Hoofdtekst
Eeuwenlang, totdat halverwege de 19de eeuw de stadswallen werden geslecht, was er een waterspook of watermonster in Amsterdam dat de Bullebak heette. Dat werd tenminste van generatie op generatie verteld - en dan moet het wel waar zijn. Het verhaal is simpel, al zijn er veel onzekerheden. Bijvoorbeeld over hoe hij eruit zag. Groot, groen, slijmerig, doorzichtig? Hij zou een grimmige tronie hebben gehad, met vurige ogen. Meestal verbleef hij onder water, waar hij vooral bij stormtij stevig kon bulderen. De Bullebak was vooral bekend wegens een onhebbelijke gewoonte. Als een kind te dicht langs het water liep, rees hij razendsnel op uit het grachtenwater, en trok de onvoorzichtige dreumes de groezelige diepte in. Waar was die Bullebak te vinden? Vooral in de Jordaan. Kennelijk was de Lijnbaansgracht, vlak langs de stadsmuur, zijn biotoop. Want al in de 17de eeuw worden daar liefst twee bruggen met sluizen naar hem genoemd: de Bullebaksluis aan het eind van de Bloemgracht en (simpelweg) de Bullebak aan het eind van de Brouwersgracht.
Onderwerp
TM 3402 - De kinderschrik   
Beschrijving
In de Amsterdamse grachten woonde een watermonster, genaamd de Bullebak. Hij trok onvoorzichtige kinderen die te dicht bij het water kwamen de grachten in.
Bron
Ons Amsterdam, 6 juni 2014, jaargang 66, p. 34-35
Naam Locatie in Tekst
Bloemgracht   
Bullebaksluis   
Amsterdam   
Lijnbaansgracht   
Brouwersgracht   
