Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ROODKAPJE173

Een sprookje (boek), 1977

Hoofdtekst

Lang geleden leefde er een klein, lief meisje, op wie iedereen die haar kende, dol was. Haar oma had voor haar eens een kleine rode jas gemaakt, waar ook een rood kapje aan zat. Dat jasje zat zo lekker en stond haar zo goed, dat de mensen haar Roodkapje noemden.
Op een dag zei haar moeder tegen haar: 'Roodkapje, ik wil graag dat je deze mand met lekkere dingen naar oma brengt, want ik heb gehoord dat ze ziek is. Er zit een vers brood, een zelfgemaakte cake en een stuk verse boter in.' Haar moeder gaf haar de mand en legde daar een schone witte doek overheen. 'En niet te hard lopen, hoor" zei haar moeder, 'want anders struikel je en valt alles op de grond. Maar ook niet treuzelen, anders ben je zo laat bij oma. Dus gewoon lopen.' Ja moeder, zei Roodkapje. Ze trok haar jas aan met het rode kapje en ging weg.
De oma van Roodkapje woonde in een bos, ongeveer een half uur lopen. Roodkapje liep heel rustig, zonder te rennen of te treuzelen. Opeens kwam zij een wolf tegen. En omdat Roodkapje nog niet wist wat voor een boos dier deze wolf was, was ze helemaal niet bang voor hem. Goedemorgen, Roodkapje, zei de boze wolf. 'Goedemorgen, wolf,' zei Roodkapje. ‘Waar ga jij zo vroeg naar toe? vroeg de wolf. 'Ik ga naar mijn oma, want die is ziek,' zei Roodkapje. Wat zit er allemaal in je mand?' 'Een vers brood, een zelfgemaakte cake en een stuk verse boter.' 'En waar woont je oma?' vroeg de wolf. 'Op een open plek in het bos, in een huisje bij drie eikebomen, met notenstruiken ernaast.’ Wat zal dat een lekker hapje zijn, dacht de wolf terwijl hij hongerig naar Roodkapje keek. Dat oude vrouwtje zal wel minder lekker zijn, maar als ik handig ben, krijg ik ze misschien allebei te pakken.' En als hij niet vlakbij een houthakker bezig had gehoord, zou hij Roodkapje daar al hebben opgegeten, maar hij wilde natuurlijk niet gepakt worden. 'Waarom pluk je niet wat bloemen voor je oma?' vroeg de wolf, 'dat zal ze vast heel fijn vinden nu ze ziek is en zelf niet naar buiten kan.' 'Dat is een goed idee,' zei Roodkapje. Toen ze om zich heen keek, zag ze overal prachtige bloemen staan. Onmiddellijk begon ze een hele grote bos te plukken, terwijl ze naar de fluitende vogels luisterde en naar de kleurige vlinders keek.
Maar de wolf was intussen heel vlug naar de open plek in het bos gelopen, waar de oma van Roodkapje woonde. Hij had geen tijd voor bloemen, vogels of vlinders! Bij het huisje aangekomen, klopte hij op de deur: tok, tok. 'Wie is daar?' vroeg oma meteen zwak stemmetje. 'Ik ben net, Roodkapje,' zei de wolf en probeerde net zo te klinken als de echte Roodkapje. 'Ik heb vers brood bij me, en zelfgemaakte cake en een stuk verse boter.' ‘Trek maar aan het klosje, dan gaat de deur open,' zei oma. De wolf trok aan het klosje en de deur sprong open. Hij liep het huisje in en zag het oude vrouwtje in bed liggen. In een mum van tijd had hij haar opgegeten. Toen trok hij een nachtjapon aan, zette een slaapmutsje op, klom in bed en trok de dekens tot aan zijn neus.
Toen Roodkapje zoveel bloemen had geplukt als ze maar kon dragen, liep ze gauw door naar het huisje en klopte op de deur. Een barse stem riep: 'Wie is daar?' Roodkapje dacht dat haar oma een zere keel had omdat ze zo vreemd sprak, en antwoordde: 'Ik ben het - Roodkapje! Ik heb een boel lekkere dingen van moeder meegebracht: een vers brood, een zelfgemaakte cake en een stuk verse boter.' 'Trek maar aan het klosje, dan gaat de deur open" zei de wolf zo zachtjes mogelijk. Roodkapje trok aan het klosje en ging naar binnen'. De wolf had de deken over zijn snuit getrokken en de nachtmuts over zijn oren getrokken. 'Zet het brood, de cake en de boter maar op tafel,' zei hij, 'en kom dan gezellig bij me zitten.' Roodkapje deed wat haar gezegd werd en trok daarna haar jas uit en ging naast het bed zitten. Ze kon weinig van het gezicht van oma zien, maar ze vond dat het er vreemd uitzag. ‘O, lieve oma, wat hebt u grote ogen!’ zei Roodkapje. ‘Dan kan ik je beter zien, mijn kind,’ zei de wolf. ‘O, lieve oma, wat hebt u grote oren!’ ‘Dan kan ik je beter horen, lieve kind.’ 'Maar lieve oma, wat hebt u grote armen!' 'Dan kan ik je beter omhelzen, mijn kind.' ‘O, lieve oma, wat hebt u lange benen!' 'Dan kan ik harder lopen.' 'Maar lieve oma, wat hebt u grote tanden!' 'Dan kan ik je makkelijker opeten, mijn kind.' En terwijl de wolf dat zei, sprong hij uit bed en at Roodkapje op.
Later op de dag kwam de houthakker langs het huisje en hoorde het harde gesnurk van de wolf. Zo hard heb ik dat oude vrouwtje nog nooit horen snurken, dacht hij. Misschien is ze ziek geworden. Daarom ging hij het huisje binnen en zag daar de wolf in het bed van het vrouwtje liggen slapen. 'Jou ken ik wel, oude rakker,' zei de houthakker, 'al jaren zwerf je hier door het land en je haalt alleen maar nare streken en nog veel ergere dingen uit. Maar nu zal ik ervoor zorgen dat je nooit meer iemand dood kunt maken.' Hij hakte met een zwaai van zijn bijl de kop van de boze wolf eraf. Meteen sprong Roodkapje naar buiten, nog even gezond als altijd en de houthakker hielp oma, die nog zwak en trillerig was van haar nare avontuur, eruit. En Roodkapje beloofde nooit meer te treuzelen of met vreemden te praten wanneer haar moeder haar om een boodschap stuurde!

