Hoofdtekst
Er staat een boer bij een waarheidsmachine op de Pier van Scheveningen. Gooi je er een kwartje in, dan mag je een vraag stellen.
Die boer zegt: "Waar is m'n vader?"
Waarop die waarheidsmachine antwoordt: "Die staat te vissen op de Pier in Vlissingen."
Zegt de boer: "Haha, m'n vader is al lang dood."
Zegt de exploitant van die machine: "Ik snap het niet. Dat ding is goed, mankeert niks an. Weet u wat u doet? Formuleer de vraag eens anders."
"Oké," zegt die boer en hij gooit er weer een kwartje in. Vraagt-ie: "Waar is de wettige echtgenoot van m'n moeder?"
Zegt dat apparaat: "Die is dood. Maar je vader staat te vissen op de Pier in Vlissingen."
(Harry Touw, periode ca. 1965-1975)
Die boer zegt: "Waar is m'n vader?"
Waarop die waarheidsmachine antwoordt: "Die staat te vissen op de Pier in Vlissingen."
Zegt de boer: "Haha, m'n vader is al lang dood."
Zegt de exploitant van die machine: "Ik snap het niet. Dat ding is goed, mankeert niks an. Weet u wat u doet? Formuleer de vraag eens anders."
"Oké," zegt die boer en hij gooit er weer een kwartje in. Vraagt-ie: "Waar is de wettige echtgenoot van m'n moeder?"
Zegt dat apparaat: "Die is dood. Maar je vader staat te vissen op de Pier in Vlissingen."
(Harry Touw, periode ca. 1965-1975)
Beschrijving
Een man vraagt aan een waarheidsmachine waar zijn vader is. Antwoord: die staat te vissen. Omdat zijn vader dood is, formuleert de man de vraag opnieuw: waar is de echtgenoot van mijn moeder? Antwoord: die is dood, maar je vader staat te vissen.
Bron
<i>Uit het leven van Harry Touw alias Fred Haché. Bakkenboek</i>, verteld aan Kees Haak.
Commentaar
ca. 1965 - 1975
Naam Overig in Tekst
Pier van Scheveningen   
Pier in Vlissingen   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
