Hoofdtekst
Jantje zit allemaal mieren dood te trappen. De pastoor komt langs en vraagt hem waarom hij dat doet.
Jantje: "Mieren hebben toch geen functie."
Pastoor: "Alle dingen hebben een functie. Als je mij drie dingen kunt noemen die geen functie hebben, dan mag je van mij die mieren dood trappen."
Jantje: "De tieten van een non, de lul van een pastoor, en deze verdomde rotmieren."
(Eindhoven. Doorgestuurd door Jeske van Dongen op 26 mei 1998)
Jantje: "Mieren hebben toch geen functie."
Pastoor: "Alle dingen hebben een functie. Als je mij drie dingen kunt noemen die geen functie hebben, dan mag je van mij die mieren dood trappen."
Jantje: "De tieten van een non, de lul van een pastoor, en deze verdomde rotmieren."
(Eindhoven. Doorgestuurd door Jeske van Dongen op 26 mei 1998)
Beschrijving
Een jongen trapt mieren dood en de pastoor spreekt hem aan op zijn gedrag. De pastoor daagt de jongen uit tot een weddenschap en verliest.
Bron
n.v.t.
Commentaar
26 mei 1998
Naam Overig in Tekst
Jantje   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