Onderwerp

ATU 0333 - Little Red Riding Hood    ATU 0333 - Little Red Riding Hood   

AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)    AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)   

Beschrijving

Roodkapje belooft om onderweg naar grootmoeder op te letten. Ze weet niet dat de wolf gevaarlijk is, en vertelt hem dat ze naar grootmoeder gaat en waar ze woont. De wolf verleidt haar om bloemen te plukken, hij gaat naar grootmoeder, klopt aan, doet de stem van Roodkapje na, mag binnenkomen, eet grootmoeder op, trekt haar nachtjapon aan en gaat in bed liggen. Roodkapje verbaast zich over de armen, benen, ogen, oren en tanden van grootmoeder, waarop de wolf haar opeet. Een houthakker die luid gesnurk uit grootmoeders huis hoort, gaat kijken, ziet de wolf en hakt zijn kop af. Roodkapje komt tevoorschijn, belooft voortaan naar moeder te luisteren.

Bron

Ruth Ainsworth. Roodkapje. Utrecht [etc.]: Spectrum, 1977. Oorspr. titel en uitg. Little red riding hood. London: Purnell, 1967
KB: FD 1977 40122
Collectie Roodkapje/Karsdorp

Motief

K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.    K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   

B211.2.4 - Speaking wolf.    B211.2.4 - Speaking wolf.   

J21.5 - ”Do not leave the highway“:    J21.5 - ”Do not leave the highway“:   

Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.    Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.   

Commentaar

Ills Gerry A. Embleton

Naam Overig in Tekst

Roodkapje    Roodkapje   

Datum Invoer

2019-03-18