Hoofdtekst
Een Nederlandse winkelier heeft in de la van zijn kassa een spiegel liggen.
Een Marokkaanse medewerker vraagt of de man zichzelf zo graag ziet.
"Nee, dat niet," zegt de winkelier, "maar als er wat uit de kassa wordt gehaald, wil ik wel graag zien of ik het ben."
(Verteld in Utrecht, 29 mei 1998)
Een Marokkaanse medewerker vraagt of de man zichzelf zo graag ziet.
"Nee, dat niet," zegt de winkelier, "maar als er wat uit de kassa wordt gehaald, wil ik wel graag zien of ik het ben."
(Verteld in Utrecht, 29 mei 1998)
Beschrijving
Een Nederlandse winkelier heeft in de la van zijn kassa een spiegel liggen.
Een Marokkaanse medewerker vraagt of de man zichzelf zo graag ziet.
"Nee, dat niet," zegt de winkelier, "maar als er wat uit de kassa wordt gehaald, wil ik wel graag zien of ik het ben."
Een Marokkaanse medewerker vraagt of de man zichzelf zo graag ziet.
"Nee, dat niet," zegt de winkelier, "maar als er wat uit de kassa wordt gehaald, wil ik wel graag zien of ik het ben."
Bron
n.v.t.
Commentaar
29 mei 1998
Deze mop wordt in Noord-Marokko verteld over de 'stommelingen' in Zuid-Marokko, maar in Nederland vertellen de Marokkanen ze soms over 'domme' Nederlanders.
Naam Overig in Tekst
Nederlander   
Marokkaan   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
