Hoofdtekst
Zand
Kort na de laatste oorlog, toen allerlei goederen schaars waren, zag een douanebeambte iedere week een man met een plunjezak heen en weer de grens over fietsen tussen Nederland en België.
Wanneer hij vroeg wat er in die zak zat antwoordde de man steevast: 'zand'.
Keer op keer liet de argwanende douanebeambte hem de zak legen, om dan te moeten erkennen dat er inderdaad niets anders dan zand in zat. Vele jaren later kwam de beambte, die inmiddels met pensioen was, dezelfde man in een café tegen.
'Vertel me nou eens,' zei hij, 'wat smokkelde jij nou eigenlijk, in die tijd?'
'Fietsen.'
Kort na de laatste oorlog, toen allerlei goederen schaars waren, zag een douanebeambte iedere week een man met een plunjezak heen en weer de grens over fietsen tussen Nederland en België.
Wanneer hij vroeg wat er in die zak zat antwoordde de man steevast: 'zand'.
Keer op keer liet de argwanende douanebeambte hem de zak legen, om dan te moeten erkennen dat er inderdaad niets anders dan zand in zat. Vele jaren later kwam de beambte, die inmiddels met pensioen was, dezelfde man in een café tegen.
'Vertel me nou eens,' zei hij, 'wat smokkelde jij nou eigenlijk, in die tijd?'
'Fietsen.'
Beschrijving
Vlak na de laatste oorlog, toen goederen nog schaars waren, fietst een man telkens de grens tussen België en Nederland over met zakken zand. Een douanebeambte is argwanend maar ontdekt alleen maar zand in de zakken van de man. Jaren later ontdekt de beambte dat de man fietsen smokkelde
Bron
Ethel Portnoy: Broodje Aap Met. 1e druk. Amsterdam 1992, p.86
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20