Hoofdtekst
Sprookje.
Jantje heeft, behalve een vader, een booze stiefmoeder en een zusje Leentje. De moeder braadt haar stiefkind en kookt er vervolgens soep van. De vader doet zich te goed, zonder te vermoeden, dat hij zijn eigen kind opeet. Leentje verzamelt na den maaltijd de beentjes en werpt deze, al schreiende, onder een boom. Die beentjes veranderen nu in een klein vogeltje. Het diertje vliegt weg en laat bij een molen het volgende gezang hooren:
Mijn moeder heeft mij gebraden,
Mijn vader heeft mij gegeten,
Mijn zusje Leentje heeft de beentjes weggesmeten,
En nu ben ik een klein vogeltje geworden.
De verwonderde molenaar vraagt, het gezang nog eens te mogen hooren, tegen belooning van een molensteen. Met den steen vliegt het vogeltje nu verder naar een goud- en zilverwinkel, laat daar hetzelfde gezang hooren en ontvangt daarvoor gouden en zilveren sieraden. Het eerste geschenk is voor de stiefmoeder bestemd, het tweede voor Leentje; ook voor den vader brengt het iets mee: .... wat?..... Nu keert het weer naar huis terug, roept zijn zusje Leentje en vertelt haar, wat hem eigenlijk overkomen is. Leentje roept nu op zijn aanraden de geheele familie onder den schoorsteen bijeen. De stiefmoeder sterft, het vogeltje wierp namelijk den steen op haar hoofd. De vader en het zusje zijn natuurlijk vreeselijk blij met hunne cadeautjes.
Of Jantje een vogeltje gebleven, dan wel weer 't oude Jantje geworden is, is mij onbekend.
Jantje heeft, behalve een vader, een booze stiefmoeder en een zusje Leentje. De moeder braadt haar stiefkind en kookt er vervolgens soep van. De vader doet zich te goed, zonder te vermoeden, dat hij zijn eigen kind opeet. Leentje verzamelt na den maaltijd de beentjes en werpt deze, al schreiende, onder een boom. Die beentjes veranderen nu in een klein vogeltje. Het diertje vliegt weg en laat bij een molen het volgende gezang hooren:
Mijn moeder heeft mij gebraden,
Mijn vader heeft mij gegeten,
Mijn zusje Leentje heeft de beentjes weggesmeten,
En nu ben ik een klein vogeltje geworden.
De verwonderde molenaar vraagt, het gezang nog eens te mogen hooren, tegen belooning van een molensteen. Met den steen vliegt het vogeltje nu verder naar een goud- en zilverwinkel, laat daar hetzelfde gezang hooren en ontvangt daarvoor gouden en zilveren sieraden. Het eerste geschenk is voor de stiefmoeder bestemd, het tweede voor Leentje; ook voor den vader brengt het iets mee: .... wat?..... Nu keert het weer naar huis terug, roept zijn zusje Leentje en vertelt haar, wat hem eigenlijk overkomen is. Leentje roept nu op zijn aanraden de geheele familie onder den schoorsteen bijeen. De stiefmoeder sterft, het vogeltje wierp namelijk den steen op haar hoofd. De vader en het zusje zijn natuurlijk vreeselijk blij met hunne cadeautjes.
Of Jantje een vogeltje gebleven, dan wel weer 't oude Jantje geworden is, is mij onbekend.
Onderwerp
AT 0720 - My Mother Slew Me; My Father Ate Me. The Juniper Tree   
ATU 0720 - The Juniper Tree   
Beschrijving
Jantje wordt door zijn stiefmoeder gebraden en in de soep verwerkt. Zijn vader eet de soep op. Zijn zusje Leentje gooit de botjes van gaar broertje onder een boom, waar ze in een vogel veranderen. Het vogeltje vliegt naar een molenaar en krijgt een molensteen als beloning voor het zingen van: Mijn moeder heeft mij gebraden, mijn vader heeft mij gegeten, mijn zusje Leentje heeft de beentjes weggesmeten, en nu ben ik een klein vogeltje geworden. Bij een juwelier krijgt hij sieraden. Het vogeltje laat de molensteen op het hoofd van de stiefmoeder vallen.
Bron
Collectie Boekenoogen (archief Meertens Instituut)
Commentaar
eind 19e eeuw
My Mother Slew Me; My Father Ate Me. The Juniper Tree
Naam Overig in Tekst
Jantje   
Leentje   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:22
