Hoofdtekst
Maar hier aan de kapel hier.ZEKER, daar, zo dikwijls als zij (Betje) doorkwam. Maar altijd zo een fijn stemmeke: 'Lisebetsje, Lisebetsje'.Betje: Zo fijn, dat kunnen we niet nadoen.Wij gingen eens op een morgen naar Hasselt, met de velo nog, wor. En het was niet heel klaar. Wij gingen naar het H. Paterke voor Zjang zaliger. Ik weet niet wat we moesten kopen voor hem.Betje: Luister!Dilleke: En ik was bij haar en ik zeg: Wij leggen onze velo's neer en we gaan rond het kapelleke en we kijken goed over de muur of we iets zagen. Ik zeg: 'Hier moet toch iets zitten... dat nonneke, dat zo fijn roept...'Betje: En zo dikwijls als ik daar doorkwam, riep dat op mij. En toen zegt onze Hermes nog - hij woont nu op Rozendaal - 'Awel, ik ga naar mijnheer pastoor toe en ik zeg het tegen hem dat hij met u meegaat.' En dat riep altijd drie keren op mij, hier aan het kapelleke en zo fijn, wor... zo fijn kan niemand roepen. En ze hielden daar de gek mee en ik en ons ma zijn rond de kapel gelopen en ge hoorde het heel goed.Dilleke en Betje: Ja, heel goed.Betje: En nu heb ik zolang niet meer kunnen gaan en nu kom ik daar niet. Ik zeg alle dagen tegen moeder: 'Ik wou dat ik nog eens ging naar dat kapelleke.'
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Telkens wanneer Betje over het veldweggetje bij de kapel liep, hoorde ze een fijne stem die zei: "Lisebetsje, Lisebetsje, Lisebetsje". Op een dag reden Betje en Dilleke samen met de fiets naar Hasselt om voor Zjang naar het Heilig Paterke te gaan. Bij de kapel stopten de vrouwen om te achterhalen vanwaar die vreemde stem kwam. Nooit zijn ze er achter gekomen.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
t
memoraat
Naam Overig in Tekst
Betje   
Dilleke   
Lisebetsje   
Zjang   
Heilig Paterke (Hasselt)   
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
Plaats van Handelen
Hasselt   
