Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0053_0053_20749

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

O’k ik in Rijsel wos – want ‘k doste ik dor niet meer wunnen – kocht ‘k ik voor mijn vint iedere dag e gazette want ‘k zeijn ik niet geleerd en hij wel. En up e dag zagge ‘k ik die vier koppen. ’t Is e jor of tjestig geleên. Weet je wor dat ze de kop ofgedon geweest zijn? In Douai, olle viere. De vier moordenaars èn de kop ofgedon geweest en d’andre èn gestraft geweest voor levenslang, drie vromenschen, Pollets zuster en ol d’andre ‘k weten dat niet meer. Pollet is genommen geweest deur zijn zuster in e scheure oender ’t strooi. Enn’had hem dor gedoken want de zendarmes zaten up ulder hielen. Zijn zuster zei: "Stik joen oender ’t strooi." En o de zendarmes kamen zei ze: "Ne zit oeder ’t strooi." Ze wos zij moe van bandiete te zijn.

Onderwerp

SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.    SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   

Beschrijving

Een vrouw die in Rijsel woonde, zag op een dag de bende van Pollet in de krant staan. In Douai werden de vier moordenaars onthoofd. De andere rovers van Pollet, onder wie drie vrouwen, kregen een levenslange gevangenisstraf. Toen de politie hem op de hielen zat, verborg Pollet zich op aanraden van zijn zus in het hooi. Bij de aankomst van de politie heeft zijn zus hem verraden.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (vrijbos)
23E
Zestig jaar geleden, aldus de informant
memoraat

Naam Overig in Tekst

Pollet    Pollet   

Pollet (bende van)    Pollet (bende van)   

bende van Pollet    bende van Pollet   

Naam Locatie in Tekst

Langemark    Langemark   

Plaats van Handelen

Douai    Douai   

Rijsel    Rijsel