Hoofdtekst
Ene boer van Oleye kresjeirde (verkeerde) hai met e mètske van het deurp. Zekere doag koem hij wier noa Heers en koem enige mannen tegen. Hij zaag tegen hen: 'Ich geun mee, mai ich geun langs aater deur het bos en tref oech ginds wel.' De mannen goenken verder en toen ze boven op het bergske koemen stoend do ene groete hond veur heun. Het was dei boer van Oleye woa zich in ene hond kos veranderen.
Onderwerp
SINSAG 0805 - Werwolf in Hundesgestalt als Begleiter (verrädt sich am folgenden Tag).   
Beschrijving
Een boer uit Oleye ging vaak op bezoek bij zijn vriendin in Heers. Op een dag kwam de boer onderweg enkele mannen tegen, tot wie hij sprak: "Ik ga met jullie mee, maar ik ga eerst een stukje door het bos. Daarginds zal ik jullie wel zien". Toen de mannen op het bergje waren, stond er een grote hond op de weg. De boer kon zich in een hond veranderen.
Bron
R. Jageneau, Leuven, 1965
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (borgloon)
475
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Heers   
Plaats van Handelen
Oleye   
Heers   
