Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ESOPET04

Een sprookje (), 13e eeuw

Hoofdtekst

Tote enen scape tere stont
quam .i. herde pijnlijc hont
gef hare seiti die hont mijn broet
dat ic di leende in groter noet
95 tscaep en weet niet wat hi meent
mi en heefstu niet gheleent
ic doe seit hi ic saelt wel proeuen
met lieden meer dan mi behoeuen
tscaep quam voert metten honde
100 daer seide die wolf sine orconde
ic ben seide hi wel seker das
dat dbroet den scape gheleent was
die wuwe seide op minen eet
nemic oec dat ict wel weet
105 doe quam mijn here die hauech voert
ende seide ten scape dese woert
waeromme loechenstu eens dinges
die du openbare ontfinges
tscaep was in corten stonden
110 verwonnen met .iij. valschen orconden
doe moeste tscaep sijn vlies vercopen
bescoren ende al naect lopen
ende moeste om onrechte dinc
ghelden dat het noit ontfinc
115 bi deser fauelen soe bespellen
die valsch sijn ende valscheit tellen
die quade die de goede quellen
met orconden van haren ghesellen
die niet en roeken wat si sweren
120 moghen si .i. andren onteren

Beschrijving

Een hond vraagt aan een schaap een brood terug dat hij zou hebben uitgeleend toen het schaap in nood verkeerde. Het schaap weet echter van niets. De hond laat drie valse getuigen komen, die alle drie beweren dat het schaap wat heeft geleend van de hond. Het schaap moet nu zijn wol verkopen om de hond terug te kunnen betalen.

Bron

handschrift UB Leiden Ltk. 191 (95r-103v)

Commentaar

13e eeuw
Voor een teksteditie zie Esopet. Ed. G. Stuiveling. Amsterdam 1965. Deel 2.
Zie ook: J.A. Schippers, Middelnederlandse fabels: studie van het genre, beschrijving van collecties, catalogus van afzonderlijke fabels. Nijmegen 1995. nr. 150. Hond klaagt schaap aan.
Brigitte Derendorf, `Anmerkungen zum mittelniederländischen Esopet'. In: R. Damme e.a. (red.), Franco-Saxonica. Münstersche Studien zur niederländischen und niederdeutschen Philologie. Jan Goossens zum 60. Geburtstag. Neumünster 1990. p. 285-308.

Datum Invoer

2013-03-01 14:46:21