Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

ROODKAPJE326 - Roodkapje

Een sprookje (boek), 1988

Hoofdtekst

Roodkapje
Er was eens een klein meisje dat samen met haar mama aan de rand van een donker en verlaten bos woonde. Zij hadden een schattig huisje omringd door rozen, viooltjes, korenbloemen, klaprozen en madeliefjes. Uit de schoorsteen van het huisje kwam vaak een heerlijke geur, want de moeder van het meisje kon erg goed koken. Het kleine meisje was zo vriendelijk en zo mooi dat iedereen erg veel van haar hield.
Op en dag zei de mama tegen haar dochtertje:
- "Roodkapje, grootmoeder is ziek. Zou je haar dit mandje met eieren, brood en een potje boter kunnen brengen ?"
- "Natuurlijk mama," antwoordde zij.
- "Maar wees erg voorzichtig, Roodkapje, zei haar mama nog, je weet dat je het hele bos door moet trekken. Wijk niet van het pad af en spreek niet tegen vreemde mensen."
Roodkapje beloofde het en trok het donkere bos in. Maar toen zij in de verte, onder de bomen, bloemen zag staan, dacht zij: "Ik zal wat bloempjes voor grootmoeder plukken, daar zal zij zeker blij mee zijn."
De grootmoeder van het meisje had voor haar een mooi manteltje met een rood kapje gemaakt. Het kleine meisje vond het manteltje zo mooi, dat ze hem bijna altijd droeg. En daarom noemde iedereen haar Roodkapje. De grootmoeder van Roodkapje woonde alleen in een klein huisje aan de andere kant van het bos.
En in dat bos verborg zich een wolf, tussen de bomen en de struiken. Hij lag altijd op de loer en stond klaar om de wandelaar, die het pad zou verlaten, te bespringen.
Opeens dook de wolf op, van achter een boom, en zei:
- "Dag Roodkapje, wat doe jij ?"
- "Ik pluk bloemen voor mijn grootmoeder en breng haar dan dit korfje met eieren, een brood en een potje boter," legde Roodkapje hem uit
De wolf had zin om Roodkapje op te eten maar hij durfde niet want er waren houthakkers in de buurt.
- "En waar woont jouw grootmoeder?" vroeg de wolf.
- "Aan de andere kant van het bos," antwoordde Roodkapje.
- "Je bent erg lief. Pluk haar maar een grote ruiker bloemen. En ik heb een idee: als jij deze weg neemt, neem ik de andere en dan zien we wie het eerst bij jouw grootmoeder aankomt. Tot ziens!" riep de wolf nog.
En weg was hij, langs de kortste weg.
Hij wist heel goed dat hij Roodkapje een langere weg had aangeduid. Zo zou hij het eerst bij haar grootmoeder aankomen.
Hij dacht: "Ik zal éérst de grootmoeder opeten en daarna Roodkapje, als dessert."
De wolf was heel snel bij het huisje van Roodkapjes grootmoeder. Nog hijgend van het harde lopen, klopte hij op de deur.
- "Wie is daar?" vroeg de oude dame.
Met een fijn stemmetje antwoordde de wolf:
- "Ik ben het, Roodkapje, ik breng je eieren, een brood en een potje boter. Doe snel open, ik wil je een dikke zoen geven."
- "Ik ben veel te zwak om op te staan. Trek maar aan de ketting, de deur zal wel open gaan," antwoordde de grootmoeder zonder wantrouwen.
De grootmoeder van Roodkapje lag diep onder de lakens en de dekens genesteld. Haar grote hemelbed was versierd met strikken in rood fluweel. Zij zette zich rechtop in bed en nam haar bril met vergulde montuur.
De wolf opende de deur en stapte naar binnen.
Ondertussen had Roodkapje onderweg een jager ontmoet:
- "Dag Roodkapje, zei de jager. Ik zoek een boze wolf, heb jij hem soms gezien?"
- "Neen, antwoordde het kleine meisje, ik heb alleen een lieve wolf gezien."
- "Wees toch maar voorzichtig!" riep de jager haar nog toe. En hij keek hoe Roodkapje haar weg verder zette.
Toen de grootmoeder van Roodkapje de wolf zag, haastte zij zich naar de kast en sloot zich erin op!
- "Jammer! gromde de wolf. Maar Roodkapje zal veel malser zijn! Ik zal de plaats van de grootmoeder in het grote bed innemen. Roodkapje zal het zeker en vast niet merken."
Hij deed een flanellen nachtkleed van de grootmoeder aan, zette een kanten mutsje op en kroop in het bed. De wolf wachtte ongeduldig op zijn lekkere maaltijd. Even later zag hij door het raam dat Roodkapje aankwam. Zij huppelde over het bospad en naderde al zingend het kleine huisje. De grote ruiker bloemen die zij zopas geplukt had, drukte zij stevig tegen zich aan. Dan trok de wolf de lakens tot aan zijn kin op en sloot de gordijntjes. Roodkapje klopte op de deur.
- "Wie is daar?" vroeg de wolf die de stem van de grootmoeder trachtte na te bootsen.
- "Het is Roodkapje, grootmoeder. Ik breng je eieren, brood en een klein potje boter. Ik heb ook nog in het bos erg mooie bloemen voor jou geplukt. Ze ruiken heel lekker. Ik ben er zeker van dat je er erg blij mee zult zijn. Doe vlug open, grootmoeder, want het wordt al donker."
De wolf herhaalde wat de oude dame gezegd had:
- "Ik voel me te zwak om op te staan. Trek maar aan de ketting, de deur zal wel open gaan!"
De deur ging zachtjes open en Roodkapje stapte, beladen met al haar kadootjes, naar binnen. Ze ging dadelijk naar het grote bed. Ze was wel verwonderd toen ze de pelzen kraag van haar grootmoeder daar zo maar op de grond zag liggen. "Grootmoeder is altijd zo zorgzaam" dacht zij. Roodkapje was erg bezorgd:
- "Ben je heel erg ziek, grootmoeder?"
-"Neen, mijn kindje, antwoordde de wolf die nog steeds de stem van de grootmoeder nabootste. Maar ik voel me wel erg zwak!"
- "Hetgeen ik voor jou meegebracht heb zal je snel weer op krachten brengen" zei Roodkapje overtuigd.
- "Dank je wel! Kom, open de gordijnen nu en kom wat dichterbij want ik heb een verrassing voor jou!" zei de wolf.
Roodkapje opende de gordijnen, kwam dichterbij en zag de oren van de wolf die uit het kanten mutsje staken.
- "Oh! Grootmoeder, wat heb jij grote oren!" riep het meisje.
- "Dat is om je beter te kunnen horen, mijn kind!"
- "Oh! Grootmoeder, wat heb jij grote ogen!"
- "Dat is om je beter te kunnen zien, mijn kind!"
- "Oh! Grootmoeder, wat heb jij lange armen!"
- "Dat is om je beter te kunnen vasthouden, liefje!"
- "Oh! Grootmoeder, wat heb jij grote tanden!"
- "Dat is om je beter te kunnen opeten! zei de wolf terwijl hij uit het bed sprong.
- "Help!" gilde Roodkapje die de wolf herkende.
- "Help! Het is de wolf! Help!"
Op dat ogenblik kwam de jager die Roodkapje gevolgd was om haar te beschermen, indien dat nodig zou zijn, bij het huisje aan. Hij richtte zijn geweer op de wolf. De wolf schrok, sprong door het raam en haastte zich snel weg. Hij is nog steeds aan het weglopen en zal zeker nooit meer naar dat bos terugkeren.
Roodkapje riep heel bezorgd.
- "Grootmoeder, waar ben je? Waar ben je grootmoeder?" tot ze opeens een stukje van het nachtkleed van haar grootmoeder uit de kast zag steken. En Roodkapje riep - "Grootmoeder! Grootmoeder!" terwijl ze de deur van de kast open deed.
Haar grootmoeder had niets kunnen zien of niets kunnen horen terwijl ze in de kast zat. Zij kwam er uit en nam Roodkapje in haar armen. Het kleine meisje vertelde haar het avontuur en allebei bedankten ze de jager heel hartelijk. Daarna namen ze alle drie plaats aan tafel en genoten van al het lekkers dat zich in het mandje bevond.
- "En zorg ervoor dat je wegloopt, Roodkapje, als je nog eens een wolf tegenkomt in het bos!" zei de jager nog vóór hij vertrok.
Daarna keerde Roodkapje naar huis terug en vertelde haar mama alles wat er gebeurd was. Haar mama, die dolgelukkig was dat Roodkapje en haar grootmoeder ongedeerd waren, nam Roodkapje in haar armen en deed haar beloven dat ze nooit meer ongehoorzaam en nooit meer onvoorzichtig zou zijn.
- "Ik beloof je dat ik nooit meer van het pad zal afwijken en dat ik nooit meer tegen vreemden zal spreken. Ik zal nooit meer ongehoorzaam zijn, lieve mama!"
En Roodkapje hield haar woord.

