Hoofdtekst
Roodkapje
Lang geleden leefde er eens een klein meisje. Telkens als zij buiten kwam droeg ze een rood manteltje met een kap van dezelfde kleur. Daarom noemde men haar Roodkapje.
Op een dag werd haar grootmoeder, die in een huis aan de andere kant van het bos woonde, ziek. Roodkapje's moeder vroeg haar, of ze een mand met lekkers naar oma wilde brengen, maar waarschuwde haar dochtertje, dat ze onderweg met niemand mocht praten.
Toen ging het kleine meisje op weg in het groene bos. Al voorthuppelend zong ze er een liedje bij...
Ze was nog niet lang op weg, toen ze de wolf tegenkwam. Hij keek haar met fonkelende ogen aan. "Goede morgen, kleine meid" sprak hij, een beleefde buiging makend.
Zijn lange rode tong hing al uit zijn bek bij de gedachte aan het heerlijke hapje, dat zij zou vormen voor zijn avondmaal. "Waar ga jij naartoe op deze prachtige lentemorgen?" vroeg hij.
Roodkapje, die moeder's goede raad al lang vergeten was, vertelde de wolf dat ze op weg was naar haar zieke oma, die aan de andere kant van het bos woonde. Toen ze een paar mooie bloemen zag staan onderbrak ze haar tocht, om ze af te plukken en in haar mandje te doen.
Toen ze opkeek, zag ze de wolf zo vlug als hij maar kon het bos in rennen. Hij had een plannetje uitgebroed om zowel Roodkapje als haar oma op te eten!
Ondertussen zat oma in haar huisje aan de andere kant van het bos in bed. Ze had een sjaal om en een slaapmuts op en keek vanuit haar bed door het raam, waarbij ze zich afvroeg of haar geliefde kleinkind haar vandaag een bezoek zou brengen.
Op een gegeven ogenblik dacht ze haar rode kapje te zien in de verte op het bospad. Opeens sprong de wolf, die de kortste weg door het bos had genomen, het huis binnen! Alles omver gooiend vloog hij op oma af en stopte haar in de kast, die hij afsloot.
"Nog een paar minuten en ik ben klaar om Roodkapje te ontvangen" sprak hij met een grijnslach.
Hij rende naar de slaapkamer en verwisselde zijn kleren voor die van oma. Vlug trok hij haar nachtpon aan en zette haar kanten slaapmuts op zijn kop. Daarna zette hij de bril van de oude vrouw op zijn neus en ging in haar bed liggen, waarbij hij de dekens tot aan zijn kin optrok.
"Het arme kind zal nooit op de gedachten komen dat ik haar oma niet ben" grinnikte hij in zichzelf, terwijl hij in de goede houding ging liggen om Roodkapje te verwelkomen. Weldra klopte ze aan.
"Kom maar binnen, liefje" zei de wolf met een bevende oudevrouwenstem: "ik ben in de slaapkamer..."
Roodkapje kwam binnen met het tuiltje bloemen in de hand, dat ze in het bos geplukt had.
"Oma!" riep ze verbaasd: "wat heeft u 'n grote ogen!"
"Dan kan ik je goed zien, schat" antwoordde de sluwe wolf.
"Eh ... eh ... oma" vervolgde Roodkapje: "wat heeft u 'n grote oren!"
"Dan kan ik je goed horen, mijn kind" zei de wolf en likte gretig zijn lippen af...
Maar nu werd Roodkapje toch wel 'n beetje bang. Haar oma had er nog nooit zo vreemd uitgezien...
"Maar oma" huiverde ze: "wat heeft u toch 'n grote tanden..."
Op dat ogenblik sprong de wolf het bed uit, waarbij hij in z'n haast de tafel omver gooide.
"Dan kan ik je goed opvreten !" brulde hij, op het luid om hulp gillende meisje toespringend.
Gelukkig was Roodkapje's vader net in de buurt aan het jagen. Toen hij haar hulpgeroep hoorde rende hij naar het huisje. Zonder aarzelen schoot hij de wolf neer waarna hij zijn hevig geschrokken dochtertje troostte.
"Maar wat kan er met oma gebeurd zijn?" vroeg Roodkapje zich af: "Zou de wolf haar hebben opgegeten?"
Toen klonk er gebonk uit de kast. Ze maakten de deur open en wie kwam daar uit? Oma! ... Helemaal ongedeerd!! Zo liep alles gelukkig goed af ! Maar je kunt ervan uitgaan dat Roodkapje nooit meer tegen wolven in het bos zal spreken!
Lang geleden leefde er eens een klein meisje. Telkens als zij buiten kwam droeg ze een rood manteltje met een kap van dezelfde kleur. Daarom noemde men haar Roodkapje.
Op een dag werd haar grootmoeder, die in een huis aan de andere kant van het bos woonde, ziek. Roodkapje's moeder vroeg haar, of ze een mand met lekkers naar oma wilde brengen, maar waarschuwde haar dochtertje, dat ze onderweg met niemand mocht praten.
Toen ging het kleine meisje op weg in het groene bos. Al voorthuppelend zong ze er een liedje bij...
