Hoofdtekst
In Lauw in de molen zat ene, die wis(t) op alles iet te antwoorden. Die ging met ter duvel om en op alleman wist er iet, ze konden hem nie wegkrijgen. Toen kwam ene pastoor bij hem, en tegen die zeiter: 'zjiè he(b)t maar ee(n) mikske gepak(t), zjiè kunt mich uitkrijgen.' Toen hebben ze hem in de kolek verdronken.
Beschrijving
In de molen van Lauw zat een man die met de duivel omging. Toen de pastoor de man wilde wegjagen, sprak de kerel: "Jij kan mij hier niet weg krijgen, want jij hebt vroeger een wit brood gestolen bij de bakker!" Uiteindelijk heeft men de man verdronken.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
3.1 Duivels
limburgs (tongeren en omstreken)
1069
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Lauw-molen   
Naam Locatie in Tekst
Koninksem   
Plaats van Handelen
Lauw   