Onderwerp

ATU 0333 - Little Red Riding Hood    ATU 0333 - Little Red Riding Hood   

AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)    AT 0333 - The Glutton (Red Riding Hood)   

Beschrijving

Moeder waarschuwt Roodkapje om onderweg naar grootmoeder op het pad te blijven en niet met vreemden te praten. Ondanks haar belofte plukt Roodkapje bloemen buiten het pad. Daar ontmoet ze de wolf, vertelt dat ze naar grootmoeder gaat en waar ze woont. De wolf wijst haar een langere weg, neemt zelf de kortere. Hij klopt aan, doet de stem van Roodkapje na, mag binnenkomen, grootmoeder sluit zichzelf op in een kast, de wolf trekt nachtkleren van grootmoeder aan, zet een mutsje op, en gaat in bed liggen. Roodkapje verbaast zich over de oren, ogen, armen en tanden van grootmoeder, waarna de wolf Roodkapje probeert te pakken. Ze herkent de wolf, roept om hulp, waar een jager op afkomt, de wolf vlucht als de jager zijn geweer op hem richt. Roodkapje belooft moeder dat ze nooit meer ongehoorzaam en onvoorzichtig zal zijn.

Bron

Roodkapje. Brussel: Byblos, 1988
KB: KW XKZ 1230
Collectie Roodkapje/Karsdorp

Motief

J21.5 - ”Do not leave the highway“:    J21.5 - ”Do not leave the highway“:   

K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.    K2011 - Wolf poses as ”grandmother“ and kills child.   

Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.    Z18.1 - What makes your ears so big?--To hear the better, my child, etc.   

Commentaar

Naar Charles Perrault
Reinaert-serie

Naam Overig in Tekst

Roodkapje    Roodkapje   

Datum Invoer

2019-04-01