Ze was nog niet lang op weg, toen ze de wolf tegenkwam. Hij keek haar met fonkelende ogen aan. "Goede morgen, kleine meid" sprak hij, een beleefde buiging makend.
Zijn lange rode tong hing al uit zijn bek bij de gedachte aan het heerlijke hapje, dat zij zou vormen voor zijn avondmaal. "Waar ga jij naartoe op deze prachtige lentemorgen?" vroeg hij.
Roodkapje, die moeder's goede raad al lang vergeten was, vertelde de wolf dat ze op weg was naar haar zieke oma, die aan de andere kant van het bos woonde. Toen ze een paar mooie bloemen zag staan onderbrak ze haar tocht, om ze af te plukken en in haar mandje te doen.
Toen ze opkeek, zag ze de wolf zo vlug als hij maar kon het bos in rennen. Hij had een plannetje uitgebroed om zowel Roodkapje als haar oma op te eten!
Ondertussen zat oma in haar huisje aan de andere kant van het bos in bed. Ze had een sjaal om en een slaapmuts op en keek vanuit haar bed door het raam, waarbij ze zich afvroeg of haar geliefde kleinkind haar vandaag een bezoek zou brengen.
Op een gegeven ogenblik dacht ze haar rode kapje te zien in de verte op het bospad. Opeens sprong de wolf, die de kortste weg door het bos had genomen, het huis binnen! Alles omver gooiend vloog hij op oma af en stopte haar in de kast, die hij afsloot.
"Nog een paar minuten en ik ben klaar om Roodkapje te ontvangen" sprak hij met een grijnslach.
Hij rende naar de slaapkamer en verwisselde zijn kleren voor die van oma. Vlug trok hij haar nachtpon aan en zette haar kanten slaapmuts op zijn kop. Daarna zette hij de bril van de oude vrouw op zijn neus en ging in haar bed liggen, waarbij hij de dekens tot aan zijn kin optrok.
"Het arme kind zal nooit op de gedachten komen dat ik haar oma niet ben" grinnikte hij in zichzelf, terwijl hij in de goede houding ging liggen om Roodkapje te verwelkomen. Weldra klopte ze aan.
"Kom maar binnen, liefje" zei de wolf met een bevende oudevrouwenstem: "ik ben in de slaapkamer..."
Roodkapje kwam binnen met het tuiltje bloemen in de hand, dat ze in het bos geplukt had.
"Oma!" riep ze verbaasd: "wat heeft u 'n grote ogen!"
"Dan kan ik je goed zien, schat" antwoordde de sluwe wolf.
"Eh ... eh ... oma" vervolgde Roodkapje: "wat heeft u 'n grote oren!"
"Dan kan ik je goed horen, mijn kind" zei de wolf en likte gretig zijn lippen af...
Maar nu werd Roodkapje toch wel 'n beetje bang. Haar oma had er nog nooit zo vreemd uitgezien...
"Maar oma" huiverde ze: "wat heeft u toch 'n grote tanden..."
Op dat ogenblik sprong de wolf het bed uit, waarbij hij in z'n haast de tafel omver gooide.
"Dan kan ik je goed opvreten !" brulde hij, op het luid om hulp gillende meisje toespringend.
Gelukkig was Roodkapje's vader net in de buurt aan het jagen. Toen hij haar hulpgeroep hoorde rende hij naar het huisje. Zonder aarzelen schoot hij de wolf neer waarna hij zijn hevig geschrokken dochtertje troostte.
"Maar wat kan er met oma gebeurd zijn?" vroeg Roodkapje zich af: "Zou de wolf haar hebben opgegeten?"
Toen klonk er gebonk uit de kast. Ze maakten de deur open en wie kwam daar uit? Oma! ... Helemaal ongedeerd!! Zo liep alles gelukkig goed af ! Maar je kunt ervan uitgaan dat Roodkapje nooit meer tegen wolven in het bos zal spreken!
Onderwerp
ATU 0333 - Little Red Riding Hood   
AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)   
Beschrijving
Moeder waarschuwt Roodkapje onderweg naar grootmoeder met niemand te praten, maar Roodkapje vertelt de wolf dat ze naar grootmoeder gaat en waar ze woont. Terwijl Roodkapje bloemen plukt gaat de wolf naar grootmoeders huis, stopt haar in een kast, trekt haar kleren aan en gaat in bed liggen. Roodkapje verbaast zich over de grote ogen, oren en tanden van grootmoeder, waarop de wolf haar wil opeten. Roodkapje schreeuwt zo hard dat haar vader, toevallig in de buurt, komt en de wolf neerschiet. Ze bevrijden grootmoeder uit de kast.
Bron
Tadasu Izawa, Kihachiro Kawamoto. Roodkapje. [S.l.]: Atlantis, 1973
KB: KW BJ 52843
Collectie Roodkapje/Karsdorp
KB: KW BJ 52843
Collectie Roodkapje/Karsdorp
Motief
J21.5 - ”Do not leave the highway“:   
K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   
B211.2.4 - Speaking wolf.   
Naam Overig in Tekst
Roodkapje   
Datum Invoer
2019-03-14
