Hoofdtekst
G: Ja. In heksen geloofden ze hier niet. Daar waren wij Noordhollanders te nuchter voor, geloof ik.
M: Ja. En toch heeft Bakker ook wel verhalen over heksen opgetekend.
G: Ja! Dokter Bakker die had wel verschillende verhalen. Ja, vooral op het gebied van geneeskunde. In mijn prille jeugd - toen was ik zestien jaar - toen kreeg ik acute gewrichtsreuma, en dat was toen veel erger als nu. Want nu is er peniciline. Elke ontsteking die je in wezen krijgt, ken je peniciline krijgen. Maar dat was er toen niet. Dus die acute gewrichtsreuma, dat betekende dus, dat van de kootjes van me tenen, [wijst op alle gewrichten] dat, dat, dat, dat, dat, dat... al wat gewricht was, ook dat [wijst op zijn borst] was verstijfd van de reuma. Dus èh, de zuster die mij verpleegde, ging een leuke bak vertellen, en ik schoot in de lach, maar ik kon niet lachen, door dat schokken van die wervels van die ribben - zo erg was het. De dokter die er toen stond, dokter Parree...
M: Dat was de opvolger van Bakker...
G: ... die vertelde: "Het is een wonder, dat je d'r nog bent, want de meeste gaan er onderdoor, omdat het hart 't niet verwerken ken." Maar mijn hart heb 't verwerkt, en ik ben er door gekommen. Maar het was een ernstige ziekte. Maar toen kreeg ik een oom bij me, en die oom die zei: "Je moet de huid van een bunzing aan repies knippen, en dat trekken... koken... En dat sap, dat moet je drinken. Dat schijnt er goed voor te wezen." Nou waren mijn vader en moeder gelukkig nuchter genoeg om niet zo gek te wezen om 't te doen... Maar zulke verhalen gingen er ook eens.
M: Ja. En toch heeft Bakker ook wel verhalen over heksen opgetekend.
G: Ja! Dokter Bakker die had wel verschillende verhalen. Ja, vooral op het gebied van geneeskunde. In mijn prille jeugd - toen was ik zestien jaar - toen kreeg ik acute gewrichtsreuma, en dat was toen veel erger als nu. Want nu is er peniciline. Elke ontsteking die je in wezen krijgt, ken je peniciline krijgen. Maar dat was er toen niet. Dus die acute gewrichtsreuma, dat betekende dus, dat van de kootjes van me tenen, [wijst op alle gewrichten] dat, dat, dat, dat, dat, dat... al wat gewricht was, ook dat [wijst op zijn borst] was verstijfd van de reuma. Dus èh, de zuster die mij verpleegde, ging een leuke bak vertellen, en ik schoot in de lach, maar ik kon niet lachen, door dat schokken van die wervels van die ribben - zo erg was het. De dokter die er toen stond, dokter Parree...
M: Dat was de opvolger van Bakker...
G: ... die vertelde: "Het is een wonder, dat je d'r nog bent, want de meeste gaan er onderdoor, omdat het hart 't niet verwerken ken." Maar mijn hart heb 't verwerkt, en ik ben er door gekommen. Maar het was een ernstige ziekte. Maar toen kreeg ik een oom bij me, en die oom die zei: "Je moet de huid van een bunzing aan repies knippen, en dat trekken... koken... En dat sap, dat moet je drinken. Dat schijnt er goed voor te wezen." Nou waren mijn vader en moeder gelukkig nuchter genoeg om niet zo gek te wezen om 't te doen... Maar zulke verhalen gingen er ook eens.
Onderwerp
TM 4302 - Volksgeneeskunde   
Beschrijving
Verteller kreeg van een oom te horen wat hielp tegen zijn gewrichtsreuma: het vel van een bunzing in repen knippen, koken en dat vocht opdrinken.
Bron
interview op 3 februari 1998 (band archief Meertens Instituut)
Commentaar
3 februari 1998
Volksgeneeskunde
Naam Overig in Tekst
Noordhollander   
Cornelis Bakker   
P.T.J. Parree   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
