Hoofdtekst
Beschrijving
In de kerk had de pastoor over toverij gepredikt. Na afloop van de mis sprak een vrouw tot een vriendin: “Wat denk jij van die preek? Denk jij ook dat ik een toveres ben?” Daarop antwoordde de vriendin: “God weet wat jij bent, ik weet niet wat jij bent. Ik weet wat ik ben en God weet wat jij bent. Al was je één van de grootste toveressen ter wereld, dan nog zou ik van jou niet bang zijn”. Daarop sprak de vrouw: “Mag ik je kind eens op mijn schoot nemen?” De vriendin dacht bij zichzelf ‘God, ik stel mijn kind onder uw bescherming’ en antwoordde: “Ja, neem het kind maar eens op je schoot”.
Bron
F. Vandesype, Leuven, 1977
Commentaar
2.1 Heksen
brabants (zuid-west)
133D
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Edingen   
