Hoofdtekst
Aan een kruissleutel werd vroeger een grote waarde gehecht. As je die maar in je zak had! Dat zal ik vertelle, dat heb ik persoonlijk nog meegemaakt. D'r was bij ons een koppeltie jongelui en we ginge in de schuur en die twee jonges viette die kruissleutel op de toppe van d'r vingers. Een klein bijbeltie hong an de kruissleutel omlaag.
De een is een heks.
De ander geen heks.
Bij 't draaien was 't een toverheks. En toen heb ik persoonlijk gezien, dat die sleutel draaide. De kruissleutel lag in de bijbel.
De een is een heks.
De ander geen heks.
Bij 't draaien was 't een toverheks. En toen heb ik persoonlijk gezien, dat die sleutel draaide. De kruissleutel lag in de bijbel.
Beschrijving
Aan een kruissleutel werd grote waarde gehecht. Met een bijbel erbij en als de sleutel draaide, was het een toverheks.
Bron
Kooijman, Henk: Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant. Amsterdam 1988. p. 220