Hoofdtekst
Een vrouw komt klagen bij de politie dat haar overbuurman zich altijd staat uit te kleden voor zijn raam en dat zij dat kan zien (wat haar irriteert). Op haar verzoek komt er een agent bij haar thuis om poolshoogte te nemen.
Na een tijdje voor het raam gestaan te hebben, zegt hij: 'Nou mevrouw, ik sta hier nu al een hele tijd, maar ik zie helemaal niets.'
Vrouw: 'Ja maar, als ik een tafel voor het raam zet, en daarop een stoel, en ik ga daarop staan en ik rek me helemaal uit, dan kan ik hem toch echt heel goed zien, hoor!'
(Utrecht, 22-8-1997)
Na een tijdje voor het raam gestaan te hebben, zegt hij: 'Nou mevrouw, ik sta hier nu al een hele tijd, maar ik zie helemaal niets.'
Vrouw: 'Ja maar, als ik een tafel voor het raam zet, en daarop een stoel, en ik ga daarop staan en ik rek me helemaal uit, dan kan ik hem toch echt heel goed zien, hoor!'
(Utrecht, 22-8-1997)
Beschrijving
Een vrouw komt klagen bij de politie dat haar overbuurman zich altijd staat uit te kleden voor zijn raam en dat zij dat kan zien (wat haar irriteert). Op haar verzoek komt er een agent bij haar thuis om poolshoogte te nemen.
Na een tijdje voor het raam gestaan te hebben, zegt hij: 'Nou mevrouw, ik sta hier nu al een hele tijd, maar ik zie helemaal niets.'
Vrouw: 'Ja maar, als ik een tafel voor het raam zet, en daarop een stoel, en ik ga daarop staan en ik rek me helemaal uit, dan kan ik hem toch echt heel goed zien, hoor!'
Na een tijdje voor het raam gestaan te hebben, zegt hij: 'Nou mevrouw, ik sta hier nu al een hele tijd, maar ik zie helemaal niets.'
Vrouw: 'Ja maar, als ik een tafel voor het raam zet, en daarop een stoel, en ik ga daarop staan en ik rek me helemaal uit, dan kan ik hem toch echt heel goed zien, hoor!'
Bron
n.v.t.
Commentaar
22 augustus 1997
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20