Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MSAGA0188_0188_20122 - De Stevenisten (1) en hun macht

Een sage (mondeling), 1955

Hoofdtekst

’t Was een ouvrière die bij mijn zuster wrochte. Ze was een jaar of negentien, twintig. Een snel (mooi) meiske. Op ne zekere keer was ze gejaagd. Dat gebeurde dikwijls ’s avonds als ze naar huis moest gaan. Ze was gejaagd, ze kon niet meer blijven.Jules Smet zat er achter en hij wandelde voor de deure, maar ze riep: "’k En genen tijd, ik en heb geen tijd, ‘k moet naar huis." Ze moest er niet van weten. Ze liep in volle angst naar huis en heur moeder zei: "Ah, ge zijt daar!" Ze was bezig met spellekes in een brandende keerse te steken. ‘k Heb die spellekes nog gezien. Da meiske zei dat heur moeder een Steveniste was.

Beschrijving

Een meisje van negentien of twintig jaar werkte bij een vrouw. Wanneer het meisje 's avonds naar huis ging, was ze vaak gehaast. Ze riep dan: "Ik heb geen tijd, ik moet naar huis!" Bij haar thuiskomst zag het meisje dat haar moeder spelden in een brandende kaars aan het steken was. Het meisje beweerde dat haar moeder bij de Stevenisten (1) was.

Bron

M. Sagaert, Leuven, 1955

Commentaar

4. Historische sagen
west-vlaams (zuiden)
233
Zus van de informant
fabulaat
(1) De Stevenisten waren leden van een sekte die omstreeks 1812 zou zijn ontstaan. Velen onder hen werden voor tovenaars aanzien.

Naam Overig in Tekst

Stevenisten (sekte)    Stevenisten (sekte)   

Naam Locatie in Tekst

Kortrijk    Kortrijk