Hoofdtekst
Er komt een spiernaakte vrouw een café binnenlopen.
De kastelein zegt: "Mevrouw, wat komt u doen?"
Zegt ze: "Ik kom voor het carnaval."
"Maar voor het carnaval moet je je toch verkleden?"
Zegt ze: "Nou, dat is m'n kleding."
Zegt de kastelein: "Wie ben je dan wel?"
Zegt ze: "Ik? Ik ben Adam."
"Adam? En je hebt helemaal geen pielemoos..."
Zegt ze: "Nee, maar die krijg ik wel als ik binnen ben."
(Harry Touw, periode ca. 1965-1975)
De kastelein zegt: "Mevrouw, wat komt u doen?"
Zegt ze: "Ik kom voor het carnaval."
"Maar voor het carnaval moet je je toch verkleden?"
Zegt ze: "Nou, dat is m'n kleding."
Zegt de kastelein: "Wie ben je dan wel?"
Zegt ze: "Ik? Ik ben Adam."
"Adam? En je hebt helemaal geen pielemoos..."
Zegt ze: "Nee, maar die krijg ik wel als ik binnen ben."
(Harry Touw, periode ca. 1965-1975)
Beschrijving
Een vrouw komt naakt het café binnenlopen en zegt dat ze als Adam voor het carnaval komt. De kastelein vraagt waar Adams geslachtsdeel is. De vrouw reageert: "Die krijg ik wel als ik binnen ben."
Bron
<i>Uit het leven van Harry Touw alias Fred Haché. Bakkenboek</i>, verteld aan Kees Haak.
Commentaar
ca. 1965 - 1975
Naam Overig in Tekst
Adam   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
