar dat kan je niet met arsenicum doen, daar krijg je de grootste ellende mee. Weet je wat? Je gaat iedere dag zes keer met 'r naar bed. Is ze binnen drie maanden dood."
Twee maanden later komt die dokter die man tegen in een rolstoel.
"En?" vraagt de dokter.
"Ja hoor, dokter, elke dag zes keer. Ze staat nou te tennissen, maar ze weet niet dat ze over een maand dood gaat."
(Harry Touw, periode ca. 1965-1975)
Beschrijving
Een man wil zijn vrouw doden en de dokter adviseert hem om zes maal per dag met zijn vrouw naar bed te gaan. Na twee maanden zit de man in een rolstoel. Hij vertelt aan de dokter: "Ze staat nu te tennissen, maar ze weet niet dat ze over een maand dood gaat."
Bron
<i>Uit het leven van Harry Touw alias Fred Haché. Bakkenboek</i>, verteld aan Kees Haak.
Commentaar
ca. 1965 - 1975
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20