Hoofdtekst
Tast toe!
Een mevrouw had in een groot Amsterdams warenhuis gewinkeld en besloot, omdat het lunchtijd was en ze honger had, in het zelfbedieningsrestaurant op de bovenste verdieping een hapje te eten. Bij het buffet koos ze de dagschotel: een kom erwtensoep met een halve rookworst. Ondanks de drukte kon ze een tafeltje vinden. Ze zette haar boodschappentas naast zich op de grond en nam een lepel soep. Maar rookworst zonder brood erbij leek haar toch niet zo lekker, dus liep ze terug naar het buffet om een broodje te halen. Toen ze weer bij haar tafeltje kwam zag ze daar een grote zwarte man zitten, die doodgemoedereerd haar soep oplepelde! Ze wilde geen scene maken, maar ze vond dat ze wel iets moest laten merken, dus ging ze naast hem zitten, pakte de rookworst van het schoteltje, legde hem op haar broodje en nam een hap. Zo aten de man en de vrouw zwijgend naast elkaar. Toen de zwarte man de soep op had liep hij naar het buffet. Hij keerde terug met twee kopjes koffie, en zette er een voor haar neer. Daarna dronk hij zijn eigen kopje leeg, stond op, maakte een plechtige buiging en liep weg. Nu schoot haar ineens te binnen dat ze een boodschappentas bij zich had. Ze keek naar de grond. Hij was weg! Ze stond in paniek op. Toen zag ze haar tas staan naast een naburig tafeltje. Op dat tafeltje stond ook een kom soep met een stuk rookworst.
Een mevrouw had in een groot Amsterdams warenhuis gewinkeld en besloot, omdat het lunchtijd was en ze honger had, in het zelfbedieningsrestaurant op de bovenste verdieping een hapje te eten. Bij het buffet koos ze de dagschotel: een kom erwtensoep met een halve rookworst. Ondanks de drukte kon ze een tafeltje vinden. Ze zette haar boodschappentas naast zich op de grond en nam een lepel soep. Maar rookworst zonder brood erbij leek haar toch niet zo lekker, dus liep ze terug naar het buffet om een broodje te halen. Toen ze weer bij haar tafeltje kwam zag ze daar een grote zwarte man zitten, die doodgemoedereerd haar soep oplepelde! Ze wilde geen scene maken, maar ze vond dat ze wel iets moest laten merken, dus ging ze naast hem zitten, pakte de rookworst van het schoteltje, legde hem op haar broodje en nam een hap. Zo aten de man en de vrouw zwijgend naast elkaar. Toen de zwarte man de soep op had liep hij naar het buffet. Hij keerde terug met twee kopjes koffie, en zette er een voor haar neer. Daarna dronk hij zijn eigen kopje leeg, stond op, maakte een plechtige buiging en liep weg. Nu schoot haar ineens te binnen dat ze een boodschappentas bij zich had. Ze keek naar de grond. Hij was weg! Ze stond in paniek op. Toen zag ze haar tas staan naast een naburig tafeltje. Op dat tafeltje stond ook een kom soep met een stuk rookworst.
Onderwerp
BRUN 06205 - The Packet of Biscuits   
Beschrijving
Een vrouw deelt haar lunch in het zelfbedieningsrestaurant met een zwarte man nadat ze hem aan haar tafel heeft aangetroffen. De man haalt na het eten koffie voor hen beiden en vertrekt dan. Pas dan beseft de vrouw dat een naburig tafeltje haar eigen tafel is en dat ze de lunch van de zwarte man heeft opgegeten.
Bron
Ethel Portnoy: Broodje Aap Met. 1e druk. Amsterdam 1992, p.81
Commentaar
circa januari 1984
The Packet of Biscuits
Naam Locatie in Tekst
Amsterdam   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
