Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ROODKAPJE212 - Roodkapje

Een sprookje (boek), van zaterdag 01 januari 1910 t/m woensdag 01 januari 1919

Hoofdtekst

Roodkapje
Er was een klein meisje; iedereen had haar lief, doch het meest hield haar grootmoeder van haar; zij wist niet wat zij het kind alles geven moest. Eens gaf zij haar een kapje van rood fluweel, dat stond het meisje zoo goed, dat iedereen haar van dien tijd af "Roodkapje" noemde.
Toen het pinkster was, zeide de moeder: "Kom, kind, breng je grootmoeder een flesch wijn en een stuk koek, zij is ziek en geeft er misschien trek in. Ga echter niet van weg af, en als je bij grootmoeder komt, vergeet dan niet, goeden morgen te zeggen." Roodkapje zeide: "Ik zal zorgen, dat alles in orde komt," en zij gaf haar moeder de hand erop.
De grootmoeder woonde buiten in het woud, een half uur van het dorp. Toen Roodkapje in het bosch kwam, ontmoette zij den wolf, zij wist niet, wat dat voor een dier was en vreesde hem niet. "Dag, Roodkapje," zeide de wolf, "waar ga jij naar toe?" "Ik ga naar grootmoeder, zij is ziek en ik wil haar wijn en koek brengen," antwoordde het meisje. De wolf dacht: "Dat meisje is dik, dus dat zal wel lekker smaken, ik zal het listig aanpakken, dan heb ik een lekker kluifje." Hij liep een eindje naast Roodkapje, toen zeide hij: "Roodkapje, kijk eens naar die bloemen, die langs den weg staan, waarom loop je ze voorbij? Je loopt voor je heen, alsof je naar school gaat en haast hebt en het is toch zoo mooi in het bosch." Snel huppelde Roodkapje langs de boomen, waar alles vol bloemen stond, plukte een mooie struik en zeide: "Als ik grootmoeder een mooie struik mede breng zal zij zeker blij zijn," en toen zij een bloem brak zeide zij: "Dat is niet erg, verderop staan nog veel mooiere," en zij liep erheen, steeds dieper en dieper het bosch in.
De wolf ging regelrecht naar het huis van de grootmoeder en klopte aan de deur. "Wie is daar?" riep de oude vrouw. "Roodkapje, ik breng U wijn en koek, maakt U open?" "Je moet op den klink drukken, dan springt de deur van zelf open, ik ben te zwak om op te staan." De wolf drukte op den klink en de deur sprong open, hij trad binnen zonder een woord te zeggen, ging naar het bed der grootmoeder en verslond haar. Toen deed hij haar kleeren aan en ging op haar plaats in bed liggen en trok het bedgordijn dicht.
Roodkapje had intusschen zooveel bloemen geplukt, dat zij er niet meer dragen kon en liep vol vreugde naar haar grootmoeder. Het verwonderde haar dat de deur open stond en toen zij in de kamer trad werd het haar plotseling angstig te moede. Zij sprak bevend: "Goeden morgen, lieve grootmoeder," doch kreeg geen antwoord. Daarop trok zij het gordijn open, daar lag haar grootmoeder en had haar muts diep in het gezicht getrokken en zag er zoo vreemd uit.
"Maar grootmoeder, wat hebt hij groote ooren." "Dat is om jou beter te kunnen hooren." "Maar grootmoeder, wat hebt U groote oogen." "Dat is om je beter te kunnen zien." "Maar grootmoeder, wat hebt U groote handen." "Dat is om je beter te kunnen grijpen." "Maar grootmoeder, wat hebt U een grooten mond." "Dat is om je beter te kunnen opeten," en toen de wolf dat gezegd had, sprong hij uit bed en verslond het arme Roodkapje.
De wolf ging weer te bed, sliep in en snorkte luid! De jager kwam voorbij en hoorde het snorken. Hij trad in de kamer en vond den wolf. "Vind ik je eindelijk, oude jongen?" zeide de jager. Het viel hem in, dat de wolf wellicht de oude vrouwe, die daar woonde kon opgegeten hebben en daarom sneed hij hem den buik open. Toen sprong Roodkapje uit den buik te voorschijn en riep: "Ach het was zoo donker in den buik van den wolf, wat ben ik blij, dat ik weer licht zie!" Daarop kwam de grootmoeder te voorschijn.
Roodkapje vulde het lijf van den wolf met steenen en toen bij vluchten wilde, viel hij door het gewicht der steenen dood neer. Zij waren allen erg blij, dat Roodkapje en de oude vrouw nog leefden en Roodkapje zeide: "Nooit van mijn leven zal ik weer iets doen, wat mijn moeder mij verbiedt!"

Onderwerp

ATU 0333 - Little Red Riding Hood    ATU 0333 - Little Red Riding Hood   

AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)    AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)   

Beschrijving

Roodkapje gehoorzaamt niet aan haar belofte aan moeder om onderweg naar grootmoeder niet van het pad te gaan. Ze vertelt de wolf die ze tegenkomt, dat ze naar grootmoeder gaat, waarop de wolf haar overhaalt om bloemen te plukken , waarbij ze steeds verder afdwaalt. Ondertussen gaat de wolf naar grootmoeder, klopt aan, doet de stem van Roodkapje na, mag binnenkomen, eet grootmoeder op, trekt haar kleren aan en gaat in haar bed liggen. Roodkapje verbaast zich over de open deur, en het uiterlijk van grootmoeder, en wordt opgegeten door de wolf. Een jager die gaat kijken vanwege het luide snurken, ontdekt de wolf en snijdt zijn buik open, waar Roodkapje en grootmoeder uit komen. Ze vullen de buik van de wolf met stenen, waardoor de wolf als hij wil vluchten, dood neervalt.

Bron

Verhaaltjes van grootmoeder: een aardige sprookjes verzameling. [S.l.]: [s.n.], [191-?]
KB: KW XKR 7183
Collectie Roodkapje/Karsdorp

Motief

J21.5 - ”Do not leave the highway“:    J21.5 - ”Do not leave the highway“:   

K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.    K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   

B211.2.4 - Speaking wolf.    B211.2.4 - Speaking wolf.   

Q426 - Wolf cut open and filled with stones as punishment.    Q426 - Wolf cut open and filled with stones as punishment.   

Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.    Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.   

Naam Overig in Tekst

Roodkapje    Roodkapje   

Datum Invoer

2019-03-